Tagarchief: arnon grunberg

De dood in Taormina – Arnon Grunberg; Een verrassende afloop

Arnon Grunberg is, wat mij betreft, op dit moment de meest originele schrijver. Vervreemding, absurdisme en onverwachte wendingen zitten in al zijn boeken. Een gevaar dat hierdoor op de loer ligt, is dat de schrijver het absurdisme teveel doorvoert. In deze roman is dat zeker niet het geval; Grunberg rekt de randjes precies voldoende op zonder volledig uit de bocht te schieten. Net voldoende om je blik op de wereld weer eens even lekker te verzetten en alles net weer anders te gaan zien.

Als hoofdpersoon Zelda acht jaar is, gaat haar moeder een wereldreis maken en blijft Zelda alleen met haar vader achter. Moeder komt niet meer terug van haar reis. Het blijkt dat haar moeder haar grote liefde Romy gevonden heeft in Toronto in Canada en niet meer van plan is om terug te keren naar Nederland. Jaarlijks wordt Zelda op het vliegtuig gezet om haar moeder te bezoeken. Haar vader, die in energie handelt, vertrekt samen met zijn dochter naar China om daar te wonen en het verlies van zijn partner en haar moeder te verwerken. Na enkele jaren keren ze weer terug naar Nederland en gaat Zelda bij een jeugdbende. Ze wordt lokeend. Zij lokt mannen naar een bepaalde plek en vervolgens bestelen haar metgezellen de man in kwestie. Haar vader heeft er geen weet van, maar vermoedt wel veel. Zelda moet hem beloven dat ze later dood zal gaan dan hij en die plechtige belofte doet ze. Daarmee komt een eind aan haar leven als lokeend en stapt ze uit de jeugdbende. Zelda gaat al haar wetenswaardigheden bijhouden in een notitieboekje. Op een dag verliest ze het boekje en wordt het gevonden door de operaregisseur Rasmus. Als hij haar d’r boekje teruggeeft, vraagt hij of ze zijn assistent wil worden. Hij wil een opera maken over Aleppo. Een componist en een librettist heeft hij al; haar taak wordt het om de librettist met informatie over Aleppo te voeden. Ondertussen is Rasmus bezig in Zürich aan de opera ‘The death of Klinghoffer’ van John Adams. In die opera speelt de oudere maar beroemde acteur Jona een bescheiden rolletje als spreker.

Jona vraagt Zelda om mee naar zijn moeder te gaan. Zijn moeder praat al jaren niet meer met hem  en hoe hij ook bidt en smeekt, ze doet de deur niet voor hem open. Wellicht dat Zelda, als zijn zogenaamde nieuwe vriendin, zijn moeder kan vermurwen. Maar nee, de moeder van Jona laat zich niet vermurwen als Zelda samen met Jona voor de deur staat. Wat wel ontstaat is ‘iets’ tussen Jona en Zelda.

Jona heeft wel een gezin en een huis, maar daar wil hij niet meer wonen. Hij heeft, volgens eigen zeggen, geen vaste woon- of verblijfplaats. Hij wil zich aan niets en niemand binden en daarom gaat hij van de één naar de ander. Ook woont hij soms een tijd in een hotel, maar hij is nergens thuis en dat wil hij ook niet. Zo woont hij ook een tijdje bij Zelda. Zelda houdt van Jona. Ze trekken veel met elkaar op. Hij koopt een boot waar ze een tijd gaan wonen. Als de opera over Aleppo geschreven en gecomponeerd is, gaat hij onder regie van Rasmus opgevoerd worden. Tijdens de repetities ontmoet Zelda de Zweedse jongen Per die een scenario aan het schrijven is. Ook met hem gaat ze een verhouding aan. Als Zelda met Jona op vakantie naar Taormina op Sicilië gaat, vraagt ze ook Per daarheen te komen. In Taormina hebben ze een ménage à trois.

Aldus het verhaal. Hoewel je gedurende het lezen van de roman steeds vage tekenen tegenkomt van de absurde wending die het verhaal gaat nemen, ben je je er niet van bewust welke kant het uiteindelijk uitgaat. Maar dat moet je ook niet weten want dan gaat de verassing verloren. Die verassing ga ik hier dus ook niet opschrijven.

Nou wil ik natuurlijk niet psychologiseren en wat er niet staat kan je niet lezen, maar herkennen we in Jona niet de schrijver zelf? Vertelt Grunberg niet regelmatig dat hij eigenlijk acteur had willen worden? Is het niet zo dat Grunberg vaak vertelde over de hechte haat-liefde relatie die hij met zijn moeder had. Zijn laatste romans gingen zo ongeveer over de relatie tussen vader/moeder en zoon. Is het niet zo dat nu Grunbergs moeder overleden is, ze haar deur nooit meer voor hem zal (kunnen) openen, zelfs niet als hij zijn nieuwe vriendin (en kleinkind) komt voorstellen. Nee, het staat er niet, maar je kunt het wel denken en verzinnen. Omdat ik op mijn eigen website schrijf, mag ik eigenlijk helemaal alles schrijven. Gewoon omdat het leuk is!

Houdt Zelda zich aan de belofte aan haar vader? Je weet het als je de roman uit hebt!

Een lekkere roman, kortom, waar ik van heb genoten, zoals ik, trouwens, van de meeste romans van Arnon Grunberg genoten heb!

Arnon Grunberg – Bezette gebieden; een fantastisch vervolg!

Net nu ik bijna dagelijks bezig ben met de jodenvervolging en de tweede wereldoorlog vanwege Fré Cohen, lees ik ‘Bezette gebieden’ van Arnon Grunberg en of het toeval is, ik weet het niet, maar deze roman gaat net zo goed over de holocaust. Grunberg bouwt een roman rondom een steeds geïsoleerder rakende groep joodse mensen die met het idee leeft dat de wereld – nu zijn het Palestijnen in plaats van Duitse nazi’s – de joden wil uitroeien en dat de joden alles op alles moeten zetten om de ‘soort’ te behouden door zoveel mogelijk kinderen te krijgen. Kinderen krijgen als obsessie. En dan heb ik nog niet eens zo heel lang geleden de Netflix serie ‘Orthodox’ gezien en jawel, ook daar een hele kleine steeds geïsoleerder rakende groep joden met een obsessie voor het maken van kinderen en een erfangst voor uitroeiing. Hoewel de Netflix serie best aardig was, is de roman ‘Bezette gebieden’ van Arnon Grunberg een meesterwerk. In Grunbergs werk vind je bijna altijd de jodenvervolging terug en de angsten en de obsessies, maar wel helemaal op zijn eigen originele wijze. Dan weer realistisch, dan weer ironisch en hilarisch en heel vaak absurdistisch. Wat betreft lezen ben ik nog steeds een bofferd, want ook ‘Bezette gebieden’ van Arnon Grunberg is een heerlijk boek waar ik met volle teugen van genoten heb, en dat na al die prachtige boeken die ik de afgelopen tijd gelezen heb! Het boek daagt je uit om naar je eigen grenzen te kijken; moreel, maar ook intellectueel.

Eigenlijk is ‘Bezette Gebieden’ ‘Moedervlekken’ deel twee. Het verhaal gaat in ‘Bezette Gebieden’ door waar ‘Moedervlekken’ geëindigd is. Hoofdpersoon is weer psychiater Kadoke (de laatste lettergreep uitspreken met klemtoon en met een lange ‘e’), die zijn oude moeder moet verzorgen. Zijn oude moeder is eigenlijk zijn oude vader, maar toen moeder overleed was vader zo diep in de rouw dat dat alleen maar kon worden opgelost door de volledige overname van de moeder door de vader. Vader wordt moeder. Moeder heeft dus een piemel. Kadoke is gespecialiseerd in het voorkomen van zelfmoord. Voor één patiënt waarbij alle therapieën niet kunnen voorkomen dat ze zichzelf snijdt en dat ze bleekwater drinkt, verzint hij een alternatieve therapie; als ze voor iemand anders zou moeten zorgen, dan heeft ze wellicht geen tijd meer voor haar suïcidepogingen en omdat Kadoke juist op dat moment niemand heeft om voor zijn moeder te zorgen, laat hij de suïcidale Michette voor zijn moeder zorgen als alternatieve therapie. Daar eindigde ‘Moedervlekken’.

Dat is dus het beginpunt van ‘Bezette Gebieden’. Maar dan heeft Michette een vriend gekregen. Een schrijver. (Herkennen we Arnon Grunberg in de schrijver?) Hij gebruikt Michettes verhaal in een roman. ‘Alternatieve therapie’ wordt in deze roman ‘misbruik’. Michette dikt ondertussen het ‘misbruik’ nog wat sterker aan; maakt er ook nog seksueel misbruik van en lijkt te genieten van de aandacht. De roman wordt een daverend succes en Kadoke wordt herkent als de dader. Langzaam verliest Kadoke alle grip op de gebeurtenissen en lijkt de race naar de afgrond onafwendbaar.

Op het moment dat het helemaal misgaat, transformeert zijn moeder weer naar zijn vader en staat ineens zijn onbekende achternicht Anat voor de deur. Anat komt uit Israël en is lid van een vrome geloofsgemeenschap onder leiding van een in New York levende in coma verkerende rabbijn. Ze heeft net een mislukt – want kinderloos – huwelijk achter de rug en studeert wiskunde en is bezig met haar promotieonderzoek naar de rol van het toeval. Kadoke wordt verliefd op Anat terwijl de wereld voor hem instort. Hij komt voor de tuchtraad en mag het beroep van psychiater nooit meer uitoefenen.

Samen met zijn vader reist Kadoke naar Israël. Anat blijkt te wonen in een illegale nederzetting op de westelijke Jordaanoever. Kadoke wordt als een verloren zoon opgenomen in de gemeenschap en krijgt samen met zijn vader een caravan. In eerste instantie wil Anat niet veel met hem te maken hebben op liefdesgebied, maar dan verbreekt Kadoke de patstelling door rond te bazuinen dat hij de verloofde van Anat is. Het blijkt dat de hele gemeenschap al tijden bidt voor een nieuwe echtgenoot voor Anat. Van een gevallen psychiater verandert Kadoke voor de gemeenschap in ‘Het Wonder’. Op dat moment kan Anat ook niet meer terug. Maar voordat Anat en hij gaan trouwen krijgt de moeder van Anat (die veel gelijkenis vertoond met de spreekwoordelijke schoonmoeder) in haar droom van de New Yorkse rabbi door dat Kadoke getest moet worden. Schoonmoeder moet testen of de nieuwe echtgenoot van haar dochter niet opnieuw zo’n ‘impotente jood’ is. Eén van de meest absurdistische en gênantste scenes die ik de afgelopen jaren gelezen hebt, ontvouwd zich voor je lezersoog.

Maar ook nadat Anat en Kadoke getrouwd zijn is het – uiteraard – nog lang niet op. Tijdens hun wekelijkse paring, dient Kadoke een SS-pet op te zetten. Anat smeekt dan of ‘dit kleine jodinnetje alsjeblieft nog een nachtje mag blijven leven als ze heel lief is voor meneer Oberstürmbahnführer’. Ondertussen hebben in werkelijkheid volgens Anat de Palestijnen de rol van de nazi’s overgenomen. Als Kadoke als dramadocent gaat werken in Jeruzalem in een gemengde school, weet Anat het zeker; Kadoke gaat verraad plegen en samenspannen met de mensen die de joden willen uitroeien…

Het lijkt alsof de orginaliteit en de fantasie van Arnon Grunberg geen grenzen kent; elke roman getuigt van zoveel originaliteit en er lijkt geen einde aan te komen. Ondertussen blijft zijn hele oeuvre drijven op een zeer serieuze onderstroom en dat is zonder meer de holocaust.

Samenvattend: ‘Bezette Gebieden’ en ‘Moedervlekken’ zijn twee fantastische boeken die je afzonderlijk kunt lezen, maar dan ben je een domoor want je hebt dubbel plezier als je ze alle twee leest.

Arnon Grunberg – Moedervlekken; een absurdistisch-realistisch hoogtepunt.

Deze roman gaat hoog scoren bij mijn eigen Librisliteratuurprijs 2017. Wat een verhaal en wat een ideeën rijkdom! Met absurdistische wendingen die zomaar realistisch worden. Fantastisch. Wel zo hier en daar een minpuntje, maar over de hele linie een fantastisch roman die me vanaf het begin in zijn greep kreeg en waarvan ik op de laatste pagina jammer genoeg afscheid moest nemen. Boeiend ondanks alle filosofische en psychiatrische uitstapjes. Je vraagt je na het lezen van de roman af wat je nu precies gelezen hebt: Een roman waarin Grunberg afscheid heeft willen nemen van zijn moeder met wie hij een sterke band had. De biografie van Grunberg geeft daar wel aanleiding toe. Wilde hij een verhandeling schrijven over zijn visie op de psychiatrie: Voor een schrijver natuurlijk heel veel over te zeggen. Sinds Freud speelt de psychiatrie een grote rol in de literatuur. Of wilde Grunberg een roman schrijven waarin nauwelijks voorstelbare gebeurtenissen en personages tot een realistisch verhaal kunnen leiden? Want hoe vaak vind je nou een moeder die eerst vader was maar om de dood van de ‘echte’ moeder te verwerken, moeder werd? Of waar vind je zo’n in het extreme in protocollen denkende psychiater die zo makkelijk de protocollen links laat liggen? Juist ja, bij Arnon Grunberg in zijn romans. Waarschijnlijk is de roman een mengelmoes van alles. Het laat zich niet zo makkelijk duiden.

Hoofdpersoon in de roman is psychiater Kadoke. Hij werkt bij de crisisdienst en zijn taak is het om mensen van zelfmoord te weerhouden. Hij heeft een oude moeder die zorg behoeft. Daarom wonen er bij zijn moeder twee Nepalese meisjes die haar verzorgen. Met een van de twee denkt hij ‘iets’ te hebben. Maar dat ‘iets’ blijkt niet wederzijds. Haar vriendje komt verhaal halen en vervolgens gaan beide meisjes bij moeder weg en staat hij alleen voor de verzorging van zijn moeder. Via een advertentie hoopt hij een bejaardenverzorgster te vinden. De verzorgster die er uiteindelijk op af komt, ontdekt dat moeder eigenlijk vader is. Daarom neemt ze de baan als verzorgster niet op zich. Ondertussen draait Kadoke nachtdienst samen met arts-assistente Dekha. De eerste patiënt die ze samen zien is iemand waarvan Dekha vindt dat hij opgenomen moet worden. Kadoke vindt dat te ver gaan. De man pleegt zelfmoord. De volgende patiënt die ze zien is Michette. Een jonge vrouw met een borderline stoornis. Ze zit onder de littekens van het snijden in zichzelf en drinkt nu schoonmaakmiddelen. Kadoke vindt dat ze tegen haar zin opgenomen moet worden. Dekha vindt van niet. Als Kadoke de volgende dag informeert naar Michette, blijkt dat ze alweer ontslagen is. Kennelijk had Kadoke weer de verkeerde diagnose gesteld.

Tegen alle regels in gaat Kadoke op bezoek bij Michette om zijn excuses aan te bieden omdat hij kennelijk de verkeerde diagnose had gesteld. Hij laat zich verlijden tot het geven van zijn prive-telefoonnummer. Niet veel later belt ze hem op omdat ze nu wél opgenomen wil worden. Kadoke biedt Michette spontaan een alternatieve therapie aan. Een therapie die nog niet bestaat. Een therapie die alle protocollen aan zijn laars lapt. Michette moet bij moeder gaan wonen en moeders verzorgster worden. Michette stemt hiermee in.

Als het Michette inderdaad lukt om stabiel te worden en niet meer dood te willen en ze moeder verzorgt, sluit Kadoke de alternatieve therapie af. Om Michette een overgangsperiode te gunnen van verzorgster in het huis van moeder (en zoon Kadoke), naar volledige zelfstandigheid, brengt Kadoke Michette onder in het Zeelandse hotel van Michette d’r ouders. Moeder gaat een tijdje bij Michette in Zeeland wonen… En dat is het einde van het verhaal.

De personen en het verhaal hebben karikaturale absurdistische trekken. Neem Michette. Ze drinkt niet alleen bleekwater, maar ze biedt Kadoke ook een glaasje aan. Ik weet niet of zulke personen echt bestaan…maar in mijn ogen klinkt het redelijk absurd. Of moeder die eerst vader was. Toen moeder overleed was er maar een manier om voor vader haar dood te verwerken; zelf transformeren tot de vrouw die dood ging. Inclusief alles. Haar nukken en haar leuke kanten maar ook haar holocaust verleden. Of Kadoke zelf. Zijn manier om naar mensen te kijken en naar lijdende mensen te kijken is helemaal volgens protocollen. Alles wat hij doet lijkt ingegeven door regels die vastliggen. Tot in het absurde. Aan de andere kant brengt Grunberg alle personages samen en beleven ze een bijna realistisch verhaal. Maken ze een realistische ontwikkeling door. Vandaar dat ik absurdistisch-realistische roman geen slechte karakterisering vind. In die zin vind ik de roman prima in zijn hele oeuvre passen omdat veel personages ook in andere romans absurdistische trekjes hebben. Neem bijvoorbeeld de hoofdpersoon uit ‘De Joodse Messias’.

Je zou het verhaal ook heel symbolisch kunnen zien vanuit de biografie van Arnon Grunberg. Je zou kunnen zeggen dat Kadoke, als Grunbergs alter-ego, uiteindelijk zijn moeder, samen met al haar nukken wegbrengt naar een oord hier ver vandaan (de dood?) maar dat ze altijd toch in zekere zin, dichtbij blijft. Dat moeder vader is, voegt een psychologische dimensie toe. Moeder noemt Kadoke regelmatig ‘vadertje’ en op een gegeven moment zegt hij zelfs dat hij de vader en de zoon is en daarmee, volgens mij, dat de roman zelf de heilige geest; Kadoke is Grunberg en in de roman is hij de scheppende kracht.

Laten we het gewoon bij het verhaal houden. Niet wat ik erbij fantaseer. Zonder dat fantaseren is het boek al rijk genoeg. Echt een heel goede roman; ik heb ervan genoten.

Eén aspect was wat mij betreft niet helemaal geloofwaardig. Kadokes verhouding met vrouwen kon ik niet helemaal plaatsen. Voor iemand die zo verzot is op protocollen en zo zijn gevoelsleven buitenspel zet en zo recht in de leer is, kan ik me moeilijk voorstellen dat veel vrouwen voor hem vallen. Michette probeert hem met alles te verleiden en zegt ook verliefd op hem te zijn. Ook Dekha is erg verliefd op hem. Ik kan dat niet helemaal plaatsen…

Of deze roman een hoogtepunt in zijn oeuvre is, weet ik niet echt. Maar dat maakt even niets uit.

Wil de PVV meer democratie?

Vandaag onderschrijft Arnon Grunberg wat ik denk en al vaker betoogd heb; de PVV is een antidemocratische partij. Grunberg schrijft over de PVV en Geert Wilders en hoe wij, als verstandige Nederlanders, zijn beweging het best tegemoet kunnen treden. Dat is volgens Grunberg, door goed te luisteren naar de mensen die op hem stemmen. Goed luisteren is niet PVV-stemmers laten meestemmen. Goed luisteren is het gedrag van de PVV goed bestuderen.

Neem mijn partij. Mijn partij reageert op Wilders’ beweging door haar democratie te verhogen. Ze redeneren zo, dat als we burgers meer inspraak geven, meer laten meebeslissen met van alles en nog wat, dat ze dan ook meer geneigd zijn om op ons te stemmen. Bij de lijsttrekkersverkiezingen bijvoorbeeld willen ze daarmee gaan experimenteren. Normaal mogen alleen leden stemmen; de leden gaan erover wie hun partijleider wordt. Maar om de democratie op een hoger plan te tillen werd het flitslid uitgevonden. Voor een luttel bedrag wordt het mogelijk om lid te worden. Als lid mag je meestemmen en na het stemmen kan je je lidmaatschap weer opzeggen. De PvdA geeft niet-leden de mogelijkheid om mee te stemmen over gewichtige zaken binnen de partij.

Zorgt dat er nou voor dat diezelfde mensen dan ook massaal op de PvdA gaan stemmen en niet kiezen voor Geert Wilders? Nee, betoogt Grunberg. Mensen die op de PVV stemmen willen helemaal niet meer democratie; ze willen niet meebeslissen over de lijsttrekker van de PvdA; ze willen minder democratie. Ze willen dat iemand hun voorzegt hoe we het gaan doen. Iemand die helemaal geen rekening houdt met minderheden. Iemand die je zeker niet laat meepraten. De PVV is als partij ondemocratisch en hun program is dat net zo hard.

Kenmerk van een goede democratie is dat de meerderheid beslist en dat de minderheid gehoord wordt. Dat wil de PVV helemaal niet. Zij willen het voor het zeggen hebben en alles wat niet in hun straatje past uit de maatschappij verwijderen. Dat is juist het aantrekkelijke van de PVV. Als je naar de bevolking gaat luisteren, kom je tienduizenden meningen tegen.  Dan moet je compromissen sluiten om iedereen het gevoel te geven dat er geluisterd is…dat wil Wilders niet. Wilders wil het voor het zeggen hebben. Hij wil de baas zijn. Hij wil kunnen bepalen hoe het verder gaat of wie er in het gevang verdwijnt. De scheiding der machten zegt hem niets; hij wil de baas zijn; de absolute baas. En dat is zo verschrikkelijk makkelijk voor het volk want pappa Wilders beslist voor hen. Pappa Wilders weet wat goed voor hen is. Jij hoeft niets te doen; het wordt voor je geregeld. We worden allemaal groot en sterk en elke buitenstaander heeft respect voor ons. Draag je macht over aan Geert Wilders en alles komt voor elkaar. Vroeger was alles beter en Geert Wilders zorgt ervoor dat vroeger weer terugkomt. Dat is wat mensen willen. Geert Wilders en de PVV staan lijnrecht tegenover democratie. Democratie is voor de PVV alleen maar nodig om straks hun macht te legitimeren. Wilders is niet de enige… Neem Erdogan en Turkije.

Wat wil Geert Wilders?

Geert Wilders communiceert voornamelijk via Twitter met de wereld. Dat is lekker makkelijk, want niemand kan hem dan een vraag stellen. Ondertussen hangen hordes journalisten aan zijn Twitter-lippen en plukken zijn uitspraken van het web. Een groot deel van het volk krijgt zijn Tweets via de journaals op televisie toegetoeterd. One-liners zonder veel betekenis maar die het stomme volk wel in het hart raken en daarmee de samenleving ontwricht. Ik volg Geert Wilders niet op Twitter; ik kijk wel uit. Maar… omdat Arnon Grunberg vandaag echt een sterke en begrijpelijke ‘Voetnoot’ schreef over een tweet van Wilders, wilde ik die met eigen ogen lezen. Wat ik merkte toen ik op zoek ging, was dat het sinds gisterenochtend Geert Wilders-tweets regent over wat er in Brussel gebeurd is. Sinds duidelijk werd dat terroristen bommen en zichzelf hadden laten ontploffen is Wilders op zijn tweet-stoel gaan zitten en stuurt hij de ene na de andere tweet de ether in: “Als ik Minister-president word dan zal ik het islamitisch terrorisme verpletteren, onze grenzen sluiten en Nederland de-islamiseren”

Wat wil Geert Wilders nou eigenlijk? Grunberg heeft daar wel een idee van, zegt hij: Wilders wil een totalitaire staat; zonder de vrijheden die we nu hebben. Ik denk daar ietsje anders over. Ik denk dat Geert Wilders macht wil. Absolute macht. Hij wil een zonnekoning worden in ons bewolkte land. Alles wat hij zegt te willen, zijn middelen om dat doel te bereiken. Dat maakt hem zo immens gevaarlijk. Hij is bereid krachten los te maken in de samenleving louter om zijn doel te bereiken. Hij is bereid om het slechtste in mensen naar de oppervlakte te halen als hem dat macht oplevert. Hij heeft nu moslims als zondebok genomen maar voor hetzelfde geld had hij in plaats van moslims, joden genomen. Het gaat hem om de macht en wat hem macht kan opleveren, meer niet.

Ik kijk graag naar de geschiedenis. Ja, ik weet het: Wilders vergelijken met Hitler is niet productief; zal ik dus ook niet doen. Veel schrijvers beweerden na de tweede wereldoorlog dat de mens een beest is met een dun laagje vernis erover. Dat laagje vernis heet beschaving. Er hoeft maar iets te gebeuren en dat laagje valt weg en het beest komt naar buiten. Wat we nu meemaken is dat dat laagje vernis sleetse plekken vertoond. Zorgelijk! En Wilders ziet dat daar de winst te halen is en is fanatiek gaan krabben om dat laagje beschaving eraf te halen.

‘Als hij minister-president is, dan gaat hij het islamitisch terrorisme verpletteren’, tweet hij. Veilig toch? Hij gaat ons veiligheid garanderen…maar kan hij dat waarmaken? De laatste vraag is een relevante vraag voor ons (en we weten er ook het antwoord op) maar voor Geert Wilders absoluut niet relevant. Hij wil macht. Hij wil absolute macht en daarmee de vrijheid om ons onze vrijheid te ontnemen. Zo denk ik dat Grunberg en ik wel op hetzelfde eindpunt komen; Geert Wilders wil een eind maken aan de vrijheid. Maar daar gaat het Wilders niet echt om: Hij wil macht…heel veel macht.

Leren van de geschiedenis

Op de voorpagina van de Volkskrant hebben ze een foto afgedrukt die me raakt. Het zouden Josien en ik en onze kinderen kunnen zijn. Eigenlijk kan het elk gezin zijn. Zelden zo’n gewoon gezinnetje gezien. Als ik niet beter wist zou ik zeggen: Inwoners van de Vinex wijk op zoek naar vertier. Juist omdat het gezin op de foto zo verschrikkelijk gewoon is, voel je het scheermesjesprikkeldraad op de huid van je ziel. Je kan haast voelen hoe de mesjes door je huid snijden. Hun lijden is ons lijden. Je weet dat ze hun Vinex equivalent in Syrië hebben moeten verlaten. Weg inkomen, weg zekerheid, weg levensdoel. Wat een confronterende foto!

Vooral de vrouw valt mij op. Ze ziet er, met haar twee kinderen, zo gevaarlijk gewoon uit. Ik zou haar ’s ochtends tegen kunnen komen terwijl ze haar twee kleintjes in de bakfiets laat klimmen. Maar je weet dat het anders is. Haar handen spreken boekdelen. De rechterhand is de vluchthand. De oorlogshand. In de aarde zoekt die hand houvast. Hij brengt het lichaam in evenwicht om zo met explosieve kracht de sprong over de grens te maken. De linkerhand is haar moederhand. Ze houdt de speen vast van de jongste. (vergeet z’n speentje niet anders kan hij niet slapen!). Het kind omklemt ze stevig met haar linkerarm. Wat een prachtige maar verschrikkelijke foto!

Maar ook de man fascineert. Gewone mensen met een gewoon leven. Ineens ingesloten door godsdienstfanatici en andere oorlogshitsers. Ik zie ze aan de keukentafel zitten. Hoe hebben ze beslist dat ze moesten vluchten? Hoe is dat precies gegaan? Zouden ze hebben geweten wat hun als vluchteling te wachten stond? Hebben ze ruzie gehad, of in ieder geval een discussie? Wat doen we de kinderen aan als we hier blijven? Maar ook, wat doen we de kinderen aan als we vluchten. Wat een keus! Het gezicht van de man vertrokken van angst dat hij het prikkeldraad laat schieten en daarmee vrouw en kinderen verwond. Want…waar kunnen ze hun wonden laten verzorgen?

Vluchtelingen

Onder de foto het stukje van Arnon Grunberg. Voor het eerst sinds lang een duidelijk stukje van zijn hand. Ik begrijp waar hij naar toe wil. Ik begrijp wat hij zegt. In zekere zin sluit Grunbergs column goed aan bij de foto die erboven staat. Vreemdelingenhaat. Het gaat over Geert Wilders en de vraag of je Wilders een klassiek fascist mag noemen. Een hoogleraar deed dat en vanaf dat moment eisten de PVV’ers het hoofd van de hoogleraar. Volgens Grunberg lijdt Wilders aan zelfhaat door niet de term ‘fascist’ als geuzennaam aan te nemen. Want fascistoïde kenmerken zijn evident bij de PVV. De vraag is wat deze constatering oplost.

De vluchtelingen en Geert Wilders, het gaat om de vraag of we kunnen leren van de geschiedenis. Ja, we kunnen leren van de geschiedenis, maar de huidige situatie is niet te vergelijken met de situatie in de geschiedenis. Daarom is het zo moeilijk om het vluchtelingenprobleem te vergelijken met bijvoorbeeld het vluchtelingenprobleem van de joden in de tweede wereldoorlog of Wilders met een man als Mussert. De vergelijking klopt evenveel niet als wel.

Column van Arnon Grunberg

Ik lees de ‘Voetnoot’ van Arnon Grunberg dagelijks. Dagelijks herinner ik me dat Grunberg geweldige romans heeft geschreven en ongetwijfeld nog zal schrijven. Dat troost me als ik teleurgesteld ben over zijn column. De columns van Grunberg zijn doorgaans slecht. Er is geen touw aan vast te knopen. Hij bazelt wat en dat is dat. Ik heb een tijd gehad dat ik dacht dat mijn denkraam niet groot genoeg was; dat ik ze niet begreep, die columns, maar daar ben ik vanaf gestapt; Grunbergs columns zijn slecht. Vaak grootdoenerij, vaak onsamenhangend. Meestal wordt niet duidelijk waar hij naartoe wil. Ik ben geen fan van de columns van Arnon Grunberg.

Vandaag lijkt hij een redenering neer te zetten. Met heuse argumenten. Die argumenten lijken ergens heen te voeren, maar dan komt Grunberg bij een conclusie…Geen idee hoe hij daaraan komt. Zijn conclusie heeft weinig met de argumenten te maken.

Grunberg schrijft over een artikel van Peter de Waard vrijdag in de Volkskrant. Wat beweert De Waard: Als economie de wetenschap van de schaarste is, dan heeft die wetenschap het moeilijk, want er is geen schaarste meer. Grunberg beantwoordt deze stelling met dat het menselijk verlangen algemeen is. Dat er altijd verlangen is en dus dat er altijd schaarste is. Een redenering die ik nog wel kan volgen. In tegenstelling tot Peter de Waard ziet Grunberg een glorieuze toekomst voor de wetenschap economie omdat er schaarste was, is en altijd zal blijven. Is er geen schaarste aan geld, dan wel aan iets anders… Ik vraag me af of Peter de Waard ergens anders over schrijft dan geld…

Peter de Waard zou ook beweerd hebben dat doordat er geen schaarste is, maar wel overvloed, mensen zich moeten leren verweren tegen bedrog en manipulatie; anderen zullen altijd uit zijn op die overvloed. Vanaf dat moment ontspoort Grunberg, want hij stelt dat mensen zich dus moeten verdedigen tegen taal. Dat lijkt op geen enkele manier in overeenstemming met De Waards bewering. Grunberg gaat echter vol door op deze foute aanname. Bovendien komt hij daardoor (hoe, is volkomen duister) op de zieke stelling dat taal ontstond omdat mensen, zonder toepassing van fysiek geweld, over elkaar macht willen uitoefenen. Hij eindigt met het stellen dat mensen elkaar altijd aan het manipuleren zijn.

Het is zo simpel. Peter de Waard beweert dat doordat we in overvloed leven, er altijd kapers op de kust zijn, en dat we ons daartegen moeten leren verdedigen. Niets meer en niets minder. Heeft helemaal niets te maken met taal als zodanig. Bij vrijwel elk menselijk handelen gebruiken we taal; dat is niet beperkt tot manipulatie of bedrog. De stelling dat we zijn gemaakt om te manipuleren, is erg ver gezocht. Volgens mij manipuleer ik mijn geliefde niet als ik haar vraag of ze lekker geslapen heeft…

Afgelopen zomer heb ik ‘De man zonder ziekte’ gelezen. Zo’n sterke roman! Die columns…ik ben er geen fan van. Ik gun Grunberg zijn inkomsten, maar hij bezoedelt zijn eigen naam.

Waarom lees ik die column eigenlijk? Omdat ik zo van zijn romans hou!

Politiek correct

De column van Arnon Grunberg van vandaag is niet geschreven voor de gemiddeld intelligente mens. Ik vrees dat het stukje van vandaag alleen begrijpelijk is voor extreem hoogbegaafden, zoals hijzelf. Andere extreem hoogbegaafden schieten me niet zo snel te binnen, overigens… Zelfs nadat ik zijn stukje enkele keren gelezen heb blijven er nog onbegrijpelijke zinnen. Dat terwijl de column maar, pak ‘em beet, vijftien zinnen lang is. Het gaat over de vraag wat politieke correctheid nou precies is. Daar is nogal veel over te doen, de laatste tijd, omdat het door schreeuwerige en opgehitste mensen te pas en te onpas wordt gebruikt.

Wat denk ik daar zelf over? Doorgaans hebben ze het bij politieke correctheid over in hun ogen verkeerd gedrag van mensen die streven naar een harmonieuze, duurzame samenleving waar geen onderscheid wordt gemaakt tussen sekse, geloof, etnische achtergrond of seksuele geaardheid. Soms heiligt het doel de middelen en wordt er wel is wat verzwegen. Om het concreter te maken: Stel een homo slaat iemand de hersenen in, dan is het politiek correct als je zegt dat iemand, iemand anders de hersenen heeft ingeslagen. Want door niet te noemen dat de moordenaar een homo is, zou het probleem verdoezeld worden dat homo’s een grote neiging hebben om anderen de hersenen in te slaan. Ook al is er voor deze moorddadige neiging van homo’s geen enkel wetenschappelijk bewijs.

Grunberg lijkt (want begrijp ik hem wel goed) de definitie van Paul Cliteur te weerleggen. Wat beweert Cliteur over wat politiek correct handelen is: ‘De neiging om dingen naast ons neer te leggen die ons niet welgevallig zijn, ook als die dingen wetenschappelijk zijn onderbouwd.’ Volgens Cliteur heeft dit denken spectaculaire vormen aangenomen. Ik ben het wel met Grunberg eens dat Cliteur er weinig van bakt. Neem bijvoorbeeld het partijprogramma van de PVV Almere (al bij voorbaat niet politiek correct). Zij willen geen enkele barrière voor ondernemers. Duurzaamheid kan een hindernis zijn voor ondernemers. Zij zijn tegen duurzaamheid. Ze stellen: De aarde warmt niet op en duurzame maatregelen zijn verspilling. Deze stelling van de PVV valt ruimschoots binnen Cliteur’s definitie van wat wel politiek correct is, maar het is het niet. Cliteur heeft afgedaan…

Grunberg komt ook met een eigen definitie. Hij beweert dat politieke correctheid niet meer is dan prudentie, hoffelijkheid, empathie en diplomatie. Wat Grunberg vergeet is dat ‘politiek correct’ immer negatief gebruikt wordt, daarom kan Grunbergs definitie niet goed zijn.

Afgelopen donderdag schreef Wouter Bos in zijn column over politieke correctheid. Hij vindt dat politieke correctheid is dat een probleem ontkend wordt omdat het politiek niet uitkomt. Ik vind dat in de buurt komen van Cliteur. Politiek correct heeft altijd met links te maken; is verondersteld, of echt gedrag van linkse mensen. Ik ben het dus niet met Bos eens. Wel misschien met zijn politieke correctheid van de tweede orde: Mensen veralgemeniseren problematisch gedrag zo sterk, dat het verbloemd dat hier wel degelijk sprake is van ongewenst gedrag van een bepaalde groep. Dit voorkomt dat er specifieke maatregelen genomen kunnen worden.

Ik denk dat ik mijn eigen definitie of omschrijving toch het beste vind, maar misschien is die van Grunberg nog wel beter en heb ik wat hij schreef gewoon niet goed begrepen.