Ik weet wie mijn Libris Literatuurprijs gaat winnen. Natuurlijk, de officiële uitreiking was afgelopen mei, maar daar heb ik het niet over. Het gaat om mijn uitreiking: de prijs die ik zou willen uitreiken voor het beste boek op de shortlist. Zoals ik al jaren doe. In mijn ogen verdient Bert Natter die prijs zonder enige twijfel voor zijn roman Aan het einde van de oorlog. Het zou zelfs van grote onkunde van de jury getuigen als deze roman níet had gewonnen. Het is absoluut een van de allerbeste romans die ik de afgelopen jaren heb gelezen. De technische problemen die ik tijdens het lezen ondervond — waardoor het lezen soms een uitdagende klus werd — doen daar niets aan af. Wat een geweldig boek!
Ik heb de helft van de andere genomineerde boeken nog niet gelezen, maar ik weet het zeker: ook voor mij is er maar één boek dat de prijs kan winnen. Het verhaal is gruwelijk, maar wordt op een volstrekt originele manier prachtig verteld. Bovendien heeft Bert Natter zich tot in de kern verdiept in de uitwassen van het menselijk brein. Hij maakt de gedachtegang en gevoelens van personages die zo ver van ons afstaan begrijpelijk en invoelbaar. Geweldig.
Maar eerst mopperen op de techniek… De techniek van dit e‑boek functioneert belabberd. Naarmate je verder leest — en dit boek telt nogal wat pagina’s — gaat het omslaan steeds trager. Eerst dacht ik dat het aan mijn e‑reader lag, maar nee: elke e‑book-lezer blijkt er last van te hebben. Zelfs de auteur schrijft erover op zijn website. In het laatste deel duurde het omslaan van een pagina even lang als het lezen van twee pagina’s. Voor een pageturner — want dat is deze roman — is dat verschrikkelijk; het haalt de vaart volledig uit het boek. Ik werd er gek van.
Een tweede technisch probleem, waar niemand iets aan kan doen, is dat je in een e‑book niet makkelijk terugbladert. Op de eerste pagina’s heeft Natter een plattegrond opgenomen van de plek waar alles zich afspeelt, plus een lijst met personages. Ik had daar graag af en toe naar teruggebladerd, want er spelen nogal wat personages een rol en de ruimte is bepalend voor de handelingen. Ik had die pagina’s natuurlijk kunnen uitprinten en naast mijn e‑reader kunnen leggen, maar ja, waarvoor heb je dan een e‑reader?
Het verhaal speelt zich af in een naziconcentratiekamp voor vrouwen, in de laatste dagen voor de verovering door de Russen. SS‑Obersturmführer Karl Zehlendorf, plaatsvervangend hoofdcommandant van het kamp, bereidt zich voor op het feest ter gelegenheid van Hitlers verjaardag. Zijn carrière als concertpianist liep hij mis, maar ter opluistering van het feest gaat hij een sonate van Beethoven spelen.
Ondertussen staan zijn zoons Ernst en Reinhard te vissen op een plek waar ze eigenlijk niet mogen komen. Ze krijgen ruzie en Reinhard duwt zijn kleinere broertje in het water. Op de terugweg naar huis, in zijn drijfnatte kleren, overkomt Ernst iets dramatisch waardoor hij niet alleen overlijdt, maar ook nog volledig van de aardbodem verdwijnt. Deze gebeurtenis vindt plaats op het moment dat vader Karl zijn finest hour beleeft, terwijl hij Beethovens Grande Sonate Pathétique speelt voor publiek.
Vanaf dat moment begint de zoektocht naar Ernst. Velen weten precies wat er gebeurd is, maar men zwijgt — en voor dat zwijgen heeft iedereen zijn of haar eigen reden. Ondertussen rukken de Russen steeds verder op. Uiteindelijk moet Karl onder ogen zien hoe zijn zoon aan zijn einde is gekomen.
Natter heeft voor dit verhaal een bijzondere vorm gekozen, die doet denken aan recente films die lijken in één shot opgenomen, zoals 1917 van Sam Mendes of de miniserie Adolescence van Stephen Graham. Natter bereikt dit door het verhaal volledig chronologisch te laten verlopen en elke seconde uit te vergroten vanuit het perspectief van een groot aantal personages. In korte fragmenten, telkens voorzien van een naam en plaatsaanduiding, flits je van de ene naar de andere persoon.
Toen ik begon, vreesde ik het ergste: hoe verbind je je met de personages, hoe onthoud je wie wie is? Maar na een bladzijde of vijftig ontstaan patronen in je brein die je langzaam maar zeker het verhaal inzuigen. Het is verschrikkelijk knap geschreven en bedacht.
Door de roman heen is bij de nazi’s de dreiging van de Russen voelbaar: de hordes uit het oosten die moordend en verkrachtend de beschaving komen vernietigen. Als je niet goed oplet, krijg je medelijden met de nazi’s. Natter zorgt ervoor dat je je volledig identificeert met mensen die de hel op aarde vormgaven, terwijl ze het gevoel geven dat wat ze doen heel gewoon is.
Karl verkracht zijn secretaresse, is trots dat hij het principe van de gaskamer uit het oosten heeft meegenomen naar dit kamp, en vindt het onsportief dat zijn Joden van het Sonderkommando hard weglopen wanneer hij ze gaat vermoorden. En bijna voel je dat als lezer ook zo. Je krijgt medelijden met Karl over de manier waarop Ernst om het leven komt… Hoe absurd dat is, kan ik hier niet navertellen. Lezen, die roman.
Is het dan allemaal kommer en kwel? Nee. Natters toon is verrassend licht. Vaak creëert hij humoristische situaties. Neem Sovjetsoldaat Zmitser. Te pas en te onpas citeert hij fictief Stalin: “Wie is dat meisje? Stalin waarschuwt: een soldaat van het Rode Leger laat zich niet verleiden door een hoer van de vijand.” Of wanneer hij iemand op het punt staat te liquideren: “Voor sentimentaliteit is geen plaats in een oorlog, fluistert kameraad Stalin in zijn oor.”
Dit boek is zonder twijfel een van de allerbeste romans die de afgelopen jaren zijn verschenen. Mijn absolute nummer één voor de Libris Literatuurprijs — en de jury vond dat dus ook. En dan te bedenken dat ik nog de helft van de romans moet lezen voordat ik zeker weet dat dit het mooiste boek is. Maar welke roman op die shortlist zou beter kunnen zijn dan deze?