Alexandra – Lisa Weeda; Verwarrend maar ook actueel

Ik ben niet uitsluitend met de oorlog in Oekraïne bezig, maar wel heel veel. Eigenlijk veel meer dan mij lief is. Ook nu het nieuws over die oorlog langzaam in de media wat naar de achtergrond schuift, ben ik nog altijd naarstig op zoek naar nieuws. Vooral positief nieuws. Ik wil zo graag dat de Oekraïners de oorlog winnen en de Russen uit hun land verjagen dat het op grond van de kracht van mijn wens al zou moeten kunnen lukken…hoop ik. Veel Nederlandse ex-generaals ken ik inmiddels net zo goed als de virologen een half jaar geleden. Zo heb ik ongeveer dezelfde gemankeerde verhouding met ex-generaal Mart de Kruif als met professor Marc Bonten; ik hang aan hun beider lippen maar ben toch altijd ietwat teleurgesteld aan het eind van hun betoog. Net eventjes te pessimistisch naar mijn wens. Ik troost me maar met de gedachte dat hoe deskundig ze ook moge zijn, het wat sombere beeld dat ze schetsen toch – soms – wat gunstiger uitpakt. Zo voorspelde Mart de Kruif dat de omsingeling van Kyiv onontkoombaar was, maar dat viel gelukkig wel weer mee.

Nu we Kiev als Kyiv zijn gaan spellen en we plaatsen als Zaporiza, Cherson, Charkiv en Tsjernihiv zonder moeite op de kaart van dat grote land kunnen aanwijzen en we weten dat de oorlog in theorie om de Donbas is begonnen, wordt een roman die in zich rond en om en in de Donbas afspeelt makkelijk erg populair. Als je wat boze gedachten koestert zou je ook haast kunnen gaan denken dat deze roman vanwege die strijd in de Donbas geselecteerd werd voor de shortlist voor de Libris Literatuurprijs. Omdat we de uitslag van het volgens de jury winnende boek al hebben gekregen, weten we zeker dat politiek geen rol speelde en dat de roman Alexandra van Lisa Weeda op eigen kracht op de shortlist is gekomen; de roman won de prijs uiteindelijk niet. Bij mij eindigt deze roman ook niet bovenaan. Wel aardig, maar ook niet meer dan dat. Dat heeft erg te maken met de manier van vertellen. De roman is geschreven in de ik-vorm, maar de ‘ik’ is niet altijd dezelfde ‘ik’. Daardoor wist ik vaak niet meer waar ik met wie op welke plek was. Met daarnaast nog een overdosis aan personages met namen die voor mij moeilijk uit elkaar te houden zijn, een vrij ingewikkeld boek om te lezen.

Achteraf denk ik dat ik het mezelf wel heel erg moeilijk heb gemaakt door het als e-book te lezen want daardoor is het moeilijk terug te springen naar de eerste pagina’s van het boek waar een en ander wordt uitgelegd over de namen. Vooruit springen naar de achterste pagina waar een landkaart en een stamboom is afgedrukt lukt ook niet goed met een e-book. Dat is waarschijnlijk de reden dat ik nogal verdwaalde in de Nikolajs die vaak Kolja worden genoemd en de Nastja’s die ook wel eens Anastasiia heet of Sasja dat de afkorting is van Alexandra. Daarnaast zijn er diverse ik-figuren die je ook niet makkelijk uit elkaar houdt. Nee, dit boek is voor de slordige pretlezer die ik ben geen makkie. Toch lukt het best goed om het verhaal te volgen uiteindelijk, ondanks de verwarring. En weet je eenmaal waar je met wie in welke tijd jezit, dan is het boeiend geschreven.

Er zijn twee grote verhaallijnen. Het verhaal van Lisa die om een overleden familielid te eren een geborduurde doek met de familiegeschiedenis erop geborduurd naar het graf in de Donbas brengt. Het andere verhaal is de biografie van een vrouw die in de Donbas opgroeit en die de oma is van Lisa, de hoofdpersoon in die andere verhaallijn.

Oma Alexandra wordt geboren op het vruchtbare land van de Donbas als boerendochter. Maar dan komt de tijd van Stalin. Van gewone boer met een paar mensen in dienst worden ze ineens vijanden van het volk. Koelakken. Ze worden van hun grond afgejaagd en mogen niets meenemen. Hun boerderij gaat op in een kolchoz onder leiding van een incompetente apparatsjik. Grote hongersnoden zijn het gevolg. Daarna komt de Duitse bezetting door de nazi’s.  De meisjes van rond de achttien, waaronder oma Alexandra, worden weggevoerd naar Duitsland om aldaar tewerk te worden gesteld. Daar ontmoet ze haar Nederlandse man en komt ze in Dordrecht te wonen en wordt ze aldus de oma van Lisa.

Zoals gezegd, uit politieke motieven had het mij niets verbaasd als dit boek de Libris literatuurprijs had gewonnen, maar dat heeft het niet. Diverse andere prijzen wel, maar de Libris literatuur prijs niet. Ik denk terecht, want het is zeker niet mijn favoriete boek van de shortlist.

Bruid te koop – Bedřich Smetana door de Nederlandse Reisopera

Gezien op 7 mei 2022 in Carré, Amsterdam

Met zijn ‘Prodaná nevěsta’ wilde Smetana ongetwijfeld het publiek een vrolijke avond bezorgen. Zoals zo vaak, een opera met een betrekkelijk dun humoristisch verhaaltje maar met de mooiste muziek. Humor is nooit helemaal vrijblijvend, daarom zou het best zo kunnen zijn dat het libretto ons een situatie voorspiegelt die nog wel voorkwam in het Bohemen van Smetana, maar waarvan men vond dat het eigenlijk niet meer moest. Voor ons in het huidige tijdsgewricht, spiegelt het libretto een situatie voor die volkomen vreemd voor ons is. Een zakelijk transactie, waarbij een vader zijn kleine dochtertje als onderpand gebruikt, zal niet vaak voorgekomen zijn in ons kikkerlandje. Het gedwongen huwelijk is tegenwoordig, maar ook al verschrikkelijk lang in het verleden, taboe. (Tenzij het meisje natuurlijk onbedoeld zwanger geraakt was na een gezellig avondje). Kortom, het verhaal van de opera ‘Bruid te koop’ staat mijlen ver van ons af. Blijft dat de muziek tijdloos is. Wat kunnen we daarmee, moet de artistieke leiding van de Nederlandse Reisopera hebben gedacht. Dan maar nooit meer die opera opvoeren? Dat zou verschrikkelijk zonde zijn, want de muziek is echt de moeite waard. De oplossing vond men in een vertaling. Geen letterlijke vertaling van de tekst, maar zo ongeveer de handeling wel behouden, maar het in een nieuw moderner jasje stoppen. Anne Lichthart is het libretto te lijf gegaan. Uiteindelijk leverde dat een voor ons geloofwaardige opera op met een verhaal dat eigenlijk heel ver van ons af staat. Een prestatie van formaat dus! En wat natuurlijk ook verschrikkelijk leuk is: Een opera gezongen in de Nederlandse taal. Hoe vaak hoor je een opera, gespeeld door een serieus gezelschap, in het Nederlands? Voor mij de eerste keer, en het was genieten! Eigenlijk kregen we waar voor ons geld zoals meestal van de Nederlandse Reisopera, trouwens. Nadat ze Wagners Ring des Nibelungen hadden opgevoerd en – raar genoeg – de subsidie werd stopgezet, zijn wij ‘vrienden’ geworden van dit gezelschap om ze financieel te ondersteunen. Daar hebben we nooit spijt van gehad want wat zorgen ze altijd voor een fantastische uitvoeringen!

Het verhaal speelt zich af in de lente: Rokjesdag! (Hoe Nederlands wil je het hebben?) Het meisje Marshenka verdenkt haar vriendje Jenik ervan op deze dag vol vernieuwde oerdrift, achter andere meisjes aan te gaan. Ze eist trouw. Hij vertelt haar dat zij de enige voor hem is en hij zweert haar eeuwige trouw. Hij zoekt in haar de liefde die hij vroeger bij zijn stiefmoeder zo gemist heeft en hem het ouderlijk huis heeft uitgejaagd. Dan komt bij de ouders van Marshenka de huwelijksmakelaar Kezal op bezoek. Hij komt het huwelijk arrangeren tussen Marshenka en Vasek, de zoon van de steenrijke Micha. Hoewel de ouders een huwelijk uit liefde willen, blijkt pa zijn Marshenka, lang geleden, als ruilobject te hebben gebruikt bij een lening van Micha; Micha’s zoon zal trouwen met Marshenka. Hoe zorgen de ouders van Marshenka ervoor dat ze toch zal kiezen voor de zoon van Micha? Hoe gaat Marshenka voorkomen dat ze met de zoon van Micha, die ze nog niet kent, moet trouwen? Marshenka zoekt de stotterende zoon van Micha, Vasek, op en vertelt hem dat hij met Marshenka een overspelige en liefdeloze vrouw zal krijgen. Ze vertelt hem dat als hij voor de liefde, en dus voor een andere vrouw gaat, hij een gelukkige man zal worden. Ondertussen zoekt huwelijksmakelaar Kezal het vriendje van Marshenka, Jenik, op. Voor drie ton wil hij wel beloven dat hij er vrede mee heeft als Marshenka trouwt met de zoon van Micha. Is Marshenka door haar vriendje Jenik verkocht? Nee, natuurlijk niet! Jenik blijk de eerste zoon uit het eerste huwelijk van vader Micha te zijn. Door met Marshenka te trouwen komt hij juist zijn belofte na en heeft hij ook nog eens drie ton verdiend. En Vasek…die heeft inderdaad een ander gevonden. Eind goed, al goed!

Over de muziek kan ik eigenlijk veel minder zeggen behalve dat die echt de moeite waard is. Ik had de opera nog nooit gehoord maar de muziek boeide van de ouverture tot aan de finale. Ik moet ook zeggen dat het muziekplezier van dirigent Ed Spanjaard aanstekelijk werkte. Als mij iets opviel, dan was het wel dat er het aantal solo aria’s beperkt was, maar dat er voornamelijk duo’s, trio’s of grotere ensembles samen zongen in perfecte harmonie, qua muziek, maar doorgaans in disharmonie qua tekst. Dat maakt de opera bijzonder levendig met een sneller voortschrijdend verhaal. Ook waren er grote stukken muziek zonder zang. Dat werd ingevuld door het ballet. De balletdansers en de koorleden waren prachtig door elkaar gehusseld op het toneel maar deden uiteraard ieder hun ding.

Ik heb zonder meer een heerlijke avond gehad! Alle solisten vertolkten hun rol fantastisch. Wat betreft het acteerwerk vielen Laetitia Gerards als Marshenka maar vooral Huub Claessens als Keza de drankzuchtige huwelijksmakelaar op. Maar ook Francis van Broekhuizen als de bazige dominante moeder van Vasek en boze stiefmoeder van Jenik, viel positief op. Leuk was dat ze hun rollen hielden tijdens het applaus.

Nog één ding. Hier spreekt even de taalpurist in mij met de vertaler cq bewerkster van de opera Anne Lichthart. Het gaat over ‘beslissingen’. Een ‘beslissing MAKEN’ is een verdomd lelijk anglicisme. Voor mij blijft het zo dat je een beslissing NEEMT. Om me heen hoor ik heus wel dat ik een fossiel begin te worden want zelfs mijn zoons MAKEN een beslissing. Maar ik verzet me ertegen; en ik blijf me verzetten; die beslissing heb ik GENOMEN!

Je vergapen aan het planetarium van Eise Eisinga

Als je in Franeker bent – Frjensjer voor de lokale bevolking – dan moet je dat wereldberoemde planetarium wel bezoeken. Daar kan je gewoon niet omheen. En…wij waren in Franeker. Op de fiets vanuit ons vakantieadres in Harlingen. En toch, we waren niet voor dat planetarium speciaal naar Franeker gefietst; eigenlijk meer voor de tentoonstelling ‘Kibboets op de klei’ in het Martena museum. Daar kan ik echter niet zo heel veel over vertellen want die tentoonstelling was wel heel klein. Er ontstond meer een sfeertekening dan dat het informatie verschafte. Vond ik wel jammer, want er valt veel over te vertellen. Jongeren die het boerenvak willen leren om hun kennis in het beloofde land te gaan toepassen maar die grotendeels voortijdig verschrikkelijk akelig worden vermoord. Er werden wat foto’s getoond (die had ik al gezien) en er werd een film vertoond (en die kan je op youtube bekijken). Ik was een beetje teleurgesteld; ik had er meer van verwacht, denk ik. Dus bezochten we het planetarium.

Alleen de koffiekamer van het planetarium is al de moeite waard. Een koffie- en thee winkel en branderij waarvan men het interieur zoveel mogelijk in oude staat gelaten heeft. Maar dan het planetarium. Ik heb mijn ogen uitgekeken. Eise Eisinga, de man die het planetarium in zijn eigen woonkamer maakte, was wolkammer van beroep. Nou niet direct een beroep waar je een universitaire opleiding voor nodig hebt. Maar alleen voor het maken van het mechaniek moet je al bijzonder goed weten wat je doet. De omtrek van elk tandrad en de plaatsing van de tandjes vergt een enorme precisie. En kunde, natuurlijk, want dat soort dingen bereken je niet zomaar. Alles aangestuurd door slechts een klok met een slinger en gewichten. In het plafond van zijn huiskamer zaagde Eise Eisinga sleuven waardoor de planeten draaiden. Maar de baan die ze draaien zijn geen perfecte cirkels, maar ovalen. De planeten komen dan weer dichter bij elkaar te staan en dan weer verder van elkaar af. Precies zoals het in het ‘echt’ ook gaat.

Terwijl ik zo op de vliering van het planetarium het werkende mechaniek zat te bewonderen, bedacht ik me dat we het nu maar makkelijk hebben. Je kunt het nu eenvoudig programmeren, mijmerde ik. Er is een basisgegeven, de tijd, en vanaf dat punt kan je alle andere gegevens makkelijk berekenen. De eerste afleidingen waren best eenvoudig, leek me. Om de relatieve omloopsnelheid te berekenen ten opzichte van de aarde, moet je voor elke planeet een startwaarde berekenen en vervolgens per aardse seconde berekenen wat de seconde betekent voor de andere planeten. Neem bijvoorbeeld Mars. Een marsjaar duurt 687 dagen terwijl een aardejaar 365,25636 dagen duurt. Elk mars stapje in de tijd duurt dus 678/365,25636 maal langer dan een aarde stapje, bedacht ik… Maar toen had ik alleen nog maar de stapjes bedacht…Hoe zet je die stapjes op een cirkel…hoe zet je ze op een ovaal, hoe bereken je een startpositie van elke planeet ten opzichte van elkaar… Nee, echt niet eenvoudig. Eise Eisinga moet een kei in wiskunde zijn geweest. Ondertussen is het wel even het mooiste planetarium dat ik ooit gezien heb.

Op de vingers getikt

Het lijkt alsof de geschiedenis de tijd rijp achtte om me eens flink op de vingers te tikken. Alsof ik alle ellende van de tweede wereldoorlog zou kunnen vergeten. Men had mij enkele maanden geleden gevraagd wat ontwerpjes aan een security check te onderwerpen; of er niet per ongeluk antisemitische- of anderszins aanstootgevende symbolen in zaten. Die zaten er echt niet in; ik heb elk streepje en elk krulletje bestudeert, en dus werden de gecheckte foto’s opgehangen op de tentoonstelling ‘Kibboets op de klei’ in het Franeker Martena museum. Een goede gelegenheid voor geliefde J. en mij om die tentoonstelling te bezoeken en dus boekten wij een appartement in Harlingen zodat we op fietsafstand van Franeker verbleven. Geboekt via die beroemde site die ik hier uiteraard niet ga noemen want reclame maken voor nietsontziende kapitalisten, dat doet deze jongen niet (wel zijn beurs spekken, kennelijk). Een appartement in het Speijerhuis midden in het centrum van Harlingen.

Eergisteren kwamen we aan bij dit heerlijke appartement. Groot op de gevel een oude muurschildering: ‘De Gunst E.A Speijer Herenkleeding.’ In wat kennelijk vroeger de kledingzaak was, zag ik nu een verzekeringsondernemer. Op de derde verdieping bevond zich ons verblijf voor de komende dagen en op de overloop zag ik drie menora’s. Ongewoon. Maar de eigenaresse houdt van leuke spullen; dat viel meteen op; de menora’s pasten daar wel bij. Geliefde J. had iets gezien toen ze het pand betrad: Voor de deur een paar Storpelsteinen. Het bleek dat de familie Speijer – die een goedlopende kledingzaak in het centrum van Harlingen hadden – van joodse huize waren en om die reden tijdens de oorlog weggevoerd werden om in Sobibor te worden vermoord. De gemeente Harlingen houdt, samen met de bewoners, de herinnering aan de kleine joodse gemeenschap die hier ooit geweest is, levend. Dat ontroert mij. Ik vind dat fijn.

Stolpersteine voor de familie Steiner voor de deur naar ons appartement in Harlingen

Gisteren fietsten we naar Franeker. Fikse wind tegen. Zowel op de heen- als de terugtocht. Het Friese landschap is behoorlijk plat. We komen niet zo vaak in Friesland, en dat bleek betreurenswaardig want de schoonheid van het stadje Harlingen – waar we al behoorlijk lyrisch over waren – wordt overtroffen door de schoonheid van Franeker. Met open mond vol bewondering liepen we over de bruggetjes langs de gevels en de rijkversierde torens. Omdat wij geen kerk zomaar overslaan en de deur van de grote kerk openstond, liepen we daar naar binnen. Terwijl de kerk als gebouw het veertiende eeuwse behield, had men binnen een verfrissende modernisering toegepast; de kerk als gemeenschapshuis voor kunst, cultuur en spiritualiteit. Zo fungeerde de kerk, naast godshuis, als plek waar kunst te koop hing, hing er een voorproefje voor de wetenschapsweek ‘Next’ die komende week zou plaatsvinden en was er een tentoonstelling ingericht over componisten en de oorlog. Een zeer interessante tentoonstelling. De meeste componisten hadden een joodse achtergrond en overleefden de oorlog niet. Twee componisten bleven hangen, bij mij: Leo Smit en zijn leerling Dick Kattenburg. Van de laatste componist had ik onlangs een indrukwekkende compositie gehoord bij de herdenking op 11 november van de razzia Hollandia-Kattenburg. De componist was een telg van de familie die eigenaar was van de kledingfabriek in Amsterdam Noord waar mijn grootvader – die nooit mijn opa werd – werkte en werd opgepakt. Leo Smit werd vermoord in Sobibor. Dick Kattenburg werd elders, ergens in midden-Europa, vermoord. En dan was er nog de tentoonstelling in het Martena museum. Daarover wellicht later meer. Maar dat de geschiedenis mij hier in Friesland op de vingers tikt, dat moge duidelijk zijn!