Tagarchief: longlist

Librisliteratuurprijs 2021

Gisterenavond werd de shortlist voor de Librisliteratuurprijs 2021 bekend gemaakt. Altijd weer spannend want sinds jaren lees ik hartstochtelijk mee. Ondanks mijn kritiek. Deze keer heb ik ook de overgang van longlist naar shortlist gevolgd. Wat me opvalt aan deze shortlist is dat het wat mij betreft van te voren al vaststaat wie de winnaar wordt. Tenminste, het zou me hogelijk verbazen als er een nog vernieuwender, nog boeiender, nog spannender roman in het lijstje zou kunnen staan dan ‘Mijn lieve gunsteling’ van Marieke Lucas Rijneveld. Ik kan het me haast niet voorstellen. Omdat de roman ‘Bezette gebieden’ van Arnon Grunberg achterbleef in de longlist, schept dat verwachtingen voor de boeken die op de shortlist staan. Ik heb zo verschrikkelijk genoten van ‘Bezette gebieden’. De originaliteit, de diepgang en het absurde. Vreemd dat dat boek niet op de shortlist staat. Jammer ook, want dat boek had ik al gelezen en dat zou mij wat tijd besparen. Ook had ik al van de longlist ‘Ik ben er niet’ van Lize Spit en ‘Min of meer opmerkelijke gebeurtenissen uit het leven van een treuzelaar’ van Cindy Hoetmer gelezen. Wat betreft het librisliteratuurprijs-lezersavontuur slechte keuzes van mij , maar wel leuke boeken om te lezen

Van alle zes boeken die nu op de shortlist staan, heb ik er slechts één gelezen; de roman van Marieke Lucas Rijneveld. Vijf boeken nog te gaan! Dat wordt dus even doorlezen. Ik betwijfel of mijn uitslag eerder komt dan de uitslag van de officiële jury; zoveel tijd kan ik helaas niet aan lezen besteden.

De lijsttrekker van ‘mijn’ partij is juryvoorzitter. Zou dat invloed hebben? Moet ik vooral letten op romans waarin gedramd wordt voor meer vrouwen op hoge posities? (Ja, ik heb de sympathie voor mijn partij behoorlijk verloren. Hoewel ik nog steeds lid ben, vind ik dat geen enkele PvdA minister uit het vorige sloop kabinet nog een tweede kans verdiend; ze hebben massaal gefaald. Ik denk zelfs dat ik deze keer niet op ‘mijn’ partij ga stemmen. Juryvoorzitter van de librisliteratuurprijs 2021 en tevens lijsttrekker van de PvdA Ploumen was minister in het vorige sloop-kabinet. Rutte moet na tien jaar slopen weg, maar wie er voor in de plaats moet komen…geen idee. Dit even terzijde.)

De boeken op de shortlist heb ik – op het boek van Rijneveld na, want dat had ik al – gekocht in de webshop van ‘onze’ kleine boekhandel in de Haarlemmerstraat. Opvallend is, en dat viel me op bij het ‘opbergen’ van mijn e-boeken in mijn virtuele bibliotheek, dat er maar liefst vier auteurs tussen staan wiens naam met een ‘B’ begint.

De lijst…nu nog even alfabetisch op auteursachternaam:

  • Simone Antangana Bekono – Confrontaties
  • Gerda Blees – Wij zijn licht
  • Marijn de Boer – De saamhorigheidsgroep
  • Jeroen Brouwers – Cliënt E. Busken
  • Erwin Mortier – De onbevlekte
  • Marieke Lucas Rijneveld – Mijn lieve gunsteling

Van bovenstaande auteurs ken ik naast Marieke Lucas Rijneveld alleen Erwin Mortier. Van de rest had ik nooit gehoord, laat staan iets gelezen. Dat wordt dus een spannend leesavontuur!

Cindy Hoetmer – Min of meer opmerkelijke gebeurtenissen uit het leven van een treuzelaar.

Ik denk op het ogenblik veel na over rouw. Na het overlijden van schoonzus M. waar liefje J. erg veel moeite mee heeft, natuurlijk, maar ook ik heb er last van. Nauwelijks met het overlijden van M. – hoewel ik erg met J. mee leef, maar wel met alles dat we dit jaar kwijtgeraakt zijn; ons vrije leven en de cultuur. Elke dag mis ik het zo verschrikkelijk terwijl ik het gevoel heb dat ik niet mag klagen. Rouw zie ik ook terug in de autobiografische schetsen, al of niet fictief, bij ‘Min of meer opmerkelijke gebeurtenissen uit het leven van een treuzelaar van Cindy Hoetmer. Ze presenteert zichzelf als ‘voormalig’ schrijver. Dat voelt behoorlijk pijnlijk; als iemand die ‘het’ niet gehaald heeft. En inderdaad; ik had nog nooit van d’r gehoord terwijl ze jaren geleden een paar romans heeft gepubliceerd… Ik vrees dat er zo velen rondlopen, helaas, mensen die veelbelovend waren maar toch niet datgene bereikt hebben wat ze graag hadden gewild; het leven is nou eenmaal onrechtvaardig. In het boekje loopt een vrouw rond die rouwt om datgene wat ze had willen bereiken, maar helaas…niet gehaald heeft.

Als liefhebber van romans had ik in het begin wel moeite om dit boekje te lezen. Het duurt namelijk wel even voordat je doorkrijgt wat er aan de hand is. In schijnbaar losse vegen schildert Cindy Hoetmer het leven van een vrouw die de vijftig is gepasseerd en die worstelend om gezond te blijven toch uiteindelijk steeds in de kroeg beland. Een vrouw waar, volgens eigen zeggen, geen man meer in geïnteresseerd is. Uitgerangeerd is. Op literaire avonden vol succesvollere auteurs rondhangt om uiteindelijk beschonken alleen in bed te belanden. Tijdens die avonden in de kroeg en literaire avonden wordt ze links en rechts afgezeken en beledigd en eigenlijk geeft ze iedereen nog gelijk ook; wie is ze nou helemaal? Een mislukte schrijver die haar geld verdiend met achterlijke baantjes. Het zit haar gewoon niet mee…

De schetsmatige gebeurtenissen die Cindy Hoetmer beschrijft, lijken in het begin onsamenhangende anekdotes. Vaak grappig. Je zoekt diepgang en dat lijkt compleet te ontbreken. Nou moet ik wel zeggen dat ik knap allergisch ben voor drank- en dronkenman verhalen. Daarom heb ik na zo’n bladzijde of veertig overwogen om het boekje dicht te slaan en nooit meer verder te lezen, maar ik ben toch verder gegaan en heb daar uiteindelijk geen spijt van. Het toont de allerminst oppervlakkige worsteling van een ouder wordende vrouw met het leven, nadat ze heeft moeten inzien dat de doelen die ze voor zichzelf had, onhaalbaar zijn gebleken. Ze wilde het leven van een succesvol schrijver, maar dat is niet gelukt. Ze wilde, net als haar ouders, oud worden in een liefdevolle relatie, ook niet gelukt. Wat overbleef was een, in haar eigen ogen, cynische, oudere, mislukte, aan de drank geraakte vrouw. In hoeverre de Cindy Hoetmer als schrijver van het boekje samenvalt met de hoofdpersoon met dezelfde naam, weet ik niet en zou me eigenlijk niet moeten interesseren. Maar dat doe ik toch… Leuk is dat de hoofdpersoon zo’n beetje door de buurt zwalkt waar ik woon. Het decor ken ik, om het zo maar te zeggen. Ik heb een paar keer verschrikkelijk moeten lachen om situaties die ze beschreef.

Achteraf vind ik het boekje meer geslaagd dan toen ik het nog aan het lezen was. Overigens, op de omslag een plaatje van een luiaard; dat dekt niet echt de lading; de hoofdpersoon is niet lui. Ik vind de hoofdpersoon ook geen treuzelaar, meer een worstelaar

De Muidhond – Inge Schilperoord.

Uitgeverij Podium. Amsterdam 2015 (e-boek naar de eerste druk.)

Ik heb Inge Schilperoord uit. De Muidhond. Een boek op de shortlist voor de Libris literatuurprijs 2016. Het boek rammelt aan alle kanten. Vergelijk je deze roman met romans die op de longlist staan maar die buiten de shortlist vielen, dan wordt het onbegrijpelijk. Wat is hier aan de hand? Inge Schilperoord beheerst het metier niet. Het schrijverschap. De taal. Als je de taal onvoldoende beheerst, dan kan je het vergeten. Maar ook de plot rammelt. Ik vind het ongeloofwaardig. In de roman opgevoerde personages doen dingen die, in mijn ogen, niet passen bij hoe ze beschreven zijn.

De hoofdpersoon is net ontslagen uit de gevangenis; vrijgelaten bij gebrek aan bewijs. Hij zou een klein meisje hebben meegenomen naar een plek en daar ontucht mee hebben gepleegd. Maar het bewijs leek niet rond en daarom wordt hij vrijgelaten. In het Huis van Bewaring kreeg hij therapie. Therapie om zijn gedrag onder controle te krijgen en te houden. Als Schilperoord de gevangene laat terugkijken op zijn tijd dat hij vastzat, dan beschrijft ze dat hij misselijk werd van de etensgeuren in de gevangenis. Merkwaardig, want dat is dus helemaal niet de geur die je meteen op de keel slaat als je een cellenblok binnenloopt. Vuile sokken. De gevangenis stinkt naar ongewassen lijven. Elke dag als ik op mijn werk kwam, moest ik daar even doorheen. Maar goed, wellicht dat Schilperoord andere ervaringen heeft…

Wat ik opmaak uit grote zaken waarbij pedofilie een rol speelt, gaat het om mensen die steeds bewust het gezelschap van kinderen opzoeken en dan vervolgens het vertrouwen winnen en dan van kwaad naar erger gaan. Zo niet in de Muidhond. De hoofdpersoon wordt beschreven als een wat teruggetrokken persoon die samen met zijn moeder woont. Hij werkt in de visverwerkende industrie. Weinig mensen hebben contact met hem. Ze vinden hem een rare. Thuis is hij voortdurend bezig met zijn werkboek. Met zijn oefeningen die hij van de gevangenispsycholoog meegekregen heeft om zijn gedrag onder controle te houden. De contactgestoorde hoofdpersoon wordt geconfronteerd met zijn buurmeisje. Hij wil niets met kinderen te maken hebben, want hij weet dat het dan mis gaat. Hij lijkt dat echt te willen. Zo ook het buurmeisje. Hij wil haar niet. Het buurmeisje wordt weggestuurd en afgeblaft door de hoofdpersoon maar dat haalt niets uit; ze dringt zich op aan de man. Ze doet er alles aan om alleen met hem te kunnen zijn, zo lijkt het. Toevallig en ongeloofwaardig!

Observaties slepen je mee het verhaal in. Maar in de Muidhond kom je gekke dingen tegen. Zo is de afmeting van een kinderkamer heel erg klein volgens Schilperoord… hoogstens zeven bij drie! Wat stelt zij zich bij een klein kinderkamertje voor? De hoofdpersoon is tijdens een hevig onweer het huis van het meisje en haar moeder binnengeslopen. De lucht is zwart. De wereld gehuld in duisternis. De regen stort zich op de uitgedroogde aarde…Maar wat ziet de hoofdpersoon als hij bovenaan de trap staat? ‘Boven aan de trap bleef hij staan en keek naar de trillende stofdeeltjes die in het licht ronddwarrelden.’ Hoe kan dat? Tijdens een zware onweersbui…Vraag het Inge Schilperoord.

‘Met de stang van de stofzuiger drong hij diep in de naden van de vloerdelen…’ Ik zie dat niet voor me. Ze speekt van ‘…versnelde hartslag in de aderen onder zijn huid…’ (zijn er dan ook aderen op zijn huid?) Ze observeert dat ‘Zijn longen bonsden.’ (Echt nog nooit mijn longen voelen bonzen; kan me er ook niets bij voorstellen.) Ook matige zinnen. Zo laat ze een ventilator lauwe lucht ‘wieken’. Verder veel slordigs waarvan ik me afvraag of dat in andere drukken gecorrigeerd is: ‘Om vijf voor half zeven uur diende hij het eten op.’ (blz. 93) Je zou zeggen: Om vijf voor halfzeven diende hij het eten op.

Nee, ik ben niet kapot van dit boek. Misschien dat het waardevol is als illustratie van een geval uit Schilperoords praktijk als forensisch psycholoog, maar als literatuur rammelt het boek te veel.