Tagarchief: Joseph Gompers

Het holocaustnamenmonument

Ik was eigenlijk tegen het Holocaustmonument. Waarom zo’n buiten alle proporties groot monument? Waarom pas nu zo’n monument. Waarom pas een monument als de nabestaanden van de nabestaanden zijn overleden? En…ik stond er niet alleen in. Mijn bezwaren werden gedeeld door velen en niet alleen door nazi’s en holocaustontkenners. De hooggeleerde Abram de Swaan bijvoorbeeld, wilde niet dat het monument er kwam en ik was het wel met hem eens. Dat schreef ik op en zette het op deze website. Ik heb het stil gehouden voor mijn joodse ma. Zij was er juist erg enthousiast over. Vanuit de zielloze getallen naar tastbare namen, dat is wat zij graag wilde. Ik had mijn bedenkingen.

Maar ik ging sindsdien intensief aan de gang met het verleden. Ik verdiepte me in het werk van Fré Cohen en ik verdiepte me in haar leven en in haar dood. Heus ik had ook toen al heel veel gelezen en gehoord over wat er destijds met ons joden is gebeurd, maar toch wilde het niet landen. Ja, rationeel wel, maar niet gevoelsmatig. Ik heb twee keer de negen uur durende film van Claude Lanzmann ‘Shoah’ gezien. Ik heb dagenlang met mijn overlevende omaatje gesproken en haar helemaal uitgehoord over haar hel in Polen en ik vond het verschrikkelijk maar mijn gevoel wilde er niet aan. Ondanks dat ik van al die verhalen akelig werd, wilde mijn gevoel niet voelen wat het betekende om bijvoorbeeld je kind af te staan zodat het een grotere kans van overleven heeft. Kennelijk was ik pas toen ik me zo verdiepte in het lot van Fré Cohen emotioneel rijp om volledig te kunnen doorvoelen wat men destijds meegemaakt heeft. Dat veranderde veel. Sindsdien ben ik voor het namenmonument. Ik heb een draai gemaakt. Ik mag dat want ik ben geen politicus.

Gisteren was ik bij het namenmonument. Net als tientallen anderen had ik namen en geboortedata op een lijstje gezet. Het is best zoeken waar je familie staat. Het zijn zo verschrikkelijk veel namen. Helemaal logisch zit het niet in elkaar, maar dat hoeft ook niet; op zoek naar mijn eigen vermoorde voorouders zie ik  graag de namen van zoveel anderen. Niet alleen de namen, ook hun geboortedatum en de leeftijd waarop ze omgebracht werden. 13 jaar, 37 jaar, 85 jaar, 64 jaar, 3 jaar; de omvang van de misdaad is met geen pen te beschrijven. Ik fotografeerde mijn vier overgrootouders (allemaal zo rond mijn leeftijd vermoord) en mijn grootvader (gedood toen hij zo oud was als mijn jongste zoon).

Niet de namen van alle slachtoffers vind je terug op het monument. Mijn omaatje bijvoorbeeld niet. Je kunt moeilijk zeggen dat ze geen slachtoffer was van de nazi’s; haar kregen ze niet dood. Fré Cohen vind je ook niet op een van de stenen. Weliswaar overleefde ze de oorlog niet, maar ze werd niet door de nazi’s vermoord omdat ze de hand aan zichzelf sloeg. Haar vriend Joseph Gompers stierf in Tröbitz in vrijheid, hoewel hij van zijn vrijheid, verzwakt als hij was, weinig meegekregen zal hebben. Hem heb ik wel gevonden.

Gedicht geschreven in Bergen-Belsen

En toen was er een gedicht. Een opmerkelijk gedicht. Niet zozeer qua inhoud, maar meer door de omstandigheden waar het tot stand kwam. En toch ook de inhoud, een beetje. De dichter: Joseph Gompers. De datum 1 mei 1944 en de plaats waar het geschreven werd: Bergen-Belsen. Op die plek wil je als jood niet zijn op 1 mei 1944. Een concentratiekamp van nazi-Duitsland. Weliswaar geen plek met gaskamers en crematoria waar de dood een fabrieksproces was, maar ook geen plek waar het de bedoeling was dat je, als jood, overleefde. Honger en gebrek en verschrikkelijke epidemieën moesten ervoor zorgen dat men snel dood ging. Een afgrijselijke plek om te zijn op 1 mei 1944. Gompers overleefde Bergen-Belsen dan ook niet. Hij schreef het gedicht ter nagedachtenis aan Fre Cohen… Met de dood voor ogen tekende Gompers een gedicht op voor Fre Cohen. Vriend Joop Voet zag daar na de oorlog in dat Fre Cohen en Joseph Gompers een meer dan vriendschappelijke relatie moeten hebben gehad; dat ze minnaars waren.

Ik ben geïnteresseerd in het leven van Fre Cohen. Liefde en partnerschap is een belangrijk element in het leven van een mens. Omdat Fre Cohen altijd ongetrouwd is gebleven, is het niet zo gek om te kijken of onze kunstenares de liefde gekend heeft. Waarom? Geen idee. Misschien wel sensatiezucht. Laten we het houden op dat we graag een compleet beeld willen krijgen van de vrouw die ons zoveel moois schonk.

Eerst maar eens kijken wat er wel bekend is over de relatie tussen Gompers en Cohen want dat ze ‘iets’ hadden, dat is wel duidelijk. Cohen leerde Gompers goed kennen na de machtsovername van Hitler in 1933 in Duitsland. Die greep naar de macht leidde al snel tot anti-joodse maatregelen in Duisland en bracht een joodse vluchtelingenstroom op gang naar Nederland. De zeer sociaal voelende Cohen wilde een rol spelen in de opvang van de vluchtelingen. Er was onder anderen een steunfonds opgericht om de vluchtelingen financieel te helpen. Vertaler, dichter en journalist Joseph Gompers was een van de beheerders van het steunfonds. Gompers was voorstander van een joodse staat in Palestina; een zionist.  Socialisten – en dat was Fre Cohen – zagen internationale verbroedering van de arbeidersklasse als toekomst en daarbij speelde godsdienst of afkomst geen rol van betekenis. We weten niet precies wat Fre Cohen voor ogen stond. Ik zie dat juist in de periode na 1933 meer en meer joodse motieven in haar werk opduiken… Dat Fre Cohen en Joseph Gompers ‘iets’ met elkaar hebben, ligt voor de hand want ze komen veel bij elkaar over de vloer. Ze verzorgen samen artikelen in het Nieuw Isrealitisch Weekblad die Gompers schrijft en worden geïllustreerd door Fre Cohen. De kunstenares maakt twee mooie ex-librissen voor Gompers.

Terug naar het gedicht ‘De roode meidoorn’; het gedicht dat Joseph Gompers in Bergen-Belsen ter nagedachtenis aan Fre Cohen schreef. Kunnen we daar iets in lezen dat een beeld geeft van de relatie die Gompers en Cohen met elkaar hadden? Ik denk het wel. Als we ervan uitgaan dat zij een liefdesrelatie hadden dan verwacht ik dat het gedicht ‘De roode meidoorn’ een liefdesgedicht is. Dat is het niet. Gompers heeft tal van liefdesgedichten geschreven en dit gedicht lijkt daar niet op. Bovendien denk ik dat je een gedicht opdraagt aan je geliefde (zelfs als ze al overleden is) en dat ‘ter nagedachtenis’ op meer afstand duidt.

Ik zie in het gedicht meer gezamenlijke strijd en gezamenlijke idealen en daarmee een diepe vriendschap. Geen erotiek. Ik denk niet dat Gompers en Cohen een liefdespaar waren. Ik lees in het gedicht een groot verlangen naar betere tijden. Ik denk dat Cohen is gaan geloven in een joodse staat in Palestina waar joden vrij van vervolging zijn. In die nieuwe staat zal een joodse vorm van socialisme ontstaan waarin veel AJC-idealen werkelijkheid zouden moeten worden. Ik denk dat Gompers en Cohen daar eindeloos over hebben gediscussieerd en het heel erg met elkaar eens zijn geweest. Zionisme was uiteindelijk toch wel de weg uit de hel waar ze vanaf de jaren dertig als joden in terecht waren gekomen.