Tagarchief: moestuin

Overvloedige oogst

Onze groentetuin staat er boven verwachting florissant bij. Sterker nog, we weten bij God niet hoe we alles op moeten krijgen. We geven veel weg. Maar omdat de oogst overal behoorlijk overweldigend is, kunnen we veel aan de straatstenen niet kwijt. Inmaken dus, zodat we er later van kunnen genieten. Dat gaat niet altijd goed. Ik had zes weckpotten gevuld met de heerlijkste sperziebonen op aarde. Mals, zoet, echt heerlijk. Zelfs na een lange tijd pasteuriseren/steriliseren in de oven gingen de bonen na een dag of vier gisten. Gistende bonen ruiken niet lekker. Ook de courgettes groeien ons haast boven het hoofd. Voor de zekerheid had ik drie plantjes gezet. Dan kan er één probleemloos sterven, was de gedachte. Maar geen van drieën wilde dood. En ze produceren me toch een hoop courgettes! Van een aantal ga ik soep maken en die vries ik als eenpersoons porties in. Verder bereid ik ze in eindeloze variaties. Gebakken, gepureerd, geraspt, gevuld, in de soep in de pastasaus en in de curry. Dan te bedenken dat we ook nog elke week een courgette of drie, vier aan de kippen voeren. Die zijn zo groot geworden dat er geen land meer mee te bezeilen valt. Ook mijn veel geprezen koolveld groeit dat het een lieve lust is. De boerenkool en de spruitjes torenen hoog op uit de aarde. Van de witte kolen hebben een paar planten het opgegeven. Dat wil niet zeggen dat we kool te kort komen. De witte kolen die er nog staan zijn zo groot en sappig; we zullen zuurkool in overvloed hebben aankomende winter in ons eigen huis!

Een speciaal plekje nemen de gele komkommers bij mij in. Ik heb er een zwak voor gekregen. Zeker nadat ik ze op de werelderfgoedlijst van lekker eten heb gekregen! Een komkommersoort die je nergens meer kunt kopen maar die ik me nog in de schappen van de supermarkt kan herinneren. En ik weet dat mijn moeder ook een stevige bijdrage heeft geleverd aan het verdwijnen van deze soort; die bittere komkommer wilde ze niet. Wel die lange dunne zoete groene komkommers. Niet dat ze altijd bitter zijn, maar er hoeft maar niet dat te gebeuren en ze zijn voor rauwe consumptie haast niet meer geschikt. Voor amateur tuinders is er gele komkommerzaad in overvloed en dat behoedt ze zeker voor uitsterven. De gele komkommer heeft nogal wat voordelen boven zijn populaire groene broertje; gele komkommers hebben geen kas nodig en zijn heerlijk om in te maken. In zoetzuur. Dat gebeurt op heel kleine schaal nog wel professioneel. Tafelzuurmaker De Leeuw aan de Vrijheidslaan bijvoorbeeld. De ingelegde komkommer van De Leeuw zijn een omrit waard. Ook Kesbeke maakt ze in. Maar op nog kleinere schaal.

Gisteren oogstten we komkommers.  Een imposante berg. Terwijl ik ook al een bergje in de koelkast heb liggen en er, zo te zien, ook nog een heleboel nieuwe aan gaan komen. Ik heb zoetzuur gemaakt: Een pond suiker, een halve liter water en anderhalve liter biologische witte natuurazijn. Dat is de basis. Ik heb er twee knoflooktenen en een ui in gesneden en een mengsel mosterdzaad, korianderzaad, dillezaad en laurier aan toegevoegd. Dat staat lekker samen smaak en geur te integreren. De lege potten staan klaar. Nog even en dan gaat het grote vullen van start. Oh ja, suiker/diabetes/Frits… Tsja, ik heb al een pot komkommer met stevia gezoet. Ik weet niet of ik daar zo blij van word. Misschien dat ik nog wat met mijn gewone zoetjes probeer. Ik zie wel. Eerste de grote bulk!

Kool

Culinair gezien is de lente veelal uitgesteld genot. Je zaait en je plant, maar pas over maanden kan je oogsten. Vandaag ga ik kool planten. In ons kleine kasje heb ik drie rijtjes kool voorgezaaid: Witte kool, spruitjes en boerenkool. Het zaaisel is prachtig opgekomen en de plantjes staan te popelen om uitgepoot te worden. Ze staan hutjemutje bij elkaar. Hoe sterk ik me ook voorneem om dun te zaaien, het lukt me niet echt. Maar de plantjes lijden er nog niet onder. Moet ik natuurlijk wel aan het werk. Kool kweken is arbeidsintensief. Heel anders dan bijvoorbeeld worteltjes. Als je mooi dun worteltjes gezaaid hebt, hoef je helemaal niets anders te doen dan het onkruid weg te houden. Hoe anders is kool!

Kool is niet alleen arbeidsintensief voor mij, maar ook voor de grond. Geen fragiel worteltje dat zuinigjes haar voedsel aan de aarde onttrekt, maar een stevige grote plant die de aarde leegvreet. Dat vergt nogal wat van de grond. Een stevige schep compost in het plantgat moet de aarde beschermen tegen uitputting.

De resten van de kooloogst van vorig jaar heb ik gisteren opgeruimd. Witte kool staat voor mij gelijk aan zuurkool. Ik heb verschillende lekkere recepten met witte kool, maar een deel van mijn witte kool is bestemd voor de zuurkool. Zo’n groente waar ik nu, in het prille voorjaar niet echt aan moet denken, maar die ik eindeloos lekker vind in de winter. Associeer je zuurkool met het sompige en natte Europa, dan kom je bedrogen uit. Naast de bazaar in Teheran kan je de lekkerste falafel eten die ik ooit geproefd heb. Zuurkool moet je zelf, naar smaak, over de gefrituurde balletjes draperen. En die Iraanse zuurkool verschilt qua smaak niet zo heel veel van de zuurkool die we hier eten. Desalniettemin passen lente en zuurkool niet bij elkaar, vind ik. Gisteren heb ik het laatste beetje zuurkool weggegooid en mijn zuurkoolpot goed schoongemaakt. De boel was een beetje gaan stinken. In oktober zal de pot weer gevuld worden…met verse kool uit eigen moestuin! (Als het meezit…).

Maar op dit moment moeten we nog even aan de slag want er lijkt geen plant te zijn met meer vijanden in mijn tuin dan de kool. Vooral slakken hebben het voorzien op de jonge plantjes. Vorig seizoen hebben we een heuse slakkenplaag gehad. Niet alleen de kolen hadden er last van, maar alles wat groen was moest het ontgelden. Dit jaar heeft het van de winter goed gevroren en dat lijkt het aantal slakken te hebben teruggebracht tot een aanvaardbaar niveau. Desalniettemin geef ik mijn tere plantjes niet zomaar aan de natuur prijs. Vorig jaar, toen we de wanhoop nabij waren, hebben we de ultieme bescherming gevonden. We sneden de bodem uit een plastic bekertje en beplakte het met antislakken kopertape. Dat zette we over het koolplantje heen. De vijand slijmert tegen de wand van het bekertje omhoog en op het moment dat hij de lekkere frisse jonge plantjes ruikt, stuit het op het kopertape. Een onoverbrugbare slakkenbarrière. De slijmerd heeft maar één keus: Wegwezen!

De bekertjes staan klaar! De koolplantjes staan klaar. Aan het werk!

Koolplantje beschermd tegen slakken.

Het tuin-rampjaar

Ik heb nog niet verteld hoe het afgelopen is met de plannen die ik voor onze Badhoevense moestuin had, vorig jaar. Het werd een rampjaar. Qua oogst beleefde we het slechtste jaar ooit. Alles dat normaal goed groeit in de polderklei, was al opgegeten voordat het goed en wel het kopje boven de aarde stak. Ik heb zelden een slijmeriger vertoning gezien dan het afgelopen jaar. Grote bruine naaktslakken terroriseerden alles dat groeit en bloeit en ons altijd weer boeit. Tegen de schemering kwamen ze in grote getalen tevoorschijn en stortte ze zich op alles dat groen was. Mosterd leken ze niet te lusten en onze zwarte ramanas ook niet. Helaas bleken aardvlooien helemaal gek op onze mosterdplanten en begrepen we ‘slakken weerzin tegen de zwarte ramanas wel; we vonden hem zelf eigenlijk ook niet te vreten. Nee, onze oogst was schamel. De plantjes waren reddeloos, de tuin redeloos en wij waren radeloos; een heus tuin-rampjaar!

Hebben we ons dan zomaar overgegeven aan het slijmerige ongedierte? Mooi niet! Ik denk dat we wel zo’n beetje alles uit de kast hebben gehaald in de strijd tegen de slak. Het meeste hielp eigenlijk geen zier. De randjes, bijvoorbeeld. Het verhaal ging dat de beesten moeilijk over een randje heen konden komen. Daarom zette we plastic randjes rond sommige bedjes. Ons viel het niet op dat er meer slakken buiten bleven dan erin kwamen. Feit was wel dat het enige groen binnen het randje, het groene randje zelf was; de rest was verslonden. Ecologische slakkenkorrels hebben we gestrooid. Punt. Ik geloof dat het ongedierte graag een slakkenkorreltje vrat om het verse groen mee weg te spoelen. Wij hadden niet het idee dat ze daarvan dood gingen of…bang het hazepad kozen. Toch hebben we uiteindelijk wel zuurkool uit eigen tuin gemaakt. Met zelfgekweekte kool. Er bleek namelijk één remedie te zijn waar de vijand niet van terug had; anti-slakken kopertape. We knipten de bodem uit een plastic bekertje en beplakte het bekertje met de tape. Vervolgens zette we het over een koolplantje heen. De slijmjurken kropen tegen het bekertje op maar zodra ze het kopertape raakten maakten ze rechtsomkeert. Dat heeft onze koolplantjes gered.

Jammer genoeg hadden we de koolplantjes op ons nieuw verworven stukje tuin gezet en dat was al jaren verwaarloosd qua compost. Gewoon uitgeputte grond. De schep compost die we in het plantgat hadden gegooid was niet voldoende om de plantjes te laten uitgroeien tot weelderige kolen. Maar de onderdeurtjes die we oogsten waren voldoende voor een aantal maaltjes zuurkool.

Hebben we dan nu de moed opgegeven? Wat dacht je? Mooi niet! Afgelopen herfst hebben we de tuin gespit en in de spitvore hebben we goed compost gestrooid. Bovendien heeft het deze winter goed gevroren. Onze hoop: Slakken doodgevroren en een vruchtbare tuin! We hebben een fantastisch tuinplan gemaakt voor dit jaar en alles wat we konden zaaien gezaaid. De eerste plantjes zijn goed opgekomen en slakken hebben we nog niet gezien (afkloppen!). Behalve een heel klein slakje. Daar heb ik mijn hak van mijn nieuw tuinklomp opgezet en gedraaid en geveegd tot er niets meer van over was dan een slijmerige veeg op het tuinpad. Ik verwacht dit jaar een fantastische oogst!

Tuinplan 2017!

De late mooie herfstdagen

Gisteren waren we in onze tuin. De gespitte aarde moet zaairijp gemaakt worden. De kluiten zijn mooi stukgevroren, maar als je de grond dan niet snel gaat bewerken, dan drogen de kluiten weer uit en worden ze hard en erg moeilijk fijn te krijgen. Je wilt zaaien en planten in mooie korrelige aarde. Afgelopen winter hebben we de hele tuin, inclusief paadjes, omgespit. Omdat we het dit jaar anders willen doen, hebben we de bedjes zó smal gemaakt dat we niet meer buiten de paadjes in de bedjes hoeven te staan. We denken dat daardoor de aarde minder hard wordt en de plantjes beter groeien. Gisteren hebben we de paadjes aangelegd. Veel zaaien kunnen we nog niet. De grond blijft lang koud in de Haarlemmermeer. Eigenlijk konden er gisteren alleen tuinbonen worden gezaaid. Hoewel we lekker in de lentezon buiten waren, zak ik regelmatig weg in somberheid. We hadden zo gehoopt dat we rond deze tijd weer in ons eigen huis zouden zitten. Dat we weer een huis met een tuin hadden. Maar de terugkeer naar ons eigen huis lijkt verder weg dan ooit.

Ik heb heimwee. Verschrikkelijke heimwee. De oorspronkelijke planning waarbij we voor de lente weer in ons eigen huis zouden zitten is van de baan. Volgens de nieuwe planning zouden we zo rond het begin van de zomer, in juni, weer terug kunnen verhuizen. Wij houden het er maar op dat september wellicht haalbaar is maar ook daar durven we haast niet op te hopen.

Ik kan het niet laten om regelmatig langs de bouwplaats te lopen en te kijken hoe ver ze zijn. Niet dat ik er enige hoogte van krijg want wat weet ik nou van renoveren? Maar iedere keer dat ik iets zie veranderen geeft mij het gevoel dat we een stap verder richting onze terugkeer zetten. Tot voor kort konden we nog betrekkelijk dicht bij de huisdeur komen en hebben we gezien dat het hele huis was gestript, dat ze nieuwe fundering hebben aangebracht en dat ze nieuwe vloeren hebben gestort. Vanaf dat moment konden we niet meer dicht bij ons huis komen. Alleen vanaf de binnenplaats van het museum konden we enig zicht houden op wat er daarbinnen gebeurde. Maar nu staat ons huis volledig in de steigers. Het torentje nog niet. Ik heb me voorgenomen dat ik pas weer hoopvol gestemd ben als de steigers van het torentje worden weggehaald. Pas op dat moment kan je zeggen dat onze terugkeer aanstaande is. Maar alleen de aanzet van de toren staat in de steigers, het torentje zelf piept er nog vrolijk bovenuit.

Gisteren in onze moestuin waren we heerlijk aan het werk. Josien verplaatste de planten die we daar in leven houden voor onze tuin in ons gerenoveerde echte huis. Ik zie dat de knoppen aan de bewaarde planten dikker worden in de verkeerde tuin. Ik probeer te voelen hoe de eerste lente voelt in onze eigen tuin. Zo lekker. Zo heerlijk. We zitten naast elkaar op het bankje te ontbijten. De vroege lentezon verwarmt onze gezichten. Het brood is net gebakken. Vanavond komen de kinderen. Naast mijn geliefde op ons bankje in onze eigen tuin van ons gerenoveerde huis…In september gaan we genieten van de late mooie herfstdagen!

Spitten

Als het winter wordt en je een moestuin hebt op de zware polderklei, dan moet je spitten. Een boer ploegt dan zijn grond. De moestuinliefhebber spit zijn tuintje om. De aarde moet gevoed met compost. Compost moet niet te lang op de aarde liggen, maar moet ondergespit. De afgelopen seizoenen is de aarde ingeklonken. Keihard is de aarde. Daarom heeft de grond lucht nodig. Met een schep steek je plakken uit de aarde en die leg je omgekeerd weer terug. Kluiten zijn het. Glanzend van het vocht. In de spitvore, verdeel je de compost en de omgekeerde kluiten bedekken de compost. De winter zal de kluiten bevriezen. De bevroren waterdruppels in de kluit, drukken de klomp aarde uit elkaar. Als de winter voorbij is, vallen de kluiten uit elkaar in fijne korreltjes. In een laag zachte korrelige aarde waarin het goed zaaien en planten is.

Maar voor het zover is. Voor het zover is dat de winter de kluiten bevriest, moet je spitten. Juist op de zware polderklei is dat geen feest. Natuurlijk probeer je er een feest van te maken. Lekkere lichaamsbeweging in de natuur! Maar het is hard werken. Zwaar werk ook. De kluiten zijn dicht en nat. Je kunt ervoor kiezen om hele kleine kluitjes om te leggen, maar dan schiet het niet op. Honderd vierkante meter spitten lijkt niet zoveel, maar dat is het wel.

Gisteren waren Josien en ik op de tuin. Onze tuin van honderd vierkante meter is door stenen tegels verdeeld in twee gelijk stukken. Het eerste stuk hebben we grotendeels het vorige weekend gespit. Behalve het achterste stukje. Daar staan onze aardbeien. Naast de aardbeien een stukje tuin waar dit jaar vrijwel niets gegroeid heeft. Ons frusto stukje. We zijn van plan om daar wat bloemen op te zetten. Kan ons het schelen, maar we gaan er geen tijd insteken laat staan een schop. De rest van dat eerste stuk glanst ons wittig toe. De rijp van de nacht ervoor zit er nog op. De gespitte grond lijkt in slaap. Je krijgt het gevoel dat de aarde rustig en regelmatig ademhaalt. Is natuurlijk onzin…maar ik maak het mezelf graag wijs.

Terwijl Josien met een schoffel en spa de paden weer terugbrengt tot de oorspronkelijke breedte, begin ik te spitten in het tweede stuk tuin Na zo’n slordige vier vierkante meter moet ik voor het eerst een poos rusten. Vooral mijn rug protesteert. Maar ik ben ook behoorlijk oververhit geraakt. Behalve mijn voeten. Het is vier graden boven nul en op een licht bevroren ondergrond raken mijn voeten in de rubber kaplaarzen snel onderkoelt. Dat terwijl ik haast nooit koude voeten heb. Daar heeft Josien het patent op. Ik doe de dunnere jas aan, die ik daarvoor speciaal meegenomen heb. Ik ga een kruiwagen compost halen om mijn voeten weer een beetje warm te lopen. Met gevoelloze, pijnlijke voeten loop ik naar de compostplaats. Maar het helpt wel. Want als ik terugloop, is de pijn verminderd. Dan gaan we weer spitten. En spitten… en spitten.

Als ik in de late namiddag in de auto ga zitten, voel ik hoe mijn botten en lichaam zich krakend laten vormen naar de autostoel. Alles ontspant in mijn lichaam. Maar het voelt zo moe. Maar wel bevredigend moe. Ondertussen vraag ik me af in hoeverre spitten en ploegen nog van deze tijd is. Josien en ik hebben het geleerd van Josien d’r vader. Hij was zijn leven lang tuinder. Maar er worden tegenwoordig ook andere dingen gezegd. Permacultuur is het jé van hét op het ogenblik. Die houden niet van spitten. Die willen de structuur van de grond de structuur van de grond laten. Hoogstens de bovenlaag een beetje los maken… Zelfs de gangbare landbouw begint haar geloof in ploegen te verliezen. Misschien moet ik me eens een keertje wat meer gaan verdiepen. Volgend jaar dan maar. Dit jaar blijf ik spitten. Blijven wij spitten.

Moestuin in de zomer

Ik heb een moestuin. In de vroege lente heb ik er al eerder over geschreven. Toen was ik erg enthousiast en vol verwachting over wat ik ging zaaien. Ook was ik vol verwachting over wat ik ging oogsten. Ik schreef over ‘het hele jaar door eten uit je tuin’ door groenten op diverse manier in te maken. Ik zou kolen planten om zuurkool te maken, ik zou lof zaaien, om van de ingekuilde wortels de hele winter lang mooie struikjes lof te snijden…Ik was, kortom, vol verwachtingen. Een gevoel dat helemaal bij de lente past.

Maar nu, in de zomer. Op het moment dat de meeste mensen op vakantie zijn, word ik geconfronteerd met de realiteit. En die realiteit is hard voor mij. Voor ons, want schrijver dezes deelt zijn leven en dus ook het moestuindrama dat zich aan het ontrollen is. Daarom ga ik eerst vertellen over wat wel gelukt is. Josien en ik hebben al diverse courgettes gegeten. Na een aanvankelijke aarzeling, is de courgetteoogst nu goed op gang gekomen. In de vroege lente hadden we courgettes en pompoenen voorgezaaid. Thuis op onze zolderkamer hadden we ze tot volwaardige plantjes laten opgroeien om ze daarna uit te planten in de tuin. Met die eerste poging waren de slakken in onze tuin, bijzonder blij. Binnen no-time konden we alleen nog maar een rechtopstaand steeltje vinden…in het gunstigste geval. Na een week vonden we van al onze plantjes helemaal niets meer terug. Daarom meteen nieuwe gezaaid. Wijs geworden door onze eerste poging, namen we maatregelen. Plantjes zouden opgroeien met een bescherming rond hun steel; een plastic bekertje zonder bodem met een strip van kopertape aan de bovenkant.

Dat bleek de gouden oplossing want geen slak die de koperen slakkenstrip kon nemen en na een betrekkelijk korte tijd was de plant zo enorm gegroeid dat slakken er geen kwaad meer konden aanrichten. Dezelfde truc pasten we toe op de kool. Ik wilde veel kool zodat we veel zuurkool zouden kunnen maken. We hadden zaad van verschillende koolsoorten gekocht. Maar helaas, sommige koolsoorten kwamen heel slecht op. De plantjes die wel opkwamen beschermden we op precies dezelfde manier als onze courgetteplantjes. Het effect was dat de plantjes in eerste instantie uitgroeiden tot prachtige planten. Maar nu is het droog. Al weken is het veel te droog. Mijn koolplanten lijden, dat is wel duidelijk…

De ergste vijand van onze moestuin is zonder meer de slak. Hoewel we van alles hebben uitgeprobeerd, lijkt weinig werkelijk te helpen. Deze overtuigd biologische hobby tuinier heeft zelfs (biologische) slakkenkorrels aangewend in de strijd tegen het slijmerige ongedierte. Maar zelfs dat heeft nauwelijks effect gehad. Alleen de bekertjes met koperen slakkentape. Dat werkt wel.

koolplantjes met bekertjes met koperen slakkentape rond hun steel
koolplantjes met bekertjes met koperen slakkentape rond hun steel

Dit jaar: geen worteltjes, boontjes of bietjes…snif. Al helemaal geen witlof. Ook de uien zijn verdroogd. Wel wat tuinbonen, gelukkig!

Het spijt me, maar de stand van zaken, midden in de zomer, is niet echt rooskleurig in onze moestuin.

Wraak op de slijmjurken!!!!

Het is lente. Al enkele weken is het lente, maar tuinieren kon pas één weekenddag. Eén dag met een vriendelijk zonnetje. Die dag hebben we ook hard gewerkt want de tuin lag er behoorlijk na-de-winter bij. Grote kluiten die allemaal fijn gemaakt moeten worden. Op die ene mooie dag heb ik een derde van de tuin fijn gemaakt. En de tuinbonen gezaaid. Tuinbonen moeten vroeg in het voorjaar, dan krijgen ze minder last van zwarte luis. Dat zegt men. Dit voorjaar is grimmig begonnen. We hebben best wraakzuchtige plannen. Met de slakken. Die gaan er dit jaar van lusten, dat beloof ik.

Mijn wraakgevoelens stammen van vorig jaar… Het komt allemaal voort uit zuurkool. Ik vind zuurkool erg lekker. Zuurkool zelf maken is makkelijk, kan eigenlijk nauwelijks mislukken en is veel leuker en lekkerder dan een pondje zuurkool kopen in de winkel. Voor zuurkool heb je kolen nodig. Mooie grote witte kolen. Die wil je natuurlijk zelf kweken.

We zaaiden wat plantjes voor en zette ze in onze tuin. Op het eerste gezicht een prachtig koolveldje. Je zag; onze plantjes hadden het lekker. Ze groeiden en groeiden. Na een paar weken zagen we de eerste gaatjes in de blaadjes. En de eerste afgehapte blaadjes. De eerste slijmerige blaadjes. Slakken! Beesten die eigenlijk alleen maar goed zijn om op te vreten. Te grillen met kruidenboter. Maar deze dus niet. Kleine naaktslakjes. Geduldig als ze is, begon Josien slakjes te plukken. Een handje vol voor de kippen. Maar tegen dat slijmerige gespuis bleek niet op te plukken. De kleine naaktslakjes werden grote naaktslakken. Maar ook huisjesslakken voelden zich uitgenodigd bij het feestmaal dat wij voor ze hadden geplant. Een wonder dat de koolplanten zich er bijna niets van aantrokken. Die groeiden sneller dan ze opgegeten werden. En Josien maar plukken. Soms ging er ruim een pond slakken naar de kippen. Die wilden ze niet eens meer. Die zaten hikkend en boerend met dikke buiken in een hoek. Teveel is teveel. Een slak is lekker, maar…

2015-08-30 12.33.29

De slakken gunden ons ongeveer de helft van de kool. Heel erg aangevreten. Ik moest er nog zeker een kwart vanaf snijden. Ik heb zuurkool kunnen maken, en die is erg goed gelukt, maar toch. Toen we vorige week in het tuincentrum stonden, kregen wij een wraakzuchtige oprisping. Helemaal omdat ik bedacht dat we waarschijnlijk, met onze mooie sappige kolen vorig jaar, onbedoeld, bijgedragen hebben aan een sterk verbeterde slakkenstand. Er zijn waarschijnlijk vele slijmerige mondjes in onze tuin aan het hopen op weer zo’n bacchanaal… Dat gaan wij dus voorkomen. We waren puristen en erg begaan met de natuur…maar alles kent zijn grenzen. We hebben maatregelen genomen…

Slakkenkorrels. Biologische, dat wel, maar toch; slakkenkorrels. En om helemaal zeker te zijn ook nog eens slakkentape. We gaan van plastic bekertjes de onderkant afknippen en de bovenrand beplakken met het slakken-schrikdraad-tape. Dat bekertje zetten we over onze net geplante koolplantjes. Dat zijn we van plan. Anti-slakken bekertjes over onze plantjes, en slakkenkorrels om ze op afstand te houden. Dat zal ze leren!

Wraak op de slijmjurken!!!!