Tagarchief: onderzoek

Doktertje spelen

Als pre-puber heb ik ervan gedroomd; Ron O. heeft het waargemaakt! Hij stond gisteren voor de rechter meldde de Volkskrant. Als vadsige dikke veertiger heeft hij gedaan waarvan ik als prille puber droomde en een hele reeks domme vrouwen is er met open ogen ingetuind!

Laatst in het Openluchtmuseum kreeg ik een Ron O. deja vu. Ze hebben  daar een gebouw van de GGD neergezet met een inrichting uit de jaren vijftig. Ze sproeien daar dagelijks een geringe hoeveelheid lysol zodat de geur overeenkomt met destijds. Als pre-puber kregen we allemaal een onderzoek. In het Openluchtmuseum zag ik me onderzocht worden, destijds. Gek genoeg kan ik mijn moeder erbij niet herinneren; ik moet erg jong zijn geweest. Een jaar of elf twaalf. Ik had wat vragen moeten beantwoorden bij een verpleegster. Duidelijk herkenbaar aan haar kapje. Daarna werd ik naar een kleedkamertje geleid. Die bleek twee deuren te hebben: Eentje van de verpleegster af en eentje naar de dokter toe. Er tussenin moest ik me uitkleden. Alles moest uit behalve mijn onderbroek. In mijn onderbroek moest ik wachten tot het lampje ging branden. Ik voelde me zo bloot, eenzaam en koud in dat hokje en ik hoopte dat dat lampje ging branden zodat ik er snel vanaf was. Ik had geen idee wat mij ging overkomen.

Het moment dat de arts het elastiek van mijn onderbroek aanraakte en mijn onderbroek opentrok, ging er een schok door me heen. De arts keek naar mijn zakie terwijl ik hard op mijn pols moest blazen. De vernedering was toen nog niet compleet want met zijn vingers voelde hij vervolgens aan mijn ballen. Heel, heel erg bloot mocht ik weer naar het kleedhokje terug. Met elk kledingstuk dat ik aandeed voelde ik me weer mezelf worden. De volgende dag vroeg mijn vriendje, die eerder aan de beurt was geweest dan ik, hoe het was geweest bij de ‘ballenwipper’. Die naam had ik al eerder gehoord maar nooit beseft waar dat op sloeg. Toen dus wel.

Maar ’s avonds in bed dacht ik aan het mooiste meisje van de klas. Ik was een beetje verliefd op d’r. Joyce. Terwijl ik lag te bedenken hoe het was om samen ‘iets’ te hebben, kwam bij mij de gedachte op dat ook zij naar de ballenwipper was geweest. Wat had hij met haar gedaan? Had hij ook in haar onderbroek gekeken? Had hij ook haar ‘daar’ aangeraakt? Ik raakte daar zowaar best opgewonden van. Ik fantaseerde dat ik zelf arts was. Op mijn bureau de knopjes waarmee ik de lampjes in de kleedhokjes aan en uit kon doen. En toen ik een schakelaartje omzette, ging één van de kleedkamertjes open en liep Joyce, in haar onderbroekje naar me toe. Als elfjarige had ik een rijke fantasie! (Of was ik soms niet de enige jongen die dit fantaseerde?)

Ron O. moet die fantasie ook gehad hebben. Hij maakte hem waar. Niet als prille tiener maar als dikke veertiger. Niet bij klasgenootjes waar hij nog veel meer omheen fantaseerde…nee, bij volwassen vrouwen. Bij hem thuis. Ze kleedde zich voor hem uit en gingen op zijn ‘behandeltafel’ liggen en vervolgens bevingerde, bevoelde, betaste hij alle lichaamsopeningen en -rondingen van de vrouwen. Ik was er natuurlijk niet bij en wat weet ik ervan, maar zo op het eerste gezicht heb ik wel een oordeel: Wat een oliedomme vrouwen! Zo crimineel kan ik Ron O. niet vinden… Laat de rechter daar maar over beslissen!

De vredelievende twintigste eeuw

Wellicht ga ik het laatste nummer van Nature kopen. Er staat een verslag in over een zeer belangwekkend onderzoek. Onverwachte resultaten ook. Het gaat over de mate van moordzuchtigheid van de mens in vergelijking tot andere dieren en wat de meest moorddadige periode in de menselijke geschiedenis is geweest. Vandaag doet Cor Speksnijder in de Volkskrant verslag van dat onderzoek. Bij dat verslag een intrigerend lijstje. In welke periode in de geschiedenis zijn de meeste mensen door menselijk geweld overleden?

Ik dacht altijd dat de afgelopen eeuw de meest gewelddadige eeuw was die er ooit geweest is.  De twintigste eeuw met twee wereldoorlogen, tal van bloedige bevrijdingsoorlogen en enkele wrede revolutionaire oorlogen. Miljoenen doden. Een eeuw waarin mensen fabrieksmatig werden vermoord. Hoe kan die eeuw met betrekking tot intermenselijk geweld overtroffen worden door andere perioden in de geschiedenis? Voor de zekerheid er ook nog een lijstje bijgehaald. Over de doden die in de tweede wereldoorlog gevallen zijn. Dat slaat de schrik je om het hart. Procentueel heeft Polen het meeste doden te betreuren: Een slordige twintig procent van de Polen heeft de oorlog niet overleefd; één op de vijf. Haast niet voor te stellen. Hele gebieden moeten ontvolkt zijn geraakt. Maar dat zegt nog niets over absolute aantallen mensen. Dan is de voormalige Sovjet-Unie de kampioen: Een kleine vierentwintig miljoen mensen lieten daar het leven. Zo’n vijftien procent van de bevolking. Wat een boel mensen. De Benelux zou volledig ontvolkt zijn als die doden hier gevallen waren.

Terug naar het lijstje in de Volkskrant. Is mijn aanname juist dat in de laatste eeuw de meeste mensen door menselijk geweld zijn omgekomen of niet. Mijn aanname lijkt onjuist. In de twintigste eeuw kwam slechts anderhalf procent van de wereldbevolking door geweld om het leven. Daarmee is dat het laagste percentage in het lijstje. In de moderne tijd werd maar liefst tweeëneenhalf procent van de mensen door mensen van het leven beroofd. Maar daar gaat het wel weer om een periode die vier keer zo lang is: Van 1500 tot 1900. De middeleeuwen lijken in het lijstje het aller gewelddadigst. Twaalf procent van de mensen vond een onnatuurlijk einde. Een periode van duizend jaar. Maar ook tijdens de 800 jaar van de IJzertijd was niet mis: Zes procent van de mensen kwam om door mensenhanden.

De eeuw waarin ik geboren ben is een periode in de geschiedenis van pais en vree als je het vergelijkt met andere perioden.  Ik kijk ervan op, maar kan er niet onderuit. Ik ga ervan uit dat het een degelijk onderzoek is geweest. Dat de Middeleeuwen een gewelddadige periode is geweest waarin het mensenleven niet erg telde, dat wist ik. Maar ik had altijd aangenomen dat dit geweld op kleine schaal was. Iemand onthoofden of ophangen of een oorlog uitvechten met knots en bijl leek mij niet zoveel zoden aan de dijk te zetten. In ieder geval niet vergelijkbaar bij de lijken-productie in de verschillende vernietigingskampen in de tweede wereldoorlog. Toen werden er echt meters gemaakt op de geweldsindex, zou je zeggen. Maar nee dus: De twintig miljoen Chinezen en de vijfentwintig miljoen Sovjets, Zeven miljoen Duitsers die omkwamen…(om maar eens de kampioenen te noemen), het maakt de twintigste eeuw tot een eeuw die gekenmerkt werd door vredelievendheid en zachtmoedigheid…volgens de statistieken.

De agressieve vleeseters van Diederik Stapel

Toen Willem Holleeder even niet in het gevang zat, werd hij in het programma ‘Collegetour’ door Twan Huys samen met een zaal studenten geïnterviewd. Men vroeg hem toen zoiets als: Als je nog iets kon gaan studeren, wat zou je dan voor vak kiezen? Holleeders antwoord liet niet lang op zich wachten: Psychologie. Dat leek hem het meest interessant. Mij ook trouwens. Je wilt zo graag weten waarom we denken en voelen zoals we denken en voelen. Maar ook, hoe je dat denken en voelen kunt manipuleren. Hoe kan ik ervoor zorgen dat jij een bepaald gedrag gaat vertonen? Mateloos aantrekkelijk. Een ander laten doen wat jij graag wil. Iemand die geen zin heeft om iets voor je te doen zo manipuleren dat hij of zij het graag voor je doet. Een machtig wapen in de leefwereld van Willem Holleeder; niks geen dreigementen maar zachte manipulatie zorgen ervoor dat een rijkaard zijn vermogen aan Holleeder overhandigd; te mooi om waar te zijn. Ook een machtig wapen in de wereld die het daglicht wel kan verdragen, trouwens. De wereld waarin bedrijven je willen laten geloven dat het leven meer waard is als je hun spullen koopt.

Het hoe of wat van gedrag en gevoelens wordt bestudeerd in de sociale psychologie. Een zeer aantrekkelijke kant van de psychologie. Maar ook een erg fraudegevoelige tak van de psychologie bleek in de recente geschiedenis. Juist daar waar de kennis zo aantrekkelijk is, trekt het oplichters en charlatans aan.

Diederik Stapel was in Nederland de kwade genius. Hij bedacht onderzoeksresultaten zelf. Dat kwam allemaal aan het licht door een onderzoek waarbij ons leven, het leven van Josien en mij dus, direct geraakt werd.

Zoals ik al vaak heb duidelijk gemaakt, eet ik alles wat gelopen, gekropen, gegleden, gevlogen of gezwommen heeft. Niets is koosjer en niets is treife; ik eet alles. Dat in tegenstelling tot Josien. Voor haar hoeft er geen dier te worden gedood. Ze pikt wel de eieren van het kippetje en de melk van de koe, maar daarmee zijn haar misdaden tegen de dierlijkheid wel volledig benoemd. Wat wil het toeval; een hoogleraar sociale psychologie (zelf vegetariër) had bedacht dat het weleens zo zou kunnen zijn, dat vleeseters agressiever zijn dan niet-vleeseters. Ze bedacht enquêtevragen en wilde daarmee het land intrekken om mensen naar eigen gedrag te laten kijken. Na het nuttigen van een lekkere, sappige, bloederige biefstuk, zouden de respondenten dan wat vragen mogen beantwoorden. Een hoop werk… Een andere hoogleraar, Diederik Stapel, stelde voor dat hij die enquêtevragen zou voorleggen aan zijn representatieve respondentengroep. Dat scheelde een hoop werk en daarom ging de onderzoekster hiermee akkoord. Achteraf bleek die respondentengroep te bestaan uit één persoon; Diederik Stapel. Vanuit de losse pols beantwoordde hij de enquêtevragen en creëerde daarmee bewijs voor de stelling dat vleeseters agressiever zijn dan vegetariërs…

Dat onderzoek kwam in het nieuws en heeft bij mij thuis wel wat teweeggebracht. Mijn tomeloze agressie werd daarmee verklaard! Een tijdlang waren biefstukken taboe! Diederik Stapel, bedankt!

Na dit onzinnige agressieve vleeseters onderzoek, sneuvelde het ene na het andere onderzoek. Vandaag in de krant het onderzoek naar de glimlach; als je glimlacht voel je je vanzelf gelukkiger…blijkt dus ook onzin. Waar gaat het heen met de wereld?