Tagarchief: Antwerpen

Sint Rochus in de Sint Jacobs

Gisteren konden we na jaren weer de Sint Jacobskerk in Antwerpen binnen. Geen idee hoe lang de restauratie geduurd heeft, maar het was zeker een paar jaar niet mogelijk om de kerk te bezoeken. Maar binnengekomen zie je aan niets dat hier gewerkt is. Het pleisterwerk ziet er nog steeds onverzorgd uit. Je hebt nog steeds het gevoel dat het zo naar beneden kan vallen. Daarom denk ik dat er vooral een herstel van de constructie heeft plaatsgevonden van deze oude kerk. Daar kan je natuurlijk weinig van zien. Maar hoe dan ook, we waren blij dat we er weer naar binnen konden. Meteen viel ons op hoe chaotisch de kerk is. Alles lijkt lukraak opgehangen en neergezet.

Helaas ga ik met kerken op dezelfde manier om als met een nieuw koffiezetapparaat; ik laat de handleiding in de doos en probeer gewoon koffie te zetten. We kregen een foldertje uitgereikt, maar lezen, ho maar. Ik stiefelde meteen af op de Sint Rochuskapel. De vorige keer hingen daar de panelen waar het mij om ging; mijn reden om die Sint Jacobskerk te bezoeken. Maar daar hingen ze dus niet. Na een vluchtig rondje door de kerk…geen Sint Rochuspanelen. Daarom naar de kaartjesverkoper gelopen. ‘Sint Rochuspanelen…awel…anders is er ook een gids aanwezig en nu niet…geen idee waar die zijn’. Maar gelukkig waren er een paar mensen in de kerk aan het werk en die wezen me feilloos de weg: Achter de doopkapel. Daar hingen ze. In een heel andere setting dan eerst. Opgehangen in een vitrine. Achter glas. Beschermd tegen van alles en nog wat. De waarde die ik in de panelen zag, ziet nu ook het kerkbestuur. Gelukkig maar, want ze hingen op hun oude plek te verstoffen. Bovendien leden ze nogal onder het invallende licht waardoor je door de schittering op de verf nauwelijks de schilderijen kon bekijken. Dat is nu helemaal opgelost. Ze hingen er mooi bij. Met veel plezier heb ik ze bekeken.

Ondertussen is er door Mimi van der Velden gedegen onderzoek gedaan naar deze panelen. Dit onderzoek is op de site van de Sint Jacobskerk te vinden. Wat ik ook probeerde, uitprinten of downloaden lukte niet. Ik was graag met een geprinte versie naar de panelen gaan kijken. Omdat printen dus niet lukte, stond ik met mijn telefoon in de hand, de schilderijen te bekijken. Mateloos interessant. Maar ook heel erg vermoeiend; had ik maar een uitgeprinte versie. Dat leest zoveel makkelijker!

Toen Josien nog een ansichtkaart afrekende bij het weggaan, zag ik dat de geprinte versie van de studie voor vier euro te koop was. Die ligt nu naast me. Maar het maakt niet uit; ik heb een fantastisch middag gehad daar in de Sint Jacobskerk in Antwerpen. De Rochuspanelen waren net zo mooi als ik ze onthouden had. En nu heb ik grote delen van de studie gelezen. Over wie nou precies de schilder is. Mimi van der Velden is ervan overtuigd dat het Hendrick van Wueluwe moet zijn geweest. Maar het zou ook de Meester van Frankfurt geweest kunnen zijn. Twee vliegen op het paneel van het bezoek aan de paus, zouden daarvoor aanwijzingen kunnen zijn. Ik weet het niet. Everaert van Orley werd jaren geleden door de priester genoemd. Maar dat was op grond van een veel oppervlakkigere studie.

Sint Rochus op bezoek bij de paus...met de twee vliegen
Sint Rochus op bezoek bij de paus…met de twee vliegen

Natuurlijk is de vraag naar wie de maker is verschrikkelijk interessant, maar het leukste is toch wel dat de panelen weer te bewonderen zijn. Echt een aanrader als je in Antwerpen bent. Neem dan ook de tijd om de andere schilderijen te bewonderen; de Sint Jacobskerk hangt vol met oude meesters. Maar als je tegen de wanden omhoogkijkt, dan zie je dat de pleisterlaag zo naar beneden kan komen…Op die mooie schilderijen. Ik betaalde de drie euro toegang graag en deed nog een gift en stak een hoop kaarsjes aan. Hoewel ik niet hoop dat de kerk weer voor jaren dicht gaat, hoop ik wel dat ze hem kunnen onderhouden.

Suske en Wiske en de Dulle Griet

Gisteren kwamen we in Antwerpen aan. Een stad die we inmiddels goed kennen. Na Parijs, waar we naartoe gingen toen we vijf jaar bij elkaar waren, was het de eerste stad in het buitenland die we samen bezochten. De kinderen waren ondergebracht bij oma en grootmoeder…

Op een fantastische dag in de zomer reden we naar het zuiden. Op een overzichtskaart van België hadden ze met tentjes aangegeven waar campings waren. Zo hadden we gezien dat er ‘ergens’ in Brasschaat een camping moest zijn. Een buitenwijk van Antwerpen, dus. Maar nee. Niemand had in Brasschaat gehoord van een camping. Maar, zo vertelde een behulpzame Bratschater, in Sint Job in’t Goor, daar was een grote camping. Nooit van die plaats gehoord, maar ons werd uitgelegd dat we dan even een klein stukje terug moesten rijden. En ja hoor, even later hadden we de afslag naar Sint Job in ’t Goor gevonden. Zo’n slordige vijftien kilometer ten noorden van Antwerpen. En we vonden de camping. We vonden dat een prima uitvalsbasis. Er bleek ook een stadscamping in Antwerpen zelf te zijn, maar die vonden we pas later. Maar met Sint Job in ’t Goor konden wij het toen prima vinden.

Onervaren als we waren met buitenlandse reizen, keken we onze ogen uit. Dingen die je wel in België maar niet in Nederland had. Zo was er een heuse broodautomaat in Sint Job. Net als een sigarettenautomaat kon je daar je verse broodje uit de muur trekken. Ook bleek er in Sint Job een winkeltje te zijn waar je doopsuikers kon kopen. In die tijd waren we druk met kindertjes krijgen en omdat we onze kinderen lieten dopen, spraken doopsuikers erg tot de verbeelding. Helemaal omdat we geen idee hadden wat het waren. We zagen zoetgevooisde papieren zakjes. We zagen heel veel soorten snoepjes. Maar de winkel was op slot en bleef op slot en we konden dus nergens heen met onze vragen.

Overdag reden we in onze geleende auto naar Antwerpen en daar vielen we met open mond in de Rubens hype. We hadden toen eigenlijk nog nooit een schilderij van deze meester goed bekeken en in de kathedraal liepen we meteen tegen zijn twee meesterwerken aan: De kruisoprichting en de kruisafname. Twee schilderijen die ogenschijnlijk in elkaars verlengde liggen, maar in de werkelijkheid niets met elkaar te maken hebben. Tenminste ze zijn in een andere periode, voor een andere kerk geschilderd. Maar toch: De twee schilderijen zijn ongeveer even groot en de ene, nog levende, Jezus lijkt verdomd veel op de andere, dode, Jezus. Ook de sfeer. De schilderijen lijken gewoon op elkaar. Erge bijzondere schilderijen. Zoveel kracht als er gebundeld wordt om dat kruis met Jezus eraan gespijkerd overeind te zetten had ik nog nooit gezien. Als je vlak voor dat schilderij staat, dan voel je haast de zweetdruppels die in het rond vliegen.

P.P. Rubens - De Kruisoprichting in de Onze Lieve Vrouwenkathedraal in Antwerpen
P.P. Rubens – De Kruisoprichting in de Onze Lieve Vrouwenkathedraal in Antwerpen

We gingen die keer ook naar museum Mayer van den Bergh. Om de Dulle Griet te bewonderen. Die van Suske en Wiske. Gaan we nu ook weer naartoe hebben we afgesproken. Maar nu gaan we naar dat museum voor Bruegel, Van der Weyden en voor Matsys. Oké, ook voor De Dulle Griet.

De pestheilige in de Sint Jacobskerk van Antwerpen.

In de herfstvakantie van 2005 waren Josien en ik een lang weekend in Antwerpen. Eén van mijn lievelingssteden. Het mooie van België is dat het volhangt met fantastische kunst. Niet alleen in de musea, maar ook in de kerken. Een bezoek aan Antwerpen zonder een bezoek aan de kathedraal is ondenkbaar. In de kathedraal twee van de mooiste werken uit de schilderkunst: De kruisoprichting en de kruisafname. Beiden van Rubens. Meesterwerken zijn het waar ik lang gefascineerd naar kan kijken. Vooral de Kruisoprichting. Je voelt haast de zweetdruppeltjes rondvliegen en je hoort de mannen kreunen door de enorme krachtsinspanning die ze moeten leveren. En ondertussen hangt Jezus vastgespijkerd aan de palen.

Maar ook wandelen over die enorme boulevard de Meier is heerlijk. In die herfstvakantie van 2005 zaten we midden in ons pelgrimage tijdperk. Tijdens de zomervakanties fietsten we naar Santiago. We waren er heus niet altijd mee bezig, maar zodra er iets over de apostel Jacobus opdook, dan holden we er naartoe. Jacobus had een heel speciale betekenis voor ons. Heeft hij nog steeds, maar niet meer zoals toen. Op de Meier, genietend van zo’n heerlijke Luikse wafel, zagen we een bordje dat ons de richting naar de Sint Jacobskerk wees. We drentelden daar natuurlijk meteen naartoe.

Het bleek een wat verstofte kerk met een parel. De kerk was voor een deel gewijd aan de pelgrimstocht naar Santiago de Compostela. Josien en ik voelden ons daar meteen erg thuis; het was een beetje onze kerk. Verder bleek Peter Paul Rubens erg aanwezig. Het altaarstuk is door hem geschilderd en zijn stoffelijke resten liggen er begraven. In een heus praalgraf. Maar Josien en ik hebben dat praalgraf nooit gezien omdat we er geen tijd voor hadden. In het schip van de kerk hing de parel; De Rochuspanelen. We werden erdoor gegrepen. Zomaar in de kerk. Twaalf fantastisch geschilderde panelen met scenes uit het leven van Sint Rochus, de heilige die hielp om de pest te overwinnen. We waren met stomheid geslagen. Niet alleen zagen ze er prachtig uit, maar het was overduidelijk dat de panelen ergens uit de late middeleeuwen stamden. Met behulp van een piepklein foldertje konden we zo ongeveer zien wat de afbeeldingen voorstelden. Ik probeerde ze te fotograferen, maar de schilderijen waren beroerd opgehangen. Het invallende licht schitterde zo op de verf dat een behoorlijke foto maken onmogelijk was.

Ik denk dat we zo’n beetje om het jaar een weekendje in Antwerpen doorbrengen. We gaan altijd naar de Sint Jacobskerk. De Rochuspanelen zijn ons doel, maar we hebben ze sinds die eerste keer nooit meer gezien. De eerste keer was er op het moment dat we de kerk bezochten, een zeer drukbezochte mis aan de gang en konden we de kerk niet in. De jaren daarna was de kerk in restauratie en waren de panelen, denkelijk, goed opgeborgen.

Voor de komende herfstvakantie spelen we weer met de gedachten om naar onze geliefde stad te gaan. En dan ga ik op internet rondneuzen. En zo kwam ik op de site van de Sint Jancobskerk. Ik leerde dat de restauratie, eindelijk, voltooid is, en dat de Rochuspanelen er weer hangen. Op de site een uitstekende studie naar de panelen. Ik popel om met de studie in mijn hand de panelen weer te gaan bekijken. Ik heb een zwak voor Sint Rochus, de pestheilige, omdat ik hem in eerste instantie verwarde met Sint Jacob.

(De studie van de panelen, op internet)