Tagarchief: Zwarte Piet

Zwartkijkers – Herman Vuijsje: Mijn mening maar dan van Vuijsje

Gezien de felheid waarmee racisme en discriminatie besproken wordt, een blik op waar de wind in dit stukje vandaan waait. Hier de kenmerken van schrijver dezes, mij dus: Ik heb een rozige huidskleur (maar ben niet iemand ‘van kleur’). Ik ben hetero, wat ouder, heb een ongezond buikje, verdien meer dan lekker, ben best hoog opgeleid en heb een goj als pa maar een jiddische ma. Ik ben overtuigd sociaal-democraat, vind dat we zuinig moeten zijn op de aarde en hou vooral van pais en vree. Een lekkere discussie ga ik niet uit de weg en ik laat niet over me lopen maar bij het woord racist krimp ik in elkaar. Ik wil geen racist zijn. Ik pas ondanks en dankzij dit alles in de ‘witte’ karikatuur die men op dit moment graag tekent. Een groot deel van de bovengenoemde kenmerken zijn zonder meer ook van toepassing op Herman Vuijsje en, zo zal menig deelnemer aan alle oververhitte racisme discussies ogenblikkelijk denken, daarom vond ik zijn boekje ‘Zwartkijkers’ zo goed. Het is een boekje dat precies in mijn straatje past omdat onze ‘constructen’ en onze ‘narratieven’ naadloos op elkaar passen of op elkaar aansluiten. Een hikje? Vuijsje heeft een jiddische pa en een sjikse ma en dus ben ik volgens de preciezen in de leer veel joodser dan hij. Maar dat is onzin…vind ik.

Het boekje ‘Zwartkijkers’ beschrijft verschillende facetten van de huidige, opnieuw opgelaaide en al snel oververhitte discussie over de verhouding tussen mensen met een roze-achtig huidje (WIT, dus) en iedereen die daarvan ietsjes afwijkt (ZWART, dus). Vaak zijn de mensen uit die laatste groep zelf, of hun ouder(s) of hun grootouder(s) van elders naar hier verhuist. Het boekje bevat grotendeels mijn mening, ik kan dat moeilijk ontkennen, en daarom vind ik het boek een aanrader.

Het boekje beschrijft mijn afkeer van vrouwen als: de over het paard getilde Gloria Wekker, de pedante aanstelster Anousha Nzume en de zelfkastijdende en witte mensen beschuldigende Sunny Bergman. (eigenlijk wel een boel bijvoegelijke naamwoorden…hou ik daar wel van?) Ik moet zeggen dat ik het niet alleen leuk vind om mijn mening te lezen, maar ben vooral content omdat ik het nauwelijks leesbare boek van Gloria Wekker goed begrepen blijk te hebben. Ik was erg bang dat ik haar quasi-geleerde woordendiarree verkeerd las of dat ik de zaken anders voorstelde dan ze schreef. Maar nee, als socioloog – Gloria Wekker beweegt zich op zijn vakgebied dus – leest Vuijsje dezelfde dingen in haar boek als ik. Gloria Wekker promoveert haar eigen ervaringen tot algemeen geldende misstanden. Ze bekijkt de wereld met oogkleppen en ontkomt daardoor niet aan een zeer benepen tunnelvisie. Ze verdeelt de wereld in witte en zwarte mensen zonder dat ze ook maar ergens vertelt wat of wie dat zijn. Ze plant Amerikaanse theorieën kritiekloos en klakkeloos over op Nederland. En eigenlijk kan ik nog wel een tijdje zo doorgaan. Aanstelster Nzume maakt het nog iets bonter; zij zou wel eens even vertellen hoe of wat en het racisme waarvan zij SLACHTOFFER is. De pedanterie en de arrogantie spat ervan af vinden Vuijsje en ik. En Sunny Bergman wil zo graag lief doen dat ze ondeugdelijk wetenschappelijk onderzoek nog veel onwetenschappelijker overdoet en dan ook nog verkeerde conclusies trekt. Vuijsje noemt de drie vrouwen de ‘Schrikgodinnen’. Ik ga daar graag in mee.

Vuijsje geeft in het boek ook zijn mening over de zwarte pietendiscussie. Hij is van mening dat er eigenlijk niets mis is met de figuur van zwarte piet. Zwarte piet zou in de loop der jaren allang niet meer de persoon zijn als waartegen al het protest zich richt. Hij neem het Sinterklaasjournaal als uitgangspunt en, zo vertelt hij, Sinterklaas figureert daar als de domme man die eigenlijk nauwelijks nog zelfstandig functioneert. Zwarte pieten houden de business draaiende. Ze zijn de CEO en de logistieke managers. Sinterklaas speelt nog maar een marginale rol. Ik kan een heel eind meegaan met het verhaal van Herman Vuijsje, maar de zwarte piet-discussie speelt al heel lang. Gerda Havertong vertelde al in de vorige eeuw dat ze last had van de figuur zwarte piet en dat ze daar niet alleen in stond. Wel heeft hij gelijk dat de roetvegen aan de figuur zwarte piet veel verandert. Door de vegen op de roetveegpiet heen herken je de persoon die hem speelt, dat is bij een zwarte piet niet zo. Een deel van de mythe van het Sinterklaasfeest wordt daardoor van haar charme ontdaan. Vuijsje vindt dat jammer. Ik ook, maar ik zie ook de bezwaren. Hoewel…wie heeft er nou precies echt last van gehad van die zwarte pietenfiguur? Mij is dat nog steeds niet duidelijk. Zie hier recente Sinterklaasintochten in Paramaribo en op de Antillen. Onder een overwegend donkere bevolking is zwarte piet no problemo, waarom hier dan wel? Een kind ziet heel duidelijk het verschil tussen een kind met een donkere huid en een zwarte piet. Ik ben daarvan overtuigd. Maar goed, als iemand als Gerda Havertong het zegt, en die staat echt boven elke verdenking, dat zal het zo zijn. Vandaar dat ik wat dat betreft niet helemaal op dezelfde lijn zit met Herman Vuijsje.

Hoe dan ook: Voor wie mijn mening wil lezen, een aanrader; ligt voor een luttel bedrag bij Scheltema in de ramsj!

Blackface in Dokkum

Wat vind ik nou precies? Het gaat heen en weer en met ups en downs. Het lijkt alsof ik het niet met mezelf eens kan worden. Terwijl ik er zoveel tijd over nagedacht heb. Terwijl de discussie me zo mijlenver de strot uit hangt. Maar ieder jaar wordt hij weer opnieuw gevoerd. Er komt geen eind aan. Hou op, alsjeblieft! Leg je erbij neer. Alle tegenstanders hebben een beetje gelijk. Doe allemaal een beetje water bij de wijn en hou op! Hou er helemaal mee op. Het leidt tot niets. Nee, het is niet saai, die discussie, emoties zijn nooit saai, maar ik heb er wel genoeg van! Geen enkel standpunt wordt losgelaten en dus horen we ook steeds dezelfde argumenten die steeds voortkomen uit dezelfde emoties. Bovendien…Bovendien…

Ik keek gisteren het journaal. Daarin werd verslag gedaan van de pleziertocht van Dokkum naar het gerechtsgebouw in Leeuwarden per feestbus. Meezingend, deinend en klappend werd het ene na het andere Sinterklaaslied gezongen. Daarna ging het feest in, en voor, het gerechtsgebouw gewoon door. Terwijl er in zekere zin wel wat aan de hand was. De groep feestbeesten had op de dag van de intocht van Sinterklaas het verkeer op de snelweg stilgezet om een groep anti-Zwarte Piet activisten de toegang tot de provincie Friesland te ontzeggen. Dat mag natuurlijk niet; In Nederland heerst vrijheid van meningsuiting en…als burger heb je niet het recht om het verkeer op de snelweg stil te zetten. Daarom moesten ze voor de rechter verschijnen. Aan de andere kant… Aan de andere kant…

Is er een ‘aan de andere kant’? Nee, eigenlijk niet. Of ja, toch wel. Waarom moet dat stelletje klootzakken protesteren op een kinderfeest en daarmee het feest verzieken waar we hier allemaal mee opgegroeid zijn en waar we allemaal zo warm van binnen van worden? Waarom? Waarom?

Oké, De Klerk, zo is het wel weer genoeg!

Misschien moet dat stelletje wat achterlijke boeren daar in Dokkum ietsje meer luisteren naar de oplossingen van die arrogante stedelingen in het westen. Zij worstelden daar met precies dezelfde gevoelens…echt waar. Ook in het westen hebben we met nette haartjes voor de kachel staan zingen en waren we doodsbang voor de pikzwart geschminkte persoon met de roe. Ook wij hebben warme herinneringen. Maar helaas, de tijden veranderen. Alles verandert. Je moet mee. Als je dat niet deed zat je daar in Friesland nog op je terp af te wachten of je niet zou verzuipen na een regenbui.  De wereld van gisteren is niet de wereld van vandaag dus zoek je oplossingen. Die oplossing hebben we in het westen (is dat zo?) gevonden; de roetveegpiet. Best een aanvaardbaar alternatief, want zeg nou zelf…neem een beetje afstand, stijg uit boven jezelf en kijk nog eens naar de figuur Zwarte Piet…Dan moet je toch zelf ook wel toegeven dat het niet zo’n fraaie tronie is? Laat ik dit vertellen, als eega van de juf, kroop ik een tijdlang jaarlijks in de tabberd en zette ik de mijter op. Vergezeld van oliedomme Zwarte Pieten betrad ik de school. De Pieten vergaten altijd de cadeautjes, ze konden niet rekenen en niet goed spellen; ze vielen van hun kruk en ze struikelden over elke drempel. Kom nou toch, dat kan toch niet meer? Dat is toch geen gezicht anno vandaag?

En die anti zwarte pieten actievoerders? Pffff.

Niet xenofoob en ook niet oikofoob…

Ik maak me best zorgen over de richting die we met z’n allen uitgaan op dit moment. Vooral in het racismedebat. Dat is misschien wel de reden waarom ik zo verschrikkelijk kwaad ben op mensen als Gloria Wekker en Sunny Bergman. Zij doen de maatschappij veel meer kwaad dan Geert Wilders en slopen veel fundamenteler de tolerantie en de wil om er met z’n allen wat van te maken. Vanuit het perspectief van racisme bestrijden, nemen ze een racistisch standpunt in en onderbouwen dat quasiwetenschappelijk. In een razendsnel veranderende maatschappij heb je mensen nodig die stabiel zijn en die het voortouw nemen. Mensen die een goede opleiding hebben en die bereid zijn om rekening houdend met iedereen de beste keuzes te maken. Mensen die verder kijken dan hun neus lang is. Mensen die niet xenofoob zijn maar ook niet (om met Thierry Baudet te spreken) oikofoob. Mensen in evenwicht, kortom, die de snelle destabiliserende ontwikkelingen in de maatschappij in goede banen kunnen leiden. Een sterke leider? Nee, juist het tegenovergestelde van een sterke leider. Een volksmassa van goed opgeleide en verantwoordelijke mensen, daar heb ik het over. Een volksmassa van evenwichtigen. Die hebben we nodig.

Die volksmassa hadden we. Die hebben we nog. Maar ik zie hem slinken. Het politieke midden slinkt. De extremen groeien. Dat is gevaarlijk, vind ik. Daarmee gaat er veel verloren van wat ik erg waardeer. Onze vrijheid bijvoorbeeld en democratie. Neem de extremisten van de PVV. Wat de Partij Voor de Vrijheid juist niet wil is vrijheid en democratie. Ze willen ‘anderen’ – wie dat ook moge zijn – niet dezelfde vrijheid en niet dezelfde democratische rechten geven die ‘wij’ hebben. Als je een ander op grond van vage criteria (religie, bijvoorbeeld) zijn vrijheid afneemt, ondergraaf je je eigen vrijheid. Maar omdat we er steeds bewuster van worden dat er ‘anderen’ zijn, groeien partijen als de PVV.

Gloria Wekker en Sunny Bergman benadrukken niet alleen dat er ‘anderen’ zijn maar stimuleren dit proces van uiteendrijven nog verder door te vertellen dat het zelfbeeld van die evenwichtige volksmassa niet klopt. Want, inderdaad, die grote volksmassa heeft een blanke huidskleur. En dat is niet verwonderlijk in een land waar zo’n slordige vijftig jaar geleden nauwelijks anderen dan mensen met een blanke huidskleur woonden. Mensen als Gloria Wekker vanuit een verwrongen maatschappijbeeld, en mensen als Sunny Bergman – waarschijnlijk – met de beste bedoelingen, maken deze grote evenwichtige volksmassa wijs dat ze racisten zijn en dat ze vanuit dat perspectief alle mooie baantjes pikken. Dat ze in mooie huizen wonen en veel geld verdienen alleen maar omdat ze een witte huid hebben. Dat ze mensen wiens huidskleur niet wit is, stelselmatig achterstellen en buitensluiten en afschepen met een uitkering en in de buitenwijken van de stad laten wonen. Dat ze anders-gekleurden geen schijn van kans geven om ook maar iets te bereiken.

Zwarte Piet lijken ze te zien als het ultieme bewijs dat die blanke Nederlanders helemaal fout zijn. Een gevaarlijke ontwikkeling. Ik neem het Gloria Wekker c.s. en Sunny Bergman c.s. ernstig kwalijk. Meer nog dan de PVV.

Ja, ik ben voor roetveegpieten en ik ben ertegen dat er iemand gelijk heeft over dit onderwerp.

Zwarte Piet moet veranderen!

Zwarte Piet heeft me weer eens helemaal in een dilemma gebracht. Laat ik eerst even het volgende stellen: Als mensen zich gekwetst voelen door zwarte Zwarte Piet, zorg er dan voor dat ze zich niet meer gekwetst hoeven voelen. Verander Zwarte Piet zo dat iedereen er blij mee is. Nee, niet meteen, geef het nieuwe uiterlijk even de tijd om overal te laten landen, maar zorg daarna voor een leuk Sinterklaasfeest. Daarom ben ik zo verschrikkelijk trots op mijn stad Amsterdam. ‘Wij’ hebben het probleem opgelost! Je moet wel een hele slechte kwaadwillende fantasie hebben om in de roetveegpieten een blackface te zien. Iemand die tussen roetveegpiet en de mens met een donkere huidskleur nog enig verband ziet, lijdt aan zwartgallige azijnpisserij; die wil gewoon niet dat het Sinterklaasfeest blijft bestaan. Het Landelijk Platform Slavernijverleden heeft wat mij betreft dan ook compleet afgedaan. Ook de roetvoegpieten doen hen denken aan de slavernij omdat ze gekleed gaan als Spaanse zestiende eeuwse edellieden en die waren actief in de slavenhandel. Zo komen we er natuurlijk nooit! Dan kan niets. Dan zou zelfs een zwarte Piet in de traditionele kleren van de Ashanti niet kunnen, of als Toeareg of als Romein of als Atheense filosoof; allemaal hebben ze in het verleden geprofiteerd van slaven en de slavenhandel. Kom op zeg, platform, laat naar je kijken. Gelukkig is er heel weinig aandacht voor dit clubje azijnpissers.

Ik ben en blijf trots op onze Amsterdamse Pieten die de gemoederen hopelijk laten bedaren. Zij gaan het, hoewel we even aan dat nieuwe uiterlijk moeten wennen, vast helemaal maken in de toekomst. Maar helaas, niet overal volgt men het Amsterdamse voorbeeld. Er worden heus goede pogingen gedaan, maar in de meeste plekken buiten de Randstad, is het nog gewoon de aanstootgevende blackface. Kennelijk heeft men het daar iets moeilijker om van een afstandje te kijken, want zodra je even boven en naast en buiten je emoties gaat staan en je kijkt naar de traditionele Zwarte Piet, dan zie je iets dat je niet wil zien op een kinderpartijtje. Dan wordt je geconfronteerd met een personage die wel degelijk racistisch van aard is. Ondanks dat je zelf geen racist bent, hou je dan vast aan een racistisch fenomeen. Maar sommige mensen hebben kennelijk meer moeite om afstand te nemen en nog eens een tweede keer te kijken naar die vrolijke knecht van Sinterklaas. Gun die mensen wat meer tijd. Aan de overheid de taak om dat veranderingsproces overal in Nederland aan de praat te houden, net zolang totdat de aanstootgevende Piet verdwenen is. Laten we over iets dat zo gevoelig ligt mild zijn voor elkaar. Echt mild. Laat de fanatici erbuiten.

Voordat de afgelopen intocht begon afgelopen zaterdag, zijn bussen die naar Dokkum reden met anti zware Piet demonstranten klemgereden op de snelweg. Men voorkwam daarmee dat er tegen zwarte Piet geprotesteerd werd op de plek waarvandaan de intocht van Sinterklaas op tv werd uitgezonden. Ik weet niet precies wat ik ervan moet denken. Aan de ene kant vind ik het recht op demonstratie heel belangrijk. Aan de andere kant…die demonstratie…moet dat nou? Een volwassen protest voor en tegen volwassen mensen op een kinderfeest? Misschien heb ik in dit geval wel meer sympathie voor de Friese mensen die de bussen klemreden. Maar Friese mensen, probeer desalniettemin ook van een afstandje naar Zwarte Piet te kijken, dan kan je maar één conclusie trekken: Hij moet veranderen!

Asha begrijpt meer dan het lijkt!

Ieder jaar, vlak voor de intocht van Sinterklaas als er zwarte-pieten-activisten aankomen, dan laten burgemeesters noodverordeningen ingaan die  demonstreren verbiedt. Dat mogen burgemeesters eigenlijk niet, want we hebben vrijheid om te demonstreren, maar toch gaan die noodverordeningen in. Burgemeesters laten zich even helemaal niets gelegen liggen aan hun wetskennis. Burgemeesters kijken naar de situatie en besluiten dat het overtreden van de wet, belangrijker is dan diezelfde wet handhaven. Burgemeesters hebben uit twee kwaden de minst kwade oplossing gekozen. Columniste Asha ten Broeke doet net alsof ze dat niet begrijpt.

‘Voetjes afvegen met onze rechten’ staat boven haar column. Ik proef die titel, ik snuffel eraan. Hij klopt niet. Je veegt je voeten niet af. Voeten veeg je. Zonder ‘af’. ‘Met onze rechten’ klinkt ook al niet goed. Het bekt allemaal slecht…voetjes vegen met onze rechten…Ze zal bedoelen dat burgemeesters hun reet afvegen met de grondrechten… Klopt! Maar burgemeesters hebben te maken met een dilemma… Dat weet Asha ten Broeke heus wel.

Pieten waren lange tijd heel erg zwart, maar omdat sommige mensen last hadden van de overeenkomst tussen hun kleur huid en de kleur van Zwarte Piet, hebben Pieten nu zwarte vegen op hun gezicht zodat niemand meer een overeenkomst ziet tussen een donkere huid en Zwarte Piet; dat is stukken beter!

Zo’n slordige twee weken voor 5 december worden Sinterklaas en zijn Pieten feestelijk binnengehaald. Duizenden kinderen staan dan gewapend met vrolijke vlaggetjes en pietenmutsen met hun ouders langs de route die Sinterklaas en zijn Pieten door stad of dorp gaan afleggen. Erg kwetsbaar allemaal, die kinderen.

Helaas doen aan het debat over de kleur van Zwarte Piet extremisten mee. Extremisten houden geen rekening met een minderheid maar ook niet met een meerderheid. Voor extremisten telt slechts hun eigen gelijk. Zo heb je aan de ene kant extremisten die vinden dat de roetvegen niet ver genoeg gaan, en aan de andere kant mensen die Zwarte Piet nog veel zwarter willen. Als de één demonstreert, wil de ander dat ook. Komen ze bij elkaar dan wordt het een erg ongezellige boel. Daarbij is het niet uitgesloten dat de toegestroomde kinderen tussen die ongezellige extremisten in komen te zitten. Je wilt niet dat kinderen zien dat de ME tussen beiden komt of dat kinderen moeten rennen voor hun leven. Zie daar het burgemeesters dilemma! Maar dat begreep Asha ten Broeke heus wel! Als wetenschapsjournaliste ben je niet op je achterhoofd gevallen!

De racist in mij

Sunny Bergman heeft in de Volkskrant van 5 november helemaal gelijk; ik, blanke, linkse, tolerante heteroman ben een racist. Geen erge racist; ik heb alles onder een dikke laag beschaving weggestopt. Maar soms komt dat racisme ineens naar boven. Zonder dat ik het zelf lijk door te hebben en dan schaam ik me verschrikkelijk. Ik heb besloten om van mijn laatste puur racistische oprisping verslag te doen. Echt niet zonder diepe schaamte. Ik voel me bloot en kwetsbaar, want ik wil niet zo zijn. Ik wil open staan voor alles en iedereen en daarom val ik mezelf zo tegen. Laten we beginnen bij het begin…

Racisme komt voort uit het feit dat we sociale wezens zijn. We horen graag bij een groep. Niets meer en niets minder. In een groep heb je insiders (die horen erbij) en outsiders (die horen er dus niet bij). Omdat je dat van de natuur hebt meegekregen ben je graag een insider. En bijna iedereen is een insider. Weliswaar niet van dezelfde groep maar een insider. Zelfs vaak insider binnen een paar groepen. Verschillende groepen leven doorgaans vredig naast, in en door elkaar heen. We proberen de verschillen zo klein en de grenzen zo vaag mogelijk te maken. Daardoor gaan we elkaar best wel aardig vinden. Maar op de achtergrond blijven die anderen natuurlijk outsiders. Dat racisme niet perse iets met de kleur van onze huid te maken heeft, want dat wordt vaak beweerd, bewijzen de grootste racistische moordpartijen uit de recente geschiedenis: De Hutu’s en de Tutsi’s, de Europeanen en de Joden, de Turken en de Armeniërs. Haviken en duiven heb je in elke groep. Taak van de duiven om de haviken niet de overhand te laten krijgen. Ik reken mezelf tot een duif. Ik reken ook Sunny Bergman tot de duiven, maar een misleidde, want ze neem Gloria Wekkers woorden klakkeloos over. Geert Wilders is een havik. Van hem hebben we veel te duchten. Hij zegt lelijke dingen over zaken die binnen een andere sociale groep als bijzonder waardevol worden gezien. Dat zet die andere groep op scherp. Dat willen we niet; wij willen harmonie tussen de groepen.

Openlijke racisten analyseren de samenleving fout maar heel aantrekkelijk voor de eenvoudigen van geest: WIJ zijn goed en wat er fout gaat hebben ZIJ gedaan. Geert Wilders is openlijk racist en hitst op om macht te vergaren. Dat baart me enorm veel zorgen en ik wil er alles aan doen om de geest weer in de fles te krijgen. Dat is mijn opdracht, vind ik.

De laatste tijd zijn er een paar gekke dingen gebeurt die veel bij mij op scherp hebben gezet: Zo werd ik frontaal aangevallen… Gloria Wekker vertelt mij dat ik racist ben omdat mijn groep een fout verleden heeft. Dat foute verleden kleeft aan mijn blanke huid en daarom ben ik slecht. Dat foute verleden hebben mensen met een ander kleur velletje niet en dus zijn zij goed… Het doet pijn als iemand dat over mij zegt. Het roept ook verzet op. De analyse is idioot en fout; op zichzelf racistisch en het draagt helemaal niets bij aan een betere maatschappij. ‘WIJ zijn goed en wat er fout gaat hebben ZIJ gedaan’ dat is wat Gloria Wekker beweert.

En toen kwam ook nog Jerry Afriyie. Hij zegt lelijke dingen over iets wat in mijn groep als zeer waardevol wordt gezien. Sinterklaas en Zwarte Piet. Was ik bereid om met onze veranderende maatschappij nog eens een keer goed te kijken naar Zwarte Piet, Kno’Ledge Cesare haalde de pure racist in mij naar boven door Zwarte Piet gelijk te stellen aan racisme. Dat is een foute analyse. Zwarte Piet is namelijk Zwarte Piet en heeft niets te maken met racisme. Deze foute analyse gaat gepaard met stevige acties die tot doel hadden om ONS kinderfeest te verstoren. Een soort ontheiligen. Dat een man – en hier begin ik mij echt te schamen want de racist in mij komt boven – die uit een achterlijk land komt waar in het verleden de ene helft van de bevolking de andere helft als slaaf verkocht heeft en die hier gastvrij ontvangen is… Een man die hier een opleiding genoten heeft, grotendeels betaald vanuit belasting die wij met elkaar opgebracht hebben… Een man die hier in welstand kan wonen en leven en die dan zijn bek opentrekt over een feest waarvan hij helemaal niets begrijpt omdat dat feest een kilometer of duizend buiten zijn gezichtsveld ontstaan is…

Oké De Klerk, zo is het wel weer genoeg!

Ik ben blij dat Zwarte Piet van gedaante veranderd is in Amsterdam. Ik hoop dat in het hele land en in heel België het Amsterdamse voorbeeld gevolgd wordt. En ik wil dat iedereen daarna zijn bek verder dicht houdt over Zwarte Piet…Piet (zonder ‘Zwarte’). Klaar uit! En ik geef het toe; ik ben racist. Dat komt soms boven maar meestal niet. Meestal zoek ik naar harmonie en vermenging en zoek ik naar overeenkomsten en interessante verschillen. Zo ben ik…denk ik.

Het persmuseum en Sinterklaas

In het persmuseum is een tentoonstelling over Sinterklaas. Er worden foto’s getoond van intochten van Sinterklaas door de jaren heen. Ik heb het van horen zeggen en van de tv. Zelf ben ik nog niet in dit museum geweest. Wat ik wel tegenkwam is een foto van de intocht van Sinterklaas in 1965 in Amsterdam. Het is een foto die ze op het journaal lieten zien en die mij erg aan het hart gaat. Ik sta op die foto. Nee, niet echt, maar die Sinterklaas en die hoofdpieten en die schimmel heb ik langs zien komen. Ik kijk naar mijn eigen onschuld als ik naar die foto kijk. Voor mij waren het geen blanken verkleed als zwarten, geen blackfaces, geen karikaturen van negers en ook geen lijdende slaven. Helemaal niets van dat alles. De zwart gekleurde mensen waren zwarte Pieten en de ongekleurde mensen waren witte pieten. Niets meer en niets minder. Beiden soorten pieten verwezen naar niets anders in de werkelijkheid dan naar zichzelf. Een soort priem-entiteiten. Pieten hoorden bij Sinterklaas. Sinterklaas was onbereikbaar en de Pieten waren zijn vertegenwoordigers op Aarde. Zij luisterden naar onze mooie liedjes, zij stopten lekkers in onze schoen en zij geven een standje als je stout was. Daarom hadden we ontzag voor Zwarte Piet.

Intocht van Sinterklaas in 1965 op het Rokin in Amsterdam
Intocht van Sinterklaas in 1965 op het Rokin in Amsterdam

De foto waarop Sinterklaas op zijn paard langs de – lang geleden overleden – hamburgertent Wimpy geleid wordt op het Rokin, brengt mij terug naar mijn onschuldigste tijd ooit. Het gevoel dat niets mis kon gaan, dat iedereen van je hield, dat er geen problemen waren en dat je helemaal nergens aan hoefde te denken want dat deden anderen voor je. Sinterklaas was belangrijk. De volwassenen wilden alleen maar dat je gelukkig was; daar hoefde je verder niets aan te doen. Sinterklaas heeft veel minder met kinderen te maken dan we nu beweren. Sinterklaas heeft bij uitstek met volwassenen te maken. Met de herinneringen van volwassen mensen. En met de wens van volwassenen om hun kinderen diezelfde warme herinneringen te geven. Ieder jaar als Sinterklaas terugkomt worden velen weer eventjes de peuters die ze toen waren. Dat zit dan ook heel diep. Het doet mensen bijna fysiek pijn als de warme herinneringen aan een periode, waarin je zo onschuldig was, bezoedeld worden. Zeggen dat Zwarte Piet racistisch is, is misschien vanuit een rationeel oogpunt wel juist, maar het bezoedelt meteen wel die warme herinneringen. Dat maakt de discussie elk jaar zo complex en explosief.

Ik heb het hele interview van 18 november met Gloria Wekker in de Volkskrant gelezen. Haar politieke keuze is fout; haar beweringen over Nederland en racisme zijn gebaseerd op drijfzand; haar ideeën over etnische quota op universiteiten is gek, haar analyse van Zwarte Piet is kolder, maar toch zegt ze iets verstandigs. Dat is best wel fijn als je jarenlang hoogleraar bent geweest. Ze vindt dat we op een niet bedreigende en niet beledigende manier moeten praten. (Open deur? Jazeker, maar desalniettemin een erg verstandige open deur!) Laten we Sinterklaas en Zwarte Piet als onderwerp nemen. Dat betekent dus geen acties bij de intocht; dat is zeer bedreigend en heel erg beledigend! Maar wel over een verandering van Zwarte Piet praten. Als volwassenen onder elkaar. En dan proberen om elkaars gevoeligheden te begrijpen. Moet toch kunnen?

Kinderombudsvrouw.

Er is geen onderwerp waarbij ik zo heen en weer word geslingerd als bij Zwarte Piet. Het zou me geen zak moeten uitmaken maar hoe harder de ene kant schreeuwt hoe sneller ik naar de tegenpartij loop. En omdat beiden kanten het niet kunnen laten om hard te schreeuwen ga ik keihard van de ene naar de andere kant. Daarom heb ik besloten om tegelijkertijd naar beiden kampen te luisteren en daardoor zo ongeveer in het midden te blijven. Ik heb best te doen met mensen die door hun positie gedwongen zijn om iets over Zwarte Piet te zeggen in het openbaar. De kinderombudsvrouw: Zelfs haar genuanceerd gefluister klinkt als oorverdovende rauwe kreten op een hardrock festival. Op de één of andere manier raakt Zwarte Piet het oergevoel van beide partijen. Een genuanceerd midden bestaat bijna niet. Het voelt als oorlog waarbij je partij móét kiezen.

Ik merkte dat mijn haren overeind gingen staan toen ik hoorde dat de kinderombudsman Zwarte Piet in de huidige vorm afwees. Zo werden haar woorden in de pers naar buiten gebracht. Meteen liet het journaal de Ghanees Jerry Afriyie vertellen hoe gelukkig hij werd van de woorden van de ombudsvrouw. Hoe komt dat bij mij binnen?

Ik woon heel gezellig in mijn huis. Heb mijn huis ingericht zodat ik er, samen met mijn geliefde en mijn kinderen prettig kan wonen. Mijn kinderen groeien op. Allemaal leuke herinneringen. Ook wat slechte; ieder huis heeft zijn kruis. Op een dag nodig ik mijn buurman uit in mijn huis. Maar wat zegt die buurman: Ík heb niet te eten, mag ik met jullie mee-eten?   “Natuurlijk mag je mee-eten. Ik heb het goed en ik deel graag met je”. En de buurman begint te schransen. Als hij zijn lepel na het toetje neerlegt, zegt hij: “Dat schilderij, dat moet je weghalen. Dat stoort me enorm. Weg met dat schilderij!” Daar word je als gastvrij mens boos van. Bemoei je met je eigen zaken! Maar dat roepen om het verwijderen van dat schilderij blijft doorgaan. Jóúw schilderij in jóúw huis. Wat een ondankbaar mens! Je zoekt steun bij een overheid: “Nou ja, zo mooi is dat schilderij nou ook weer niet: probeer er samen uit te komen.” Dan voel je je pas echt genomen.

Dat gevoel dus. Maar dat gevoel klopt gewoon niet. Nederland is niet te vergelijken met mijn huis. Je mag hier in Nederland alles aan de orde stellen en het land is van iedereen die er woont. In de Zwarte Pieten discussie gaat het uiteindelijk over discriminatie. Mensen voelen zich gediscrimineerd. Moet je die discriminatie bestrijden? Bij de bestrijding van discriminatie ben je gericht op de verandering van een ander. Een onbegonnen zaak. Neem raciste Gloria Wekker; niets zal haar overtuigen; ze zit vastgeroest in haar eigen gelijk. Ze onderbouwt haar rassentheorie quasiwetenschappelijk. Maar ook het Zwarte Pieten gilde. Net zo goed overtuigd van eigen gelijk. Mij hoor je dat niet goedpraten. Misschien is het kweken van minder lange tenen een betere oplossing dan al dat gedoe over discriminatie… Ik ga er in ieder geval voor!

Het verhaal van de kinderombudsvrouw was veel genuanceerder en voorzichtiger dan de pers ons liet geloven. Feitelijk zegt ze dat de volwassenen er samen moeten zien uit te komen. Dat is alles.  Zwarte Piet…wat een discussie!

Onze buikjes veel te rond eten

Wij bereiden het begin van de lente voor in een luxehotel in het oosten van het land. In een dorpje waar we beiden veel herinneringen aan hebben. Josien omdat haar oma er jarenlang gewoond heeft. En ik, omdat ik er met school een musical in heb gestudeerd; de Jungleopera! Voor ons beiden erg dierbare herinneringen. Het is onze eerste trip sinds Josien die afgrijselijke duikeling maakte in november. We genieten er enorm van en betreuren het dat we er niet nog meer van kunnen genieten. Josien zoekt een weg om vandaag na het uitchecken nog even het zwembad in te duiken en om nogmaals te ontspannen in de sauna. Hadden we vrijdag al gedaan, maar toch, voor we weer naar huis gaan, nog even…Is er een betere manier om de lente in te luiden?

Er is best wat voor te zeggen om het nieuwe jaar op 21 maart te laten beginnen. Een nieuwe lente een nieuw geluid. In Iran is het vandaag oudjaar. Morgen nieuwjaarsdag met alle tradities die daarbij horen. Lekkere hapjes die je de lente laten proeven. Maar ook de evenknie van onze Zwarte Piet, Hadji Firoez, komt opdagen. De blanke man die zwart geschminkt in zijn rode pak dansend en zingend over straat gaat. Ook daar waren we graag bij geweest. Bij onze vrienden Najme en Reza in Teheran. In dat strenge islamitische land begint de lente (en het jaar) met een heidens feest. En ik weet zeker dat ook de moellahs en de ayatollah vrolijk meedoen! (Misschien een onderzoekje waard: waarom is Hadji Firoez in Iran geen probleem maar Zwarte Piet in Nederland wel…wellicht kunnen we er iets van leren!)

Ik heb al een tijdje geen contact met Najme. Heel soms maak ik me zorgen. In Iran heeft men het idee dat het geluk in Europa op straat ligt. Ik, als Europeaan, vond in Teheran alles eigenlijk veel gewoner dan ik gedacht had. Ik verwachtte minstens dat het openbare leven vijfmaal per dag stil kwam te liggen voor een verplicht gebed. Het was dat ik er speciaal op lette, maar anders had ik de oproepen tot gebed niet eens gemerkt. Goed, je ziet wat vrouwen in lange zwarte gewaden, maar de meeste vrouwen dragen de verplichte hoofddoek vrij achteloos. De Albert Cuyp in Amsterdam verschilt qua hoofddoek niet veel van de Bazaar in Teheran. Wel qua omvang!

Het idee dat in Europa het geluk op straat ligt, doet veel mensen veel slecht. Als mens heb je de plicht om je kinderen zoveel mogelijk kansen te geven. Als je het idee hebt dat je kinderen niet dat kunnen bereiken wat ze zouden kunnen, maar je weet een plek waar dat wel kan, dan ben je haast, als mens, verplicht om daar naartoe te trekken. Najme heeft net zo goed ook dat idee. Haar dochter zal in Iran niet datgene kunnen bereiken wat er in haar zit. In Europa heeft ze veel meer kans. Maar helaas is dat maar een idee. De werkelijkheid is anders. Om het migratieprobleem op te lossen, moeten we onderzoeken hoe we het idee, dat in Europa het geluk op straat ligt, kunnen ontkrachten. Volgens mij is dat de enige manier.

Zo, na dit gemijmer ga ik douchen. Daarna naar het ontbijt; om onze buikjes veel te rond te eten. Ligt het geluk in Europa wel of niet op straat; That’s the question!

Pauw en Sylvana

Het gaat vandaag (uiteraard!!!) over Zwarte Piet. Laat ik het zo stellen: Men is het er nog niet over eens wat we aan moeten met Zwarte Piet. Het volgende valt op:

Een intellectuele bovenlaag eist een verbod op Zwarte Piet. Ze vinden Zwarte Piet racistisch. Mensen met een donkere huidskleur zeggen dat ze in de Sinterklaasperiode door kleine kinderen verward worden met Zwarte Piet. Dit ervaren ze als heel vervelend. Daarnaast zien ze in Zwarte Piet een karikatuur van zichzelf. Zwarte Piet ervaren mensen als een verwijzing naar de slavernij waarbij de slavernij, ten onrechte, in een positief daglicht wordt gesteld.

Een andere intellectuele bovenlaag zie ik het volgende standpunt innemen: Het maakt helemaal niet uit welke kleur Piet heeft; dat mag zwart zijn, paars, oranje, zie maar. Kinderen maakt het niets uit. Ze zullen er niet minder overtuigd voor bij de radiator gaan zingen. Ook de volwassenen zullen er snel aan gewend zijn. Na een kleine overgangsperiode zijn we allemaal gewend aan Oranje Piet en is alles weer koek en ei. Als een groep mensen Zwarte Piet als kwetsend ervaart, dan moeten we daar rekening mee houden.

Voor de rest van de samenleving is Zwarte Piet, Zwarte Piet; Zwart dus. Voor de rest van de samenleving zijn Zwarte Piet en Sinterklaas emotie. Zwarte Piet en Sinterklaas zijn equivalent aan onschuld. Van gekoesterd worden door de grote mensen. Van vrede en veiligheid en liefde en warmte. Argumenten spelen daar geen rol. Ze willen niet dat deze gevoelens bezoedeld worden. Argumenten zijn koude dingen die inhakken op warme gevoelens. Voor Zwarte Piet ben je een beetje bang. Dat zwarte gezicht waar je niets en niemand in herkend. Je ouders beschermen je. Die vertellen je dat hij lang niet zo boos is als hij eruitziet. Met Zwarte Piet bewijzen ouders dat ze je beschermen. ‘Ook al ben ik zwart als roet, ik meen het wel goed’, dat is de boodschap. Deze laatste zin wordt vaak aangehaald als het ultimo bewijs van racisme. Ik denk dat dat wel meevalt. Zwart is de kleur van duisternis en duivel.

Gisterenavond waren Sylvana Simons, Ad Visser en een anonymus te gast bij Jeroen Pauw in zijn talkshow. Sylvana Simons, die me met haar extreme decolleté trouwens behoorlijk afleidde, vertegenwoordigde de mensen die het maar slap vonden dat premier Rutte zich niet in wetgevende zin met Zwarte Piet wilde bemoeien. Ad Visser acteerde op rationeel niveau; als jullie er last van hebben, dan veranderen we het toch even… De anonymus had een raar en onsamenhangend verhaal en bewees daarmee dat Zwarte Piet weinig met rationaliteit te maken heeft maar wel met emotie; heel veel emotie. Emoties verander je niet; die zijn er.

Sylvana Simons begreep dat wel, denk ik. Met veel bombarie zette ze er een emotioneel verhaal tegenover. Daarbij vloog ze volledig uit de bocht. Walste in het voorbijgaan nog even de anonymus plat en werd compleet ongeloofwaardig. Na haar gehuil was zelfs ik weer voorstander van Zwarte Piet terwijl ik heus wel de ‘blackface’ kant zie…

De Zwarte Pietentijd is gelukkig weer bijna voorbij. Kunnen we een jaartje herkauwen op onze argumenten om ze volgend jaar weer keihard en volkomen nutteloos in de strijd te gooien.