Tag archieven: wielrennen

Kamikazepilote…

Eergisteren zaten Josien en ik samen voor de buis. De Olympische spelen. Ik keek naar het vrouwenwielrennen op de weg. Dat zag er spectaculair uit. Ik ben doorgaans geen wielerfan, maar voor de Olympische spelen maak ik een uitzondering. Josien zat ondertussen wat anders te doen; die krijg je niet gek voor zo’n wedstrijd. De dames begonnen op de televisie aan een steile klim. De commentator kwam haast niet meer uit zijn superlatieven om te vertellen hoe steil die klim was. Het eerste stuk was een klim van tien procent. Josien schamperde dat wij een klim hadden gehad van twaalf procent. En dat klopte ook. Qua fietsend een berg beklimmen zijn wij geen groentjes.

Onderweg naar Santiago hebben we diverse bergen beklommen. Weliswaar in een geheel ander tempo, maar toch… Tijdens de wielerwedstrijd reed Annemiek van Vleuten voorop samen met een Amerikaanse. De commentator ging helemaal uit zijn dak, want weliswaar was die Amerikaanse een kei in klimmen, in de afdaling was ze uitermate zwak. De commentator wist het al helemaal zeker, ‘onze’ Annemiek ging de gouden medaille winnen.

Als je zoals wij ervaring hebt met het beklimmen van een berg, dan heb je, automatisch, ook ervaring in de afdaling. De afdaling is een ontlading na de klim. Klimmen deden we vaak met de zon schijnend op onze bol en geen zuchtje wind en een tempo van niets. Klimmen was een soort overleven. Op een wandeltempo trapten en vochten we onze weg naar boven. Maar eenmaal op de top dan voelde je ineens de wind door je van zweet aan elkaar plakkende haren. Je benen ontspanden. Vanaf dat moment hebben alleen je armen en handen nog wat te doen. Goed sturen en remmen; de rest gaat vanzelf. Afdalen, daar kon ik geen genoeg van krijgen.

Voor Annemiek van Velzen was dat niet anders. Of toch…Waar wij ook goed remden, liet zij het remmen zitten. Ik kan je vertellen, dat is best gevaarlijk. Als een pijl uit de boog schoot ze de berg af. Steeds harder, zo leek het. De camera op de motor kon haar maar nauwelijks bijhouden. De commentator kwam nu helemaal woorden te kort want wat hij voorspelde gebeurde; de Amerikaanse deed dat afdalen op onze manier, zeg maar, waarbij de rem ook een zekere rol speelde…naast het sturen. Daar had Annemiek lak aan. De commentator wist het zeker; Annemiek ging de gouden medaille halen. Josien zat nu ook ingespannen te kijken. ‘Best gevaarlijk,’ zeiden we tegen elkaar als ervaren afdalers: ‘Er hoeft maar een steentje te liggen en ze gaat op haar neus’. Dat hadden we nog niet uitgesproken of we zagen een gekke beweging van haar voorwiel, een slinger en daarna werd Annemiek van Velzen gelanceerd. Ze kwam op een laag stenen muurtje terecht en bleef daar in een onmogelijke houding overheen liggen. Voor lijk. Josien en ik hielden onze adem in. Josien is ook ervaringsdeskundige met betrekking tot van je fiets vallen… en daarna heel lang in het ziekenhuis liggen. Maar zoals Annemiek van Velzen erbij lag…dat werd eerder het lijken- dan het ziekenhuis. Voor ons hoefden de herhalingen niet zo; het was een akelig gezicht, maar de tv-mensen kregen er geen genoeg van. De rest van de race ging eigenlijk aan ons voorbij; hoe was het nou met onze eigenste kamikazepilote? Gelukkig kwam uiteindelijk het bevrijdende woord: Ze leefde!

Vandaag een foto van haar in de krant vanuit het ziekenhuis waar ze herstelt. Een knappe vrouw met een geschonden gezicht. Aan haar ogen zie ik dat ze al aan het bedenken is hoe ze in haar volgende afdaling nog harder kan…Wielrensters!