Tagarchief: Sinterklaas

Hoogleraar Sociale Psychologie…

Professor. Dat is echt het hoogste dat je kunt bereiken. Je bent pas echt geslaagd als je professor bent. Dat vond mijn moeder en dat heeft zich in mij vastgezet. Toen mijn pa op mijn achtste ineens verdween uit mijn leven moest ik bedenken hoe ik alle scherven van het huwelijk van mijn ouders weer aan elkaar kon lijmen. Daar deed ik een jaar over. Een jaar heb ik uit het raam gestaard en oplossingen bedacht, maar niets werkte. Voor schoolwerk had ik dat jaar even geen tijd, dus moest ik dat jaar nog een keer overdoen. ‘Dan word je een jaar later professor’ troostte mijn moeder. Geleerdheid, daar ging het om bij ons thuis. Eigenlijk tot op de dag van vandaag voel ik me diep van binnen een beetje mislukt omdat ik geen hoogleraar ben geworden; ik mag me geeneens doctor of doctorandus noemen. Als armzalig HBO-ertje heb ik, voor mijn gevoel, gefaald…

Dat gevoel en ratio niet altijd synchroon lopen, is mij pas de laatste jaren echt gaan opvallen. Dat gevoel dat ik eigenlijk pas geslaagd ben als ik professor voor mijn naam mag zetten heeft zich zo onlosmakelijk in mij vastgezet dat ik het, ongetwijfeld, mee mijn graf in zal nemen. Maar rationeel denk ik er tegenwoordig heel anders over. De professor is behoorlijk van zijn voetstuk gevallen. Het blijken soms helemaal geen slimme mensen die kunnen overzien wat de gevolgen zijn van hun handelen. Voorbeelden van heel erge domme professoren lijken stelselmatig voor te komen bij de studierichting Sociale psychologie. Zo hebben we de frauderende Diederik Stapel gehad die de enquêtes – die het bewijsmateriaal vormden van zijn ‘wetenschappelijke’ werk – zelf invulde en wiens stellingen daardoor immer bewezen werden. Je hebt professor Roos Vonk die zelfs zonder in elkaar geflanste en zelf ingevulde enquêtes, denkt dat ze altijd gelijk heeft en haar activistische stellingen verwart met wetenschappelijk onderzoek.

Sociale psychologie is dan ook best een ingewikkeld vak; het meest populaire onderdeel van de psychologie. Het lijkt te bestuderen hoe en waarom mensen handelen zoals ze handelen. Ze lijken te kunnen voorspellen welke actie welke reactie heeft op ‘de mens’. Ze lijken daar op die specifieke faculteiten te werken aan methoden om precies te kunnen voorspellen welk gedrag welk vervolg heeft. Ook hoe je mensen kunt manipuleren, trouwens. Ik heb mijn twijfels.

Gisteren was er weer eens een professor sociale psychologie op de televisie. Kees van den Bos. Hij is niet alleen professor, hij ziet er ook zo uit. Qua uiterlijk een karikatuur van zijn universitaire titel. Maar het gaat niet om uiterlijk, want daar kan hij niets aan doen. De man heeft radicalisering bestudeert en met name de radicalisering binnen de zwarte-pieten-discussie (oh nee, toch niet weer die zwarte pieten discussie?). Tijdens Nieuwsuur gisterenavond lepelde de man alle gebeurtenissen sinds de ‘blokkeerfriezen’ op rond zwarte piet. Volgens onze hooggeleerde waren de gebeurtenissen rond de landelijke intocht van Sinterklaas 2017 het startpunt van radicalisering… Alsof die discussie niet al veel eerder volledig uit de hand liep…

However, de hooggeleerde Van den Bos had een goede mededeling voor ons; op grond van zijn jarenlange onderzoek concludeerde hij dat hij zonder meer kon voorspellen dat vanaf nu de radicalisering af zou nemen en we volgend jaar weer een fijne sinterklaasintocht hebben… Ik geloof er niks van, maar we zullen zien.

De laatste Sinterklaas

Alles krijgt hier een laatste keer. In dit huis, waar we nu wonen. En helemaal zonder nostalgie. Juist met verlangen. We hopen dat het de laatste keer is. Ik heb me een paar keer tot mijn grote spijt vergist; dan was het niet de laatste keer, maar volgde er nog één. Een lente, bijvoorbeeld en een zomer. Ja zelfs een winter bleek niet de laatste. De schoorsteenveger had ik pocherig verteld dat zijn werk nutteloos was omdat de kachel in dit huis toch niet meer aanging. En kijk ons nou: Kleumend rond diezelfde centrale verwarming omdat de verhuizing keer op keer werd uitgesteld. Inderdaad, het eerste project dat eerder af is dan gepland moet nog geboren worden. Het project van de renovatie van onze woning was gewoon geen uitzondering.

Vandaag komen alle kinderen bij ons. Het laatste Sinterklaasfeest in dit huis. Ik durf het nu te zeggen. Niemand kan meer terug. Alleen als ons mooie huis in zou storten; of als er een ramp gebeurd die zijn weerga niet kent, zal het anders gaan, maar volgende week komen wij – Josien en ik – in het bezit van een stel sleutels van onze vernieuwbouwde en gerestaureerde woning. We kunnen haast niet wachten! De woningbouwvereniging kan ook moeilijk meer terug, want de schilder en de vloerbedekking zijn besteld.

Natuurlijk konden we zaterdag ons geduld niet bedwingen en gingen we naar het museum. Daar konden we, achterom, een kijkje nemen in ons huis. Maar Josien en ik zijn niet koelbloedig. De tuindeuren waren open, dus wat lette ons. Goed, we zijn wel ons huis ingestapt en we zijn door de huiskamer naar de gang gelopen. We hebben aan de trap gevoeld en geconstateerd dat de lijmresten van de vloerbedekking van onze voorgangers waren verwijderd en we dus weer een mooie trap kregen. Maar we waren zo zenuwachtig door deze illegale daad, dat we niet de tijd namen om echt goed rond te kijken. Josien en ik zijn te gezagsgetrouw opgevoed. We zijn veel te bang om iets te doen wat niet mag. En neem nou ons geval: Wie vindt er nou dat we niet in ons eigen bijna affe huis een kijkje mogen nemen? We hadden best de bovenverdieping mogen bekijken en we hadden best meetlinten mogen meenemen om de ramen op te meten zodat we ook gordijnen konden bestellen. Maar dat deden we niet. We slopen de huiskamer in en keken vluchtig rond. Daarna snel doorgelopen naar de gang. Even kijken en voelen aan de trap. Oh, dat wordt weer een mooie trap. En Jee, wat wordt die hal mooi groot nu die kast is weggehaald. Daarna een kijkje in de keuken. Oh, die is nog niet geïnstalleerd. Dan hebben we niets meer te zoeken in ons nieuwe oude huis en…weg waren we weer. Vol adrenaline, want jongens wat voelden we ons illegaal en bijna betrapt.

Arme wij. Arme oude, gezagsgetrouwe wij. Met ons, zenuwachtige oudjes, valt de oorlog niet meer te winnen. Wat boeit het een ander of wij een kijkje in ons eigen huis nemen. Ja, maar we hebben de sleutels nog niet. Nou en! Kan jou het bommen. Hadden ze de boel maar goed moeten afsluiten!

Vandaag, en dat weten we echt zeker, het laatste Sinterklaasfeest in dit huis. De jongens komen bij ons eten. Heerlijk!

Asha begrijpt meer dan het lijkt!

Ieder jaar, vlak voor de intocht van Sinterklaas als er zwarte-pieten-activisten aankomen, dan laten burgemeesters noodverordeningen ingaan die  demonstreren verbiedt. Dat mogen burgemeesters eigenlijk niet, want we hebben vrijheid om te demonstreren, maar toch gaan die noodverordeningen in. Burgemeesters laten zich even helemaal niets gelegen liggen aan hun wetskennis. Burgemeesters kijken naar de situatie en besluiten dat het overtreden van de wet, belangrijker is dan diezelfde wet handhaven. Burgemeesters hebben uit twee kwaden de minst kwade oplossing gekozen. Columniste Asha ten Broeke doet net alsof ze dat niet begrijpt.

‘Voetjes afvegen met onze rechten’ staat boven haar column. Ik proef die titel, ik snuffel eraan. Hij klopt niet. Je veegt je voeten niet af. Voeten veeg je. Zonder ‘af’. ‘Met onze rechten’ klinkt ook al niet goed. Het bekt allemaal slecht…voetjes vegen met onze rechten…Ze zal bedoelen dat burgemeesters hun reet afvegen met de grondrechten… Klopt! Maar burgemeesters hebben te maken met een dilemma… Dat weet Asha ten Broeke heus wel.

Pieten waren lange tijd heel erg zwart, maar omdat sommige mensen last hadden van de overeenkomst tussen hun kleur huid en de kleur van Zwarte Piet, hebben Pieten nu zwarte vegen op hun gezicht zodat niemand meer een overeenkomst ziet tussen een donkere huid en Zwarte Piet; dat is stukken beter!

Zo’n slordige twee weken voor 5 december worden Sinterklaas en zijn Pieten feestelijk binnengehaald. Duizenden kinderen staan dan gewapend met vrolijke vlaggetjes en pietenmutsen met hun ouders langs de route die Sinterklaas en zijn Pieten door stad of dorp gaan afleggen. Erg kwetsbaar allemaal, die kinderen.

Helaas doen aan het debat over de kleur van Zwarte Piet extremisten mee. Extremisten houden geen rekening met een minderheid maar ook niet met een meerderheid. Voor extremisten telt slechts hun eigen gelijk. Zo heb je aan de ene kant extremisten die vinden dat de roetvegen niet ver genoeg gaan, en aan de andere kant mensen die Zwarte Piet nog veel zwarter willen. Als de één demonstreert, wil de ander dat ook. Komen ze bij elkaar dan wordt het een erg ongezellige boel. Daarbij is het niet uitgesloten dat de toegestroomde kinderen tussen die ongezellige extremisten in komen te zitten. Je wilt niet dat kinderen zien dat de ME tussen beiden komt of dat kinderen moeten rennen voor hun leven. Zie daar het burgemeesters dilemma! Maar dat begreep Asha ten Broeke heus wel! Als wetenschapsjournaliste ben je niet op je achterhoofd gevallen!

Het persmuseum en Sinterklaas

In het persmuseum is een tentoonstelling over Sinterklaas. Er worden foto’s getoond van intochten van Sinterklaas door de jaren heen. Ik heb het van horen zeggen en van de tv. Zelf ben ik nog niet in dit museum geweest. Wat ik wel tegenkwam is een foto van de intocht van Sinterklaas in 1965 in Amsterdam. Het is een foto die ze op het journaal lieten zien en die mij erg aan het hart gaat. Ik sta op die foto. Nee, niet echt, maar die Sinterklaas en die hoofdpieten en die schimmel heb ik langs zien komen. Ik kijk naar mijn eigen onschuld als ik naar die foto kijk. Voor mij waren het geen blanken verkleed als zwarten, geen blackfaces, geen karikaturen van negers en ook geen lijdende slaven. Helemaal niets van dat alles. De zwart gekleurde mensen waren zwarte Pieten en de ongekleurde mensen waren witte pieten. Niets meer en niets minder. Beiden soorten pieten verwezen naar niets anders in de werkelijkheid dan naar zichzelf. Een soort priem-entiteiten. Pieten hoorden bij Sinterklaas. Sinterklaas was onbereikbaar en de Pieten waren zijn vertegenwoordigers op Aarde. Zij luisterden naar onze mooie liedjes, zij stopten lekkers in onze schoen en zij geven een standje als je stout was. Daarom hadden we ontzag voor Zwarte Piet.

Intocht van Sinterklaas in 1965 op het Rokin in Amsterdam
Intocht van Sinterklaas in 1965 op het Rokin in Amsterdam

De foto waarop Sinterklaas op zijn paard langs de – lang geleden overleden – hamburgertent Wimpy geleid wordt op het Rokin, brengt mij terug naar mijn onschuldigste tijd ooit. Het gevoel dat niets mis kon gaan, dat iedereen van je hield, dat er geen problemen waren en dat je helemaal nergens aan hoefde te denken want dat deden anderen voor je. Sinterklaas was belangrijk. De volwassenen wilden alleen maar dat je gelukkig was; daar hoefde je verder niets aan te doen. Sinterklaas heeft veel minder met kinderen te maken dan we nu beweren. Sinterklaas heeft bij uitstek met volwassenen te maken. Met de herinneringen van volwassen mensen. En met de wens van volwassenen om hun kinderen diezelfde warme herinneringen te geven. Ieder jaar als Sinterklaas terugkomt worden velen weer eventjes de peuters die ze toen waren. Dat zit dan ook heel diep. Het doet mensen bijna fysiek pijn als de warme herinneringen aan een periode, waarin je zo onschuldig was, bezoedeld worden. Zeggen dat Zwarte Piet racistisch is, is misschien vanuit een rationeel oogpunt wel juist, maar het bezoedelt meteen wel die warme herinneringen. Dat maakt de discussie elk jaar zo complex en explosief.

Ik heb het hele interview van 18 november met Gloria Wekker in de Volkskrant gelezen. Haar politieke keuze is fout; haar beweringen over Nederland en racisme zijn gebaseerd op drijfzand; haar ideeën over etnische quota op universiteiten is gek, haar analyse van Zwarte Piet is kolder, maar toch zegt ze iets verstandigs. Dat is best wel fijn als je jarenlang hoogleraar bent geweest. Ze vindt dat we op een niet bedreigende en niet beledigende manier moeten praten. (Open deur? Jazeker, maar desalniettemin een erg verstandige open deur!) Laten we Sinterklaas en Zwarte Piet als onderwerp nemen. Dat betekent dus geen acties bij de intocht; dat is zeer bedreigend en heel erg beledigend! Maar wel over een verandering van Zwarte Piet praten. Als volwassenen onder elkaar. En dan proberen om elkaars gevoeligheden te begrijpen. Moet toch kunnen?

Kinderombudsvrouw.

Er is geen onderwerp waarbij ik zo heen en weer word geslingerd als bij Zwarte Piet. Het zou me geen zak moeten uitmaken maar hoe harder de ene kant schreeuwt hoe sneller ik naar de tegenpartij loop. En omdat beiden kanten het niet kunnen laten om hard te schreeuwen ga ik keihard van de ene naar de andere kant. Daarom heb ik besloten om tegelijkertijd naar beiden kampen te luisteren en daardoor zo ongeveer in het midden te blijven. Ik heb best te doen met mensen die door hun positie gedwongen zijn om iets over Zwarte Piet te zeggen in het openbaar. De kinderombudsvrouw: Zelfs haar genuanceerd gefluister klinkt als oorverdovende rauwe kreten op een hardrock festival. Op de één of andere manier raakt Zwarte Piet het oergevoel van beide partijen. Een genuanceerd midden bestaat bijna niet. Het voelt als oorlog waarbij je partij móét kiezen.

Ik merkte dat mijn haren overeind gingen staan toen ik hoorde dat de kinderombudsman Zwarte Piet in de huidige vorm afwees. Zo werden haar woorden in de pers naar buiten gebracht. Meteen liet het journaal de Ghanees Jerry Afriyie vertellen hoe gelukkig hij werd van de woorden van de ombudsvrouw. Hoe komt dat bij mij binnen?

Ik woon heel gezellig in mijn huis. Heb mijn huis ingericht zodat ik er, samen met mijn geliefde en mijn kinderen prettig kan wonen. Mijn kinderen groeien op. Allemaal leuke herinneringen. Ook wat slechte; ieder huis heeft zijn kruis. Op een dag nodig ik mijn buurman uit in mijn huis. Maar wat zegt die buurman: Ík heb niet te eten, mag ik met jullie mee-eten?   “Natuurlijk mag je mee-eten. Ik heb het goed en ik deel graag met je”. En de buurman begint te schransen. Als hij zijn lepel na het toetje neerlegt, zegt hij: “Dat schilderij, dat moet je weghalen. Dat stoort me enorm. Weg met dat schilderij!” Daar word je als gastvrij mens boos van. Bemoei je met je eigen zaken! Maar dat roepen om het verwijderen van dat schilderij blijft doorgaan. Jóúw schilderij in jóúw huis. Wat een ondankbaar mens! Je zoekt steun bij een overheid: “Nou ja, zo mooi is dat schilderij nou ook weer niet: probeer er samen uit te komen.” Dan voel je je pas echt genomen.

Dat gevoel dus. Maar dat gevoel klopt gewoon niet. Nederland is niet te vergelijken met mijn huis. Je mag hier in Nederland alles aan de orde stellen en het land is van iedereen die er woont. In de Zwarte Pieten discussie gaat het uiteindelijk over discriminatie. Mensen voelen zich gediscrimineerd. Moet je die discriminatie bestrijden? Bij de bestrijding van discriminatie ben je gericht op de verandering van een ander. Een onbegonnen zaak. Neem raciste Gloria Wekker; niets zal haar overtuigen; ze zit vastgeroest in haar eigen gelijk. Ze onderbouwt haar rassentheorie quasiwetenschappelijk. Maar ook het Zwarte Pieten gilde. Net zo goed overtuigd van eigen gelijk. Mij hoor je dat niet goedpraten. Misschien is het kweken van minder lange tenen een betere oplossing dan al dat gedoe over discriminatie… Ik ga er in ieder geval voor!

Het verhaal van de kinderombudsvrouw was veel genuanceerder en voorzichtiger dan de pers ons liet geloven. Feitelijk zegt ze dat de volwassenen er samen moeten zien uit te komen. Dat is alles.  Zwarte Piet…wat een discussie!

Pauw en Sylvana

Het gaat vandaag (uiteraard!!!) over Zwarte Piet. Laat ik het zo stellen: Men is het er nog niet over eens wat we aan moeten met Zwarte Piet. Het volgende valt op:

Een intellectuele bovenlaag eist een verbod op Zwarte Piet. Ze vinden Zwarte Piet racistisch. Mensen met een donkere huidskleur zeggen dat ze in de Sinterklaasperiode door kleine kinderen verward worden met Zwarte Piet. Dit ervaren ze als heel vervelend. Daarnaast zien ze in Zwarte Piet een karikatuur van zichzelf. Zwarte Piet ervaren mensen als een verwijzing naar de slavernij waarbij de slavernij, ten onrechte, in een positief daglicht wordt gesteld.

Een andere intellectuele bovenlaag zie ik het volgende standpunt innemen: Het maakt helemaal niet uit welke kleur Piet heeft; dat mag zwart zijn, paars, oranje, zie maar. Kinderen maakt het niets uit. Ze zullen er niet minder overtuigd voor bij de radiator gaan zingen. Ook de volwassenen zullen er snel aan gewend zijn. Na een kleine overgangsperiode zijn we allemaal gewend aan Oranje Piet en is alles weer koek en ei. Als een groep mensen Zwarte Piet als kwetsend ervaart, dan moeten we daar rekening mee houden.

Voor de rest van de samenleving is Zwarte Piet, Zwarte Piet; Zwart dus. Voor de rest van de samenleving zijn Zwarte Piet en Sinterklaas emotie. Zwarte Piet en Sinterklaas zijn equivalent aan onschuld. Van gekoesterd worden door de grote mensen. Van vrede en veiligheid en liefde en warmte. Argumenten spelen daar geen rol. Ze willen niet dat deze gevoelens bezoedeld worden. Argumenten zijn koude dingen die inhakken op warme gevoelens. Voor Zwarte Piet ben je een beetje bang. Dat zwarte gezicht waar je niets en niemand in herkend. Je ouders beschermen je. Die vertellen je dat hij lang niet zo boos is als hij eruitziet. Met Zwarte Piet bewijzen ouders dat ze je beschermen. ‘Ook al ben ik zwart als roet, ik meen het wel goed’, dat is de boodschap. Deze laatste zin wordt vaak aangehaald als het ultimo bewijs van racisme. Ik denk dat dat wel meevalt. Zwart is de kleur van duisternis en duivel.

Gisterenavond waren Sylvana Simons, Ad Visser en een anonymus te gast bij Jeroen Pauw in zijn talkshow. Sylvana Simons, die me met haar extreme decolleté trouwens behoorlijk afleidde, vertegenwoordigde de mensen die het maar slap vonden dat premier Rutte zich niet in wetgevende zin met Zwarte Piet wilde bemoeien. Ad Visser acteerde op rationeel niveau; als jullie er last van hebben, dan veranderen we het toch even… De anonymus had een raar en onsamenhangend verhaal en bewees daarmee dat Zwarte Piet weinig met rationaliteit te maken heeft maar wel met emotie; heel veel emotie. Emoties verander je niet; die zijn er.

Sylvana Simons begreep dat wel, denk ik. Met veel bombarie zette ze er een emotioneel verhaal tegenover. Daarbij vloog ze volledig uit de bocht. Walste in het voorbijgaan nog even de anonymus plat en werd compleet ongeloofwaardig. Na haar gehuil was zelfs ik weer voorstander van Zwarte Piet terwijl ik heus wel de ‘blackface’ kant zie…

De Zwarte Pietentijd is gelukkig weer bijna voorbij. Kunnen we een jaartje herkauwen op onze argumenten om ze volgend jaar weer keihard en volkomen nutteloos in de strijd te gooien.

Quinsy Gario

De herfst is weer echt begonnen. Het regent. De wind giert om het huis. Reclames op de televisie prijzen verrassend veel speelgoed en kinderspelletjes aan. Het is overduidelijk, de feestdagen komen er aan. Sinterklaas. In de krant lees ik dat ook het Sinterklaasjournaal alweer begonnen is. Tegenwoordig bepaalt het Sinterklaasjournaal hoe of wat met Sinterklaas. Sinterklaas…dat is dus Zwarte Piet. Zwarte Piet is discussie en debat. De discussie over Zwarte Piet is Quinsy Gario. Hij vindt Zwarte Piet discriminerend.

Wij, de liefhebbers van Sinterklaas, willen helemaal geen discussie over Zwarte Piet. We willen discussiëren over stromen vluchtelingen en of we ze moeten opvangen, we willen discussieren over MH17 en wat er met de daders moet gebeuren, we willen desnoods discussieren over de toekomst van Europa, maar niet over Sinterklaas en Zwarte Piet. Want wat is Sinterklaas eigenlijk en wat vertegenwoordigt Zwarte Piet precies?

Sinterklaas en Zwarte Piet zijn herinnering. Hele fijne herinnering. Je ouders houden van elkaar en ze houden van jou Sinterklaas bedenkt ergens (?) hoe hij jou kan verwennen met cadeautjes op zijn verjaardag. .Zwarte Piet zit op het dak. Hij luistert. Alles wat je ouders zeggen is waar. Harmonie, alles is harmonie. De kachel brandt, de wind giert om het huis. Veilig binnen. Weg van de nakende echtscheiding, weg van de drank en de schulden. Harmonie, dat is Sinterklaas. Veilig. Bij die harmonie en dat fijne gevoel hoort een man in een tabberd met een lange witte baard en een kleiner mannetje met een zwart geschminkt gezicht in een Zwarte Pietenpak.

Dat feest hebben we altijd zo gevierd: Onze ouders, onze grootouders, onze betovergrootouders. Allemaal hebben ze met nog natte haartjes in pyjama bij de schoorsteen gezongen met hun ouders. Vol verwachting stopten ze wortels in hun schoen omdat ze graag wat terug wilden doen voor Sinterklaas. Allemaal hadden ze dat fijne gevoel om één te zijn met een harmonieuze wereld. Die harmonie wordt nu stevig verstoord. Daar zitten we helemaal niet op te wachten. Er worden ons moeilijke vragen gesteld. Moet die zwarte Piet nou speciaal zwart zijn? Tsja, nee, niet perse. Maar hij is gewoon zwart! Mensen voelen zich gediscrimineerd en te kakken gezet door zwarte Piet. Dat willen we ook niet… Als dat zo is, dan moeten wij, als Sinterklaasliefhebbers een stap doen. We moeten onze herinneringen koesteren maar toch uitschakelen. We moeten onszelf op een afstandje zetten en dan nog eens kijken naar Zwarte Piet. Dan zien we een raar figuur; een blank persoon die zichzelf zwart geschminkt heeft. Een nepneger. Vergelijkbaar met de racistische Black & White shows uit het verleden in Amerika. Dat willen we toch niet?

De stap om op een afstandje te gaan staan en zo naar Zwarte Piet te kijken is zo zwaar. Zo verschrikkelijk zwaar. Quinsy Gario zou ons echt wat meer tijd moeten gunnen.