Tagarchief: roman

Marijke Schermer – Liefde, als het dat is; een scherpe analyse en een mooie roman.

Toen ik destijds Turks Fruit las, was ik helemaal de hoofdpersoon. De liefdesgod, daar wilde ik me graag mee identificeren. Nog nooit had ik de liefde gesmaakt of was ik echt verliefd geweest, maar die hoofdpersoon uit die roman, dat was helemaal ik. Je identificeert je makkelijk in een roman met de persoon die je het meest aan het hart ligt. Die romanheld van toen, dat is nu niet meer zo mijn held. Zoveel liefde zie ik er nu niet in, in die roman van Wolkers. Een bruut die zijn slachtoffer af en toe ‘toestemming’ geeft om iets te doen; om taartjes te maken van een witte boterham waarop ze een laag boter metselt en aftopt met chocoladehagelslag. Niet meer van deze tijd. Interessante vragen: Wat doet een boek precies met je en waarom identificeer je je met bepaalde romanpersonages?

In de roman ‘Liefde, als dat het is’ van Marijke Schermer wordt de liefde geanalyseerd, ontleed en op een mooie manier opgediend. Ik heb de roman in een ruk uitgelezen. Fantastisch!

Het verhaal van Schermer draait om het gezin van Terri en David en de dochters Krista en Ally. Op een dag is het voor moeder Terri over. Ze voelt zich zo bekneld en zo gevangen binnen het huwelijk en het gezin dat ze voor zichzelf besloten heeft om zo niet verder te kunnen gaan. Ze begint een verhouding, affaire of in ieder geval ‘iets’ met Lucas. David zoekt troost bij schrijfster Sev maar houdt een relatie verre van zich. Uiteindelijk beëindigd Terri de relatie met Lucas en stoppen Sev en Lucas de troosterij en is het gezin voor altijd gebroken. De plot van de roman kan ik makkelijk weggeven zonder dat het je leesplezier gaat bederven.

Ik identificeer me met David in de roman. Als lezer – geïdentificeerd met David – voel me ik zo verschrikkelijk verraden door Terri. David wordt beschreven als een zorgzame, lieve, tedere man die het met iedereen het beste voor heeft. Een man die zijn deel van het huishouden op zich neemt en zich haast in dienst stelt van het gezin dat hij vormgegeven heeft. Een tedere minnaar die zijn seksuele wensen ondergeschikt maakt aan de hare. That’s me… Maar Terri kwalificeert dat als ‘aardig’, en ‘aardig’ is de dood in de liefdespot…

Terri kiest voor Lucas. Lucas en de hoofdpersoon uit die beroemde roman van Jan Wolkers vallen goeddeels samen. Hij gebruikt haar voor zijn lusten en zij lijkt ervan te genieten. Al haar lichaamsopeningen worden gebruikt om zijn kwakkie kwijt te raken en als ze vraagt om iets meer begrip voor wat voor situatie dan ook, dan vernedert hij haar. Ik merkte dat ik zo verschrikkelijk kwaad wordt over de situatie die ik zie ontstaan in de roman. David voelt zich zo verraden en ik met hem. Tijdens een van de ruzies die daar het gevolg van is, loopt zij weg uit de ruzie en gaat linearecta naar Lucas waar ze zich stevig laat misbruiken door haar minnaar. Terwijl ik het opschrijf voel ik de verontwaardiging naar boven borrelen. Op het moment dat vijftienjarige dochter Krista haar eerste kleine stapjes zet op het liefdespad, krijgt ze helemaal per ongeluk de telefoon in handen van haar moeder en leest ze de chats tussen Lucas en haar moeder. ‘Ik wil je hier op je knieën met mijn pik in je mond’ leest het arme kind. Lekkage van seksualiteit van ouders naar kinderen en andersom is killing, zo blijkt maar weer. Krista wil helemaal niets meer met haar moeder te maken hebben.

De sympathie van lezer – zeker van deze lezer – gaat naar David. Maar toch laat dat wel een leegte achter. Vragen heb ik ook. Waarom kiest een vrouw die zich bekneld voelt in gezin en huwelijk voor zo’n man als Lucas? (Wat heeft die man wat ik niet heb? Wat heeft die man wat David niet heeft?) Toch is het een realistische keuze. Hij maakt me kwaad, maar ik zie het toch ook wel voor me. En dan de verhouding tussen Sev en David. Sev is een vrouw die moeite heeft om zich te binden en bij wie het nooit gelukt is om langdurig een relatie aan te gaan. Ze wil ook geen relatie met David; hij moet haar minnaar zijn. David wil haar alleen maar in het verborgene beminnen; hij vreest dat zijn dochters bang worden dat hij, net als hun moeder, zal weglopen met een nieuwe geliefde en wil ze dat niet aandoen. Ik ben David, denk ik… ‘Liefde, als het dat is’ heeft veel minder aandacht gekregen dan het verdient. Het is een prachtige roman en een messcherpe analyse van de liefde in al haar facetten; van de eerste prille verliefdheid tot een min of meer sado- masochistische verhouding. Ik vind de roman een aanrader en jammer dat hij niet op diverse lijstjes voorkomt!

Oek de Jong – Zwarte Schuur; Boeiend en spannend!

Oek de Jong heeft iets dat ik niet heb. Nee, niet goed, klopt niet. Overnieuw. De mannelijke hoofdpersonen in de romans van Oek de Jong (en dus niet Oek de Jong zelf) hebben iets dat ik niet heb; een enorme aantrekkingskracht op vrouwen. In Pier en Oceaan waren de vrouwen al niet van zijn lijf te slaan, maar ook in zijn nieuwste roman Zwarte Schuur heeft de hoofdpersoon moeite om alle vrouwelijke opdringerigheid te weerstaan of in ieder geval in goede banen te leiden. Kon ik maar een klein beetje sexappeal, een klein beetje zelfverzekerde behoedzaamheid ten opzichte van vrouwen van die hoofdpersonen overnemen. Nu niet, maar meer in het verleden. Het had mijn leven een boel aangenamer gemaakt en zeker minder tobberig. Die vrouwen die allemaal uit zijn op de gunsten van de hoofdpersoon vind ik wat moeilijk verteerbaar (ja, oké, jaloezie…) maar voor de rest is Zwarte Schuur een boek waar je doorheen vliegt en waarvan het jammer is als je het uit hebt. Een heerlijk boek waarin niets is zoals het lijkt. Ik heb het boek in één ruk uitgelezen en kan niet anders zeggen dat het van het begin tot het einde boeide.

Het boek begint met de opening van een grote overzichtstentoonstelling in het Stedelijk Museum Amsterdam over het werk van de hoofdpersoon Maris. Maris is rond de zestig, is een beroemd beeldend kunstenaar en is getrouwd met Fran. Dat huwelijk lijkt zijn laatste fase in te zijn gegaan. Ze kunnen niets meer van elkaar hebben. Juist als het huwelijk zich op een dieptepunt bevindt en zijn succes als schilder torenhoog, verschijnt er in een tijdschrift een verhaal over het verleden van de hoofdpersoon; er is iets schokkends en afgrijselijke gebeurd toen Maris veertien jaar was toen hij nog met zijn ouders in Zeeland woonde. Wat dat schokkende is, wordt in latere hoofdstukken uit de doeken gedaan. Of datgene wat verteld wordt ook de ‘waarheid’ is, waag ik te betwijfelen. De tragedie wordt verteld vanuit de hoofdpersoon. Kijk ik vanuit dat perspectief mee, dan is er sprake van een tragisch ongeluk. Kijk ik naar de gevolgen van dat ‘tragische ongeluk’ dan moet er sprake zijn geweest van opzet en dus van schuld. Maar dat is dus aan de lezer. Deze gebeurtenis in zijn jeugd beheerst zijn leven. Deze gebeurtenis illustreert in zekere zin ook zijn verhouding met vrouwen waarin vrouwen hem ten koste van alles willen en hij zwakke pogingen onderneemt om ze van zijn lijf af te houden.

De roman speelt zich af in drie tijdvakken. Het ‘heden’, waarin, zoals gezegd, de hoofdpersoon zo’n jaar of zestig is, een gevierd schilder is en getrouwd met Fran. Het tweede tijdvak is de schilder op veertienjarige leeftijd en waarin de gebeurtenis en tragedie met vriendinnetje Matty plaatsvindt die hem zijn hele leven zal achtervolgen. In het derde tijdvak vertelt de dan zo’n dertigjarige Maris aan geliefde Sigi wat hem overkomen is op veertienjarige leeftijd. Sigi trekt dat niet en verlaat hem. Het verdriet over haar vertrek zorgt ervoor dat hij niet meer schilderen kan. Een boek over het altaar van Isenheim en de schilder Grunewald brengt hem weer tot leven.

Vrouwen zijn vehikels waarop herinneringen over de fatale gebeurtenis in het verleden boven komen. Het gaat in die gevallen om vrouwen die van oorsprong uit de streek in Zeeland komen. Ze dringen de hoofdpersoon een verhouding op die hij niet wil. Allereerst ontmoet hij junk Ilse als hij op dertigjarige leeftijd terugrijdt van Colmar waar hij het Isenheimer altaar heeft gezien. Zij kende slachtoffer Matty en is Zeeland ontvlucht. Maris lijkt en blijkt haar laatste strohalm. Ook Albertina dringt zich op. Dat doet ze in het ‘heden’ van de schrijver als zijn huwelijk met Fran lijkt te stranden. Zonder het te weten zorgt Albertina ervoor dat er een ommekeer komt in de verhoudingen.

Wat ik een onbegrijpelijk en merkwaardig trekje vind in de romans van Oek de Jong is de verhouding tussen hoofdpersoon en zijn ouders. De manier waarop de hoofdpersoon naar zijn ouders kijkt lijkt verschrikkelijk plat en oppervlakkig. Was het in Pier en Oceaan nog zo dat pa geen goed kon doen, in de roman Zwarte Schuur is het de moeder die ongenuanceerd niets goed kan doen. In Pier en Oceaan las ik juist over de zo neergesabelde vader, hoe verschrikkelijk hij begaan was met de wereld en hoe hij altijd klaar stond voor anderen. Er was kortom best een verschil tussen de vader zoals de hoofdpersoon hem zag en beoordeelde of zoals de lezer hem kon afleiden uit wat er geschreven stond. In deze roman ontbreekt deze nuancering; moeder is overheersend en opdringerig. Ze heeft de hoofdpersoon laten vallen nadat het fatale ongeluk was gebeurd. Zij vader is compleet onderhorig aan de grillen en bazigheid van zijn vrouw. Het beeld dat van de moeder geschetst wordt vind ik erg plat en verwacht je niet bij een schrijver die zo genuanceerd schrijft. Zijn moeder past aan de andere kant wel in het rijtje van vrouwen die het over hem voor het zeggen hebben.

Het is onmogelijk om ook maar enigszins compleet te schrijven over deze roman. Er zitten best wat uithoeken en lagen in die ik compleet onbesproken laat. Dat is dus maar zo. Wat mij betreft wel een enorme aanrader deze roman.

Lize Spit – Het smelt: Een fantastische roman!

Ik weet heel zeker dat dit boek erg hoog gaat scoren in mijn Libris-literatuuurprijs lijstje. Gewoon een erg goed boek. Het verhaal is prima, de architectuur is mooi en het taalgebruik is lekker. Alles bij elkaar klopt het gewoon. Lize Spit is met haar jeugdige leeftijd en haar debuutroman één van mijn favorieten. De roman van toch maar even vierhonderd pagina’s heb ik verslonden. Voor mijn doen heb ik het in no-time uitgelezen. Van begin tot het eind was het boeiend. Voor mij een stimulans om weer veel te gaan lezen. Het eerste boek van de Librislijst verschafte mij niet veel moed voor de toekomst, maar hopelijk heeft Lize Spit het tij gekeerd en ga ik er vol tegenaan!

De hoofdpersoon Eva is onderweg naar de boerderij van Pim om de dood van diens broer Jan zo’n tien jaar geleden te herdenken. In haar achterbak ligt een groot blok ijs. Terwijl ze daarnaartoe rijdt wordt het verhaal van haar jeugd vertelt. Moeder is alcoholiste en vader heeft ze ook niet helemaal op een rijtje. De ouders zijn geen mensen om kinderen op te voeden. Maar desalniettemin hebben ze een gezin gesticht waarvan Eva de middelste is van drie kinderen. Ze heeft een oudere broer Jolan en een kleiner zusje Tesje. Tesje zie je in de roman ontsporen. Eva verklaart ergens in het midden van het boek haar absolute liefde voor haar kleine zusje waarmee ze een kamer deelt. Ze ziet met lede ogen aan hoe langzamerhand het leven van haar zusje wordt ingenomen door gekke en tijdrovende rituelen.

Eva groeit op in een klein agrarisch dorpje in de buurt van Lier. In haar geboortejaar zijn er maar drie kinderen geboren: Zij, boerenzoon Pim en slagerszoon Laurens. Op school komen ze in een aparte klas die bij een andere klas wordt aangeschoven. Ze noemen zichzelf de drie musketiers. Dat Eva een meisje is en de andere twee, jongens zijn, speelt de eerste tijd geen enkele rol van betekenis. Pas als de prepubertijd zich aandient krijgt het feit dat ze meisje is, een dubieuze betekenis. Maar dan popt ook Elisa op. Een meisje dat van buiten het dorp komt en waarvan men niet weet hoe ver ze met school is. Ze wordt bij de drie geplaatst. Eva is diep onder de indruk van het knappe meisje en gaat een slaafse vriendschap aan. Maar als Elisa verder blijkt en na enkele maanden naar een hogere klas gaat, laat ze Eva achter in haar oude klas en doet alsof ze haar nooit gekend heeft. Ondertussen bedenken de jongens een spel om meisjes te kunnen befoezelen. Ze lokken een meisje naar een beschut geheim plekje. Eva, die de meisjes met haar aanwezigheid, een veilig gevoel moet geven, geeft hun een raadsel op. Via vragen stellen moeten ze achter het antwoord komen en elk fout antwoord kost hun een kledingstuk (schoenen tellen voor één). Raad het meisje het, dan krijgt ze een prijs. Is ze helemaal naakt dan mogen de jongens haar een opdracht geven. De drie gaan alle meisjes af die ze kennen in de volgorde van onaantrekkelijk tot superaantrekkelijk. Elisa zal de laatste zijn… En dan, op het hoogtepunt van de roman, gaat alles fout en begrijp je waarom Eva jaren later, een blok ijs achter in haar auto heeft liggen als ze naar de herdenking van Jan gaat. Tenminste, je krijgt een vermoeden over wat ze ermee van plan is.

Ik heb zelden een roman gelezen waarbij de hoofdpersoon zich zo verschrikkelijk een ‘niemand’ voelt. Je krijgt het er haast benauwd van. De jongens willen dat meisjes zich voor hen uitkleden, maar Eva lijkt helemaal niet in hun fantasie voor te komen. Eva is, als vrouw, totaal onbelangrijk voor hen. Ook Elisa gebruikt haar naar believen en dumpt haar naderhand. Behalve Jan, de broer van Pim. Jan heeft gezegd dat hij Eva een knappe en leuke meid vindt. Om die reden is Eva weleens naar zijn kamer geslopen en heeft ze stiekem het kussen gezoend waarop hij zijn hoofd legt. Maar Jan lijkt zelfmoord te hebben gepleegd, hoewel dat niet echt heel expliciet wordt verteld. Jan verdrinkt in de gierkelder. Erger lijkt haast niet te kunnen. Met Jan die verdrinkt, Elisa die haar verraad, Pim en Laurens die haar gebruiken, Tesje die steeds dwangmatiger wordt en haar ouders die voortdurend beneveld door de drank zijn, is Eva alleen. Heel erg allen. Alleen aan haar broer heeft ze iets houvast.

In de roman lopen twee verhaallijnen: De ene verteld het verhaal van het opgroeien van Eva in het kleine dorpje met haar jaargenoten Pim en Laurens. De andere lijn beschrijft de rit die de volwassen Eva maakt naar de herdenking van Jan. Juist op het moment dat je denkt dat je ergens in de roman iets gemist hebt waardoor je niet begrijpt waarom de hoofdpersoon doet wat ze doet, begrijp je de link tussen de twee lijnen en wordt alles je duidelijk. Dat is romanarchitectuur!

Op de avond van de prijsuitreiking werd Lize Spit geïnterviewd op de televisie. Ze roemde elke roman. Ze wist van elke andere genomineerde roman een potentiele winnaar te maken en leek er helemaal niet aan te denken dat ze zelf net zo goed een laureaat was. Opmerkelijk. Ik dacht even iets te herkennen van Eva, die zichzelf ook zo graag wegzcijfert.

Een ander aspect is dat de roman zich afspeelt in een tijd dat onze kinderen ongeveer dezelfde leeftijd hadden als de hoofdpersoon. Ik, mijn persoon dus, ben van de generatie van de ouders van Eva. Gelukkig zorgt Lize Spit ervoor dat ik me op geen enkele manier hoef te identificeren met de ouders van de hoofdpersoon.

Het moge duidelijk zijn; ik ben diep onder de indruk van deze roman en zie hem zeker als potentiele winnaar van Frits’ Libris literatuurprijs!

 

Joke van Leeuwen – De Onervarenen

(Geschreven op 2 mei 2016 in Madrid)

Het is alweer een tijdje geleden dat ik dit boek uitlas, maar de roman is zeker de moeite waard. Ook Joke van Leeuwens vorige, veel bekroonde en bejubelde roman ‘Feest van het begin’, heb ik gelezen en ook die roman heeft enorme indruk op mij gemaakt. Speelde haar vorige roman zich af ten tijde van de Franse revolutie in Frankrijk, De Onervarenen speelt zich, voor het grootste deel, af in een niet nader omschreven tropisch land zo rond de helft van de achttiende eeuw. Een sterk ondergangsgevoel maakt zich tijdens het lezen van je meester. Alles gaat dood, alles gaat kapot…

Joke van Leeuwen is ook kinderboekenschrijfster. Dat merk je als je haar roman leest. Dat is zeker niet negatief! Haar taal is helder en eerlijk. Kinderen zouden het boek ook kunnen lezen als het een kinderboek was, maar dat is het absoluut niet. Het speelt zich af in de volwassen wereld met volwassen problemen. Al met al is het een licht geschreven, zwaar verhaal.

Een vrouw van hogere komaf krijgt een dochter zonder dat ze met de vader getrouwd is. Ze wordt verstoten uit haar milieu. Met haar thuisweverijtje weet ze haar hoofd boven water te houden. De sfeer ademt benauwd in gereformeerde kringen. In een Nederlandse stad. Een vrouw die zich niet laat kisten door haar omklemmende omgeving. Met haar opgroeiende dochter in een door mannen gedomineerde wereld. Daar ontworstelt ze zich aan. Tot het mis gaat. Moeder wordt opgesloten in een psychiatrisch kliniek. Men laat haar puberdochter alleen achter.

Puberdochter en verteller, Odille, ontmoet Koben op een dansavond op het moment dat ze alleen op de wereld staat. Hij neemt haar in huis. Koben is keuter-, pachtboer. Na wat onhandige toenaderingspogingen, gaan ze uiteindelijk verder als stel. Ze trouwen ook min of meer. Als de oogst mislukt, worden ze van hun land gezet omdat ze de pacht niet meer kunnen betalen. Ze schrijven zich in als pionier voor een nieuwe overzeese kolonie.

Moeder is juist weer vrijgelaten en besluit met dochter en schoonzoon mee te gaan. Moeder wordt, met haar psychiatrische verleden, besmet verklaard, en wordt gedoogd maar niet opgenomen in de groep. Zij zal nooit onderdeel van de groep worden waarmee de plantage in de nieuwe kolonie wordt bewerkt. Zij blijft de buitenstaander buiten de kolonie en Odille de buitenstaander in de kolonie.

Erg mooi vind ik hoe Joke van Leeuwen laat zien dat de twee vrouwen intellectueel de mannen de baas zijn maar dat de mannen desalniettemin de leiding nemen. Je ziet dat dingen misgaan. Odille weet dat en moeder ook, maar toch kan ze er niets aan veranderen omdat de mannen dat zo willen of hebben besloten. Joke van Leeuwen is in staat om inzicht te geven in de gedachtewereld van een slimme vrouw omringd door minder slimme mannen die de leiding over haar nemen. De kunst is dan om niet te vervallen in anachronismen. Niet te vervallen in feministische verongelijktheid. De vrouw aanvaardt dit gezag en wij , als lezer, hebben geen keus. Konden we (in dit geval) maar de vrouwen de baas maken!

Binnen de gemeenschap van kolonialen grijpt Koben de macht. Die macht baseert hij voor een groot deel op een nieuw bedachte vroomheid. Dat de kolonialen sterven als ratten komt doordat men niet hard genoeg zijn best doet om vroom genoeg te zijn. Moeder, die niet afhankelijk is van de mannen omdat ze geen plaats in de kolonie krijgt, gaat het stukken beter af. Met de verkoop van haar geweefde stoffen weet ze een zekere welstand te bereiken. Ook heeft ze zo snel mogelijk de taal geleerd. Koben daarentegen vindt de eigen taal en cultuur datgene is waar je je aan vast moet houden.

De onervarenen is echt een fantastische roman. Hij staat nu op de shortlist voor de Libris literatuurprijs en ik hoop dat hij de prijs gaat winnen. De meeste andere boeken ken ik nog niet, dus helemaal eerlijk is dat niet.

 

De ijzige vlakte en Doctor Zjivago

Eigenlijk is het best bijzonder dat een Egyptenaar zo overtuigend een Rus kon spelen. Dat hij zo natuurlijk kon rondstappen in de ijzige wereld van de Russische toendra. Omar Shariff heeft destijds enorme indruk op mij gemaakt als Doctor Zjivago. Sommige beelden uit die film hebben voor mij een iconisch gehalte gekregen. Toen ik de film voor het eerst zag, kocht ik daarna meteen het boek. Ik wilde de roman lezen. Die roman verteerde moeizamer dan de film. Ik vond het een taai boek. De gedichten die erin stonden sloeg ik helemaal over. Kortgeleden is er een nieuwe, en uitmuntende, vertaling uitgekomen. In die nieuwe vertaling zou ook de kwaliteit van de gedichten tot uiting komen.

Doctor Zjivago draaide in het Amsterdamse theater Du Midi. In die tijd voelde ik me al een hele kerel als brugklasser. Ik was gemiddeld populair in de klas. Het liefst was ik heel erg populair geweest, maar helaas, feesten, daar was ik niet goed in. Ik heb altijd in mijn vaders voetsporen willen treden als feestbeest. Feestbeesten zijn de populairste mensen. Dat zijn mensen die het leven proeven. Zo zag ik het toen, en misschien zie ik dat nog altijd wel zo. Thijmen was wel een feesterd. Ik probeerde altijd in de buurt van Thijmen te zijn zodat iets van zijn populariteit op mij af zou stralen. Thijmen vond mij een geschikte peer, maar dat gaf mij nog geen toegang tot ongekende populariteit. Dat wist ik toen nog niet. Van Thijmen hoorde ik verhalen over Doctor Zjivago. Hij vond het een schijtfilm. Niet dat hij er veel van gezien had, maar de scenes die hij had gezien, vond hij prut. Het meest positieve van docter Zjivago vond hij dat het licht uitging en dat hij naast een willige mooie meid zat. Zij vond de film ook niets. Thijmen en het meisje zochten daarom ander vertier en dat vonden ze bij elkaar. Thijmen vertelde daar in geuren en kleuren over. Ik was jaloers en vond Docter Zjivago ook een prutfilm terwijl ik hem niet gezien had.

Gelukkig werd Doctor Zjivago een klassieker. Daarom kwam hij jaren later weer uit de kast. Ik was diep onder de indruk van de afgestofte film. Wel erg romantisch hoe Zjivago gevangen zat tussen Lara en Tonia. De Russische revolutie vormde het decor van de film. De hoofdpersoon werd gemangeld in deze revolutie. Daardoor ontsteeg de film de middelmaat. Het beeld van grote ijsvlaktes blijft hangen. De verstarde generaal en echtgenoot van Lara in zijn niet te stuiten trein. En het gezicht van Shariff, ingepakt in doeken, maar blauw van de kou en zijn wanhopige blik. Het ijspaleis waar hij een voorlopig onderkomen vindt. Ik weet niet meer of dat met Lara of met Tonia was, maar dat is niet zo belangrijk. Dat beeld van het ijspaleis is wel belangrijk voor mij. Ik herinner me een film waarin iedereen het voortdurend koud heeft. Verschrikkelijk koud.

Het is zo jammer dat ik zo langzaam lees op dit moment. Zal ik de nieuwe vertaling van Doctor Zjivago gaan lezen? Misschien moet ik de beelden van de film in mijn hoofd koesteren en aanvaarden dat ik gewoon niet alles kan lezen, hoe graag ik dat ook zou willen.