Tagarchief: Pauw

Inenten

Op het ogenblik wordt er gediscussieerd over een onderwerp dat mij nu niet meer dwars zit maar ons wel heel erg dwarsgezeten heeft: Het laten vaccineren van je kinderen. Zoals vaak houden voor- en tegenstanders hun emoties maar moeilijk onder controle terwijl dat wel belangrijk is. Het gaat om heel delicate zaken.  Het gaat om de gezondheidsrisico’s van je kinderen. Jij als ouder bent daar verantwoordelijk voor. Mijn kinderen zijn volwassen, maar nu mijn jongste op vakantie in Thailand is, komen er toch weer, heel lichtjes, ongeruste bubbeltjes boven; hebben we het wel goed gedaan? Dat is natuurlijk een vraag die je je vaak stelt, maar bij beslissingen die je destijds expliciet genomen hebt over het aanvaarden van gezondheidsrisico’s van je kinderen voelt dat toch net iets anders.

Toen de oudste nog maar net geboren was, stonden we voor moeilijke beslissingen. Laten we ons jongetje inenten of niet? Helemaal geen makkelijke keuze als je nog maar net droog achter je oren bent. Je moet er samen uitkomen maar wat ken je elkaar nou helemaal? Achter mijn geliefde bevond zich een voor mij nog onbekend scala aan ideeën, opvattingen, opvoeding en gewoontes. Achter mij trouwens ook. Vanuit haar perspectief was het lichaam sterk en moest het hoogstens geholpen worden in het bestrijden van ziektes. Vanuit mijn perspectief moest het kwetsbare lichaam beschermd worden tegen ziekmakende binnendringers. Hoe dicht we in bed tegen elkaar aanlagen, onze opvattingen over het lichaampje dat we te verzorgen hadden gekregen lagen ver uit elkaar. Als ik terugdenk aan onze discussies dan kijk ik met verbazing naar Pauw waarin eergisteren twee vrouwen zó fanatiek tekeergingen. Zij waren zó overtuigd van hun gelijk dat ze de ander geen enkele ruimte boden. Dat ze de ander om de oren sloegen met onderzoeken waarvan niemand, op dat moment, de waarde kon bepalen. Ik zag een arts zinken die echt het beste met iedereen voorhad en ook goed kon uitleggen wat of waarom en hoe. Ik hou niet van dergelijk verbaal geweld.

Josien en ik beseften destijds dat we consensus moesten bereiken en dat we verantwoording op ons namen voor de keuze die we maakten terwijl we lijnrecht tegenover elkaar stonden. Een jaartje of wat voordat ik Josien leerde kennen was ik er nog voorstander van om ouders tijdelijk uit de ouderlijke macht te ontzetten om hun kinderen tegen polio in te enten… Niet inenten associeerde ik zonder meer met de bible belt en achterlijkheid. Ik wist niet dat vanuit een antroposofische perspectief ook heel kritisch naar inenten werd gekeken. Weliswaar met een heel andere kijk op de wereld, maar toch, tegen inenten. Toen kon ik de niet-inenters ineens niet meer afdoen als achterlijke geloofsfanatici…

Wij hebben ons laten voorlichten door artsen. We hebben gewikt en gewogen. We hebben tot diep in de nacht gediscussieerd. We hebben risico’s afgewogen en de verantwoordelijkheid gevoeld die op ons rustte. Uiteindelijk bereikten we de weg die we allebei aanvaardbaar vonden. Dat was moeilijk. Wij zijn er in ieder geval niet zomaar gekomen en hoe waardevol onze discussies ook waren, ik ben blij dat ik niet meer voor deze keuzes sta.

Dascha

Je grote liefde, je slimme en altijd vrolijke dochter van vijftien is voor de trein gestapt. Haar lichaam was nauwelijks nog te identificeren. Dat lijkt me één van de gezichten van de hel. Nauwelijks te bevatten voor een vader. Je stikt van verdriet. Alles verbleekt erbij. Gisteren zat deze muur van leed en verdriet en wanhoop tegenover Jeroen Pauw. Samen met zijn zoon die zijn vader heldhaftig overeind probeerde te houden en samen met Peter R. de Vries. De Vries stond hem bij maar gaf geen valse hoop. Ik bewonder Peter R. de Vries die eerlijk durfde te zijn en een smartlawine niet schuwde. Probeer maar eens eerlijk te zijn als je kunt vermoeden dat je er een ander mee breekt.

De vader van Dascha had een ideale verklaring en een gewenst scenario in zijn hoofd over de plotselinge dood van zijn dochtertje. Ik vraag me af, zou hem dat helpen. Zou het hem helpen als hij bewijzen kan dat zijn dochter, zonder dat ze het wist, drugs binnen had gekregen. Dat ze daarna verdwaasd door de stad liep en door een tragisch toeval niet in de tuin van een willekeurig huis terecht kwam, maar op het spoor vlakbij het station. Dat ze verwarde over het spoor wandelde in plaats van de spoorbaan snel over te steken. Zou het de vader helpen als hij dat kon bewijzen? Misschien kan je het beter verkroppen dan als het duidelijk wordt dat Dascha diepongelukkig was en dat ze uit pure wanhoop voor de trein was gesprongen. Ik weet het eigenlijk niet. Ik denk dat op dit moment helemaal niets helpt. Dat strijd helpt. En strijd voert hij. Strijd eigenlijk met niets, of…met zijn wanhoop.

Voorzichtig vroeg Jeroen Pauw aan Peter R. de Vries hoe groot de kans was dat ze werkelijk zelfmoord had gepleegd. De Vries vertelde dat het meestal zo was dat als een meisje van die leeftijd op die manier aan d’r einde komt, het vaak een gewenste dood was. De rillingen liepen over mijn rug. Ik zag de huivering door iedereen gaan. Maar ook herstel. Omdat het een nuchtere constatering was. Hoe kan je geloven dat jouw kind dood wil. Hoe kan je geloven dat jouw levensgenietster er zelf een einde aan gemaakt heeft. Dat kan je niet geloven, maar je wil het ook niet geloven. Maar soms moet je iets geloven.

Wellicht komt de waarheid nooit meer boven tafel. Die kans lijkt me trouwens erg groot. Dan moet de vader van Dascha dat aanvaarden. Wat een opgave!

Pauw en Sylvana

Het gaat vandaag (uiteraard!!!) over Zwarte Piet. Laat ik het zo stellen: Men is het er nog niet over eens wat we aan moeten met Zwarte Piet. Het volgende valt op:

Een intellectuele bovenlaag eist een verbod op Zwarte Piet. Ze vinden Zwarte Piet racistisch. Mensen met een donkere huidskleur zeggen dat ze in de Sinterklaasperiode door kleine kinderen verward worden met Zwarte Piet. Dit ervaren ze als heel vervelend. Daarnaast zien ze in Zwarte Piet een karikatuur van zichzelf. Zwarte Piet ervaren mensen als een verwijzing naar de slavernij waarbij de slavernij, ten onrechte, in een positief daglicht wordt gesteld.

Een andere intellectuele bovenlaag zie ik het volgende standpunt innemen: Het maakt helemaal niet uit welke kleur Piet heeft; dat mag zwart zijn, paars, oranje, zie maar. Kinderen maakt het niets uit. Ze zullen er niet minder overtuigd voor bij de radiator gaan zingen. Ook de volwassenen zullen er snel aan gewend zijn. Na een kleine overgangsperiode zijn we allemaal gewend aan Oranje Piet en is alles weer koek en ei. Als een groep mensen Zwarte Piet als kwetsend ervaart, dan moeten we daar rekening mee houden.

Voor de rest van de samenleving is Zwarte Piet, Zwarte Piet; Zwart dus. Voor de rest van de samenleving zijn Zwarte Piet en Sinterklaas emotie. Zwarte Piet en Sinterklaas zijn equivalent aan onschuld. Van gekoesterd worden door de grote mensen. Van vrede en veiligheid en liefde en warmte. Argumenten spelen daar geen rol. Ze willen niet dat deze gevoelens bezoedeld worden. Argumenten zijn koude dingen die inhakken op warme gevoelens. Voor Zwarte Piet ben je een beetje bang. Dat zwarte gezicht waar je niets en niemand in herkend. Je ouders beschermen je. Die vertellen je dat hij lang niet zo boos is als hij eruitziet. Met Zwarte Piet bewijzen ouders dat ze je beschermen. ‘Ook al ben ik zwart als roet, ik meen het wel goed’, dat is de boodschap. Deze laatste zin wordt vaak aangehaald als het ultimo bewijs van racisme. Ik denk dat dat wel meevalt. Zwart is de kleur van duisternis en duivel.

Gisterenavond waren Sylvana Simons, Ad Visser en een anonymus te gast bij Jeroen Pauw in zijn talkshow. Sylvana Simons, die me met haar extreme decolleté trouwens behoorlijk afleidde, vertegenwoordigde de mensen die het maar slap vonden dat premier Rutte zich niet in wetgevende zin met Zwarte Piet wilde bemoeien. Ad Visser acteerde op rationeel niveau; als jullie er last van hebben, dan veranderen we het toch even… De anonymus had een raar en onsamenhangend verhaal en bewees daarmee dat Zwarte Piet weinig met rationaliteit te maken heeft maar wel met emotie; heel veel emotie. Emoties verander je niet; die zijn er.

Sylvana Simons begreep dat wel, denk ik. Met veel bombarie zette ze er een emotioneel verhaal tegenover. Daarbij vloog ze volledig uit de bocht. Walste in het voorbijgaan nog even de anonymus plat en werd compleet ongeloofwaardig. Na haar gehuil was zelfs ik weer voorstander van Zwarte Piet terwijl ik heus wel de ‘blackface’ kant zie…

De Zwarte Pietentijd is gelukkig weer bijna voorbij. Kunnen we een jaartje herkauwen op onze argumenten om ze volgend jaar weer keihard en volkomen nutteloos in de strijd te gooien.