Tagarchief: Europa

Europa; hoe verder?

Ik heb me altijd verzet tegen het idee dat wat uit het Europese parlement kwam, ondemocratisch was. Wetten en regels die Europabreed ingevoerd werden en waar iedereen in Europa zich aan moet houden, leken wat mij betreft democratisch tot stand gekomen. Wij Europeanen hebben gestemd voor een Europees parlement. Iedere stem in Europa weegt even zwaar. Vervolgens worden er wetten ter stemming gebracht en als er een meerderheid voor is, aangenomen. Dat leek mij lange tijd heel erg democratisch. Maar ik ben erop teruggekomen.

Eén van mijn bezwaren is dat Nederlandse partijen zijn opgegaan in fracties met ‘soortgenoten’ uit de andere Europese landen. Maar wat zijn die ‘soortgenoten’ precies? Wat willen ze? Wil de partij waar wij in Nederland op stemmen wel hetzelfde als wat de Europese fractie in zijn geheel wil? Ik weet zeker dat de Europese fracties niet hetzelfde willen als de partij waarop we hier in Nederland kunnen stemmen. Dat kan je al afleiden uit het feit dat bijvoorbeeld D’66 en de VVD in dezelfde fractie zitten terwijl ze compleet anders denken over hoe en wat in Europa. Wil de VVD minder Europa, D’66 is juist voor uitbreiding van de bevoegdheden van Europa. Hoe zit dat dan? Stemt een deel van de fractie tegen en een ander deel voor bepaalde wetten? Voor zover ik weet, gebeurt dat zelden. Kortom; als je CDA stemt, dan stem je ook op de partij van Orban van Hongarije. Het CDA is kritisch op Europa terwijl de partij van Orban eigenlijk tegen Europa is. De Christenunie zit in dezelfde fractie als de Poolse PIS partij. PIS wil optimaal gebruik maken van de energiegrondstoffen waar Polen aan rijk is; steenkool. Met het gebruik van steenkool komen alle milieuafspraken waarvoor de Christenunie zich hard maakt, op losse schroeven te staan. Hoe democratisch is Europa als je niet weet wat de standpunten zijn die de fracties innemen? Als Europa democratischer wil worden, dan zouden we moeten weten waar fracties voor staan en niet Nederlandse partijen want die zijn ondergeschikt aan de Europese fracties.

Een tweede issue met betrekking tot Europa is dat Europa niet voortkomt uit een gezamenlijke geschiedenis, maar meer uit een economische samenwerking. De focus ligt vooral op economie en het wegnemen van handelsbarrières. Een neo-liberaal standpunt. Het wegnemen van handelsbarrières heeft ongetwijfeld bijgedragen aan de gigantische welvaart die we in Europa kennen. Maar, zoals we de afgelopen decennia hebben moeten ervaren, heeft het neoliberalisme ook een enorme keerzijde. Buitenlandse investeringsmaatschappijen, bijvoorbeeld, investeren in Europese steden massaal in koopwoningen. Deze worden vervolgens voor heel duur geld aan expats verhuurd. Voor de eigen bevolking blijven er geen goedkope woningen meer over. Dat alles in het kader van het ongebreidelde neoliberalisme dat vanuit Europa gepredikt wordt. Dat heeft enorme gevolgen voor de toekomst van de Europese steden. De armen in de steden worden als vanouds beschermd en zullen niet hoeven weg te trekken. De allerrijksten ook niet. Maar wel de enorme middenklasse. Mensen die gestudeerd hebben en een goede baan maar niet direct heel rijk, kunnen niet meer in de steden wonen omdat de huizen onbetaalbaar zijn. De vraag is of wij een stad willen waar de middenklasse niet meer kan wonen. Beleid is moeilijk te voeren door alle neo-liberale regels die betrekkelijk ondemocratisch tot stand komen. Hoe nu verder? En…belangrijker nog: Wat ga ik donderdag stemmen?

Koloniale macht anno 2018

Nederland is een koloniale mogendheid. Nou ja, laten we het niet overdrijven. Zoveel is er niet van over, van dat imperium waar onze Gloria Wekker graag over spreekt. Een paar eilandjes in het Caraïbische gebied is al wat rest van het eens zo machtige wereldrijk. Het blijkt helemaal niet zo makkelijk om als moderne koloniale macht het hoofd boven water te houden. Was in het verleden die macht gebaseerd op militair overwicht, nu is militair overwicht een onbegaanbare weg. Nederland probeert zichzelf te handhaven via economie en gezag. En…omdat militair machtsvertoon niet meer kan, met politie. Op die paar eilandjes waaruit onze overzeese koloniën bestaan is niemand echt tevreden over de machtsverhoudingen. De rol van Nederland wordt voortdurend aan de kaak gesteld en Nederland lijkt het ook niet goed te kunnen doen. Nederland moet geen koloniale macht willen zijn, denk ik dan. Die eilandjes moeten helemaal zelf gaan bepalen of ze alleen of in groepsverband verder gaan. Nederland moet alle banden verbreken met Curaçao, Bonaire, Aruba, Sint-Maarten, Sint-Eustatius en Saba. Niet omdat Nederland buigt voor de opstandige politici daar, niet omdat de bevolking daar ook maar iets wil, maar gewoon, omdat Nederland een landje in West-Europa is en lid van Europa en helemaal niets, maar dan ook niets te maken heeft met eilandjes ver weg. Nederland heeft daar niets te zoeken. Weg uit het Caraïbische gebied moet Nederland. Helemaal weg. In dit tijdsgewricht kunnen er geen koloniale machten meer zijn. Zelfs niet als de koloniale macht wordt aangewend voor het doen van goed.

De situatie is nu zo dat alle eilandjes hun positie binnen het koninkrijk hebben uit onderhandeld, zo wordt gezegd. Daardoor zijn de grote eilanden een soort onafhankelijke staatjes terwijl de kleinere eilanden als Nederlandse gemeenten fungeren. Een haast belachelijke situatie die naar het schijnt vooral in stand wordt gehouden voor sponsoring. Dat wil zeggen dat de eilanden ieder een budget krijgen vergelijkbaar met een gemeente in Nederland. Voor die zak met geld willen velen graag in het koninkrijk blijven. Maar in ruil voor die zak met geld wil Nederland wel een dikke vinger in de pap hebben bij het besturen van de eilanden. Dat de mensen dat daar niet pikken is overduidelijk. Ministers en gezanten worden met pek en veren overgoten weer in het vliegtuig teruggezet. Ja, als er een natuurramp is geweest. Dan wil de bevolking haar eigen bestuurders wel afzetten om de Nederlandse gelden binnen te halen. Maar zodra het geld binnen is, komen dezelfde opstandige bestuurders weer aan de macht.

Vandaag is staatssecretaris Knops onderweg gegaan om de macht op het eilandje Sint-Eustatius over te nemen. Corrupte politici, zo wordt gezegd, maken het Nederlandse geld op terwijl er niets wordt uitgegeven aan de zaken waarvoor het geld bedoeld was. Knops gaat de politici op Sint-Eustatius afzetten en, wie weet, wel in de gevangenis stoppen. Om de orde te bewaren neemt hij een complete politiemacht mee. Volgens mij zijn Nederland en Sint-Eustatius het beste af als Knops morgen op Sint Eustatius de onafhankelijkheid tekent. Misschien dat Nederland een afscheidsbedragje kan storten op de rekening van de nieuwbakken staatjes. Mij best. Maar daarna hebben we er helemaal, maar dan ook helemaal niets meer te zoeken!

Kleingeestigheid

Ik denk dat Puigdemont een oorlogshitser is en dat het het beste was geweest als men hem snel had opgepakt. Maar dat oppakken is nu onverstandig omdat het zaadje van een heilloze revolutie al aan het ontkiemen is. Daarom moet er naar een andere oplossing gezocht worden. Die andere oplossing lijkt de regering van Spanje niet te kunnen vinden. Sinds we spitsroeden moesten lopen in het Baskische Dax (nota bene in Frankrijk), waarbij we bier over ons heen kregen en waar we uitgescholden werden alleen maar omdat we niet in het wit gekleed waren en geen rode halsdoek droegen, en dus niet herkenbaar waren als Bask, heeft het nationalisme mij bang gemaakt. Toen ondervond ik aan den lijve wat het betekent. Nationalisme vernauwt de geest en brengt het slechtste in mensen naar boven. Omdat ik verwacht dat mensen die studeren of die doorgeleerd hebben een bredere blik hebben en zich niet voor het kleingeestige karretje van het nationalisme laten spannen, vallen zij mij steeds weer tegen. Juist studenten en intellectuelen lijken fanatieke Catalanen te zijn. Dat valt me tegen. Net zoals het me tegenvalt dat er intellectuelen (in spé) achter een partij als de PVV aanlopen. Een partij die ook gelooft in het wij-en-zij denken; kenmerk van het nationalisme.

Ondanks dat in Frankrijk en Duitsland en een beetje in Nederland, de ruimdenkende en niet-nationalistische partijen gewonnen hebben, is er nog helemaal geen ruimte voor vreugde, wat mij betreft. De nationalistische krachten zijn nog volop aanwezig en veel sterker dan ze zo’n tien jaar geleden waren. Het huidige nationalisme lijkt voort te komen uit verwennerij. Europa als geheel is nooit zo ongehoord rijk geweest als het nu is. Om met de hiernaartoe migrerende Afrikanen te spreken: Het goud ligt hier op straat. Onze zorgen liggen niet meer bij de voedselvoorziening maar juist bij de schade die de overvloedige voedselvoorziening aanricht. Puur een luxeprobleem. Europa is steenrijk dankzij…Europa. Dankzij het denken in bredere verbanden. Dankzij de eenwording van Europa. Toch roept die enorme rijkdom enorme weerstanden op. Ik begrijp die niet helemaal. Misschien verwacht men een nog snellere groei van de rijkdom. Maar overal in Europa zie ik een groeiende ontevredenheid en die ontevredenheid mondt uit in wij tegen de rest. Volkomen onterecht, maar ik zie het wel gebeuren.

Als er eenmaal een vijandbeeld is, wordt het heel erg moeilijk om het weer los te laten. En is dat beeld eenmaal geschapen, dan groeit en groeit het, hoe onterecht ook. In Catalonië is Spanje de grote boosdoener. Dat voor iedereen in Spanje dezelfde wetten gelden en de Catalanen absoluut niet achtergesteld worden, lijkt niemand zich meer in dat bewuste deel van Spanje te beseffen. De Spaanse regering, hoe onhandig opererend ook, is de kwaaie Pier. In dat opzicht lijken de Moslims bij ons in Nederland best op de Spanjaarden in en om Catalonië. Ook zij hebben massaal de zwarte Piet toegespeeld gekregen. Puigdemont is de Spanjaarden die in Catalonie wonen aan het bewerken zodat ze desnoods willen sterven voor hun vermeende vaderland.Daarom zie ik hem als een onvervalste kleinzielige oorlogshitser. Een gevaar voor Spanje en Europa.

De Correspondent en de schande van Europa

Ik heb een abonnement cadeau gekregen op ‘De Correspondent’. Er waren bij mij al weleens artikeltjes van deze site langsgekomen, maar meer wist ik er niet vanaf. Ja, dat ze op de Weesperzijde in Amsterdam zitten. Bij mijn eerste bezoek aan de website stuitte ik op ‘Het verhaal van de dag’. Geschreven door Lennart Hofman. Het bleek een soort van gespreksverslag met een strijdster van een vrijwilligerscorps dat tegen de Russische separatisten strijdt in Oost-Oekraïne. Een soort gespreksverslag waarbij het me opviel dat de journalist nauwelijks vragen stelde die ertoe deden terwijl de geïnterviewde de ene wandaad na de andere opdiste en de meest verwerpelijke politieke opvattingen naar voren bracht. Geen goede binnenkomer van De Correspondent.

Over Oost-Oekraïne heb ik veel nagedacht en veel geschreven. Dat de MH17 neergehaald is door Russische separatisten en dat Poetin niet direct mijn politieke vriend is, wil nog niet zeggen dat de separatisten per definitie fout zijn en iedereen die met de Oekraïners meevecht, goed. Een paar dingen staan voor mij in dit hele conflict als een paal boven water:

  • De huidige regering van Oekraïne vertegenwoordigd niet het oosten van Oekraïne
  • De huidige regering van Oekraïne is even corrupt als alle vorige regeringen
  • De door Europa verheerlijking van de verdrijving van de regering van Janoekovitsj was een regelrechte staatsgreep
  • De meeste Oekraïense vrijwilligerscorpsen zijn extreemrechts.

De huidige president van Oekraïne is gekozen door het westelijk deel van Oekraïne. In het oostelijk deel werd niet gestemd. Als Oekraïne uit een Russisch oostelijk en een westelijk Oekraïens deel wil bestaan dan moeten beide delen van Oekraïne vertegenwoordigd zijn in het parlement. Dat is nu zeker niet het geval. Met recht voelen de mensen die zich etnische Russen voelen zich niet vertegenwoordigd. Ik zou me trouwens nooit vertegenwoordigd voelen door parlementariërs die regelmatig voor het oog van de wereld met elkaar op de vuist gaan. De laatste verkiezingen hebben fascisten in het parlement gebracht die niet in het woord geloven, maar wel in geweld. Elk ‘fout’ standpunt wordt met geweld en intimidatie in de kiem gesmoord.

Een ander woord voor Oekraïne is corruptie. De corruptie lijkt nauwelijks te bestrijden. Van hoog tot laag laat iedereen zich zwart betalen. Ook de huidige president schijnt door corruptie en vriendjespolitiek buitensporig rijk te zijn geworden. Met het vingertje wijzen naar andere Oekraïense politici is een gotspe van de bovenste orde.

Janoekovitsj was door verkiezingen in HEEL Oekraïne aan de macht gekomen. De man was Rusland goed gezind. Dat wisten de Oekraïners en toch stemden ze op hem. Daarmee was Janoekovitsj een democratisch gekozen president. Als je een democratische president met geweld afzet, dan pleeg je een staatsgreep. Dat gebeurde dus ook op het Maidan-plein. Met voorop in de strijd fascistisch-nationalistische vrijwilligerscorpsen. Dat er Europese leiders dit proces stonden toe te juichen is een schande waar Europa mee moet leren leven.

Van andere artikelen op de Correspondent site werd ik, trouwens, niet zo boos!

Mijn humanitaire hart

Dat artikeltje van Arnold Karskens dat op 26 juni in de Volkskrant verscheen, heeft meer met me gedaan dan ik aanvankelijk dacht. Het heeft mij de ogen geopend. Het ging over het falende immigratiebeleid en de drama’s die zich momenteel op de Middellandse zee tussen Libië en Italië voordoen. Dat wat uit menslievendheid wordt gedaan, pakt desastreus uit voor een heel continent. Mensen zijn zo verblind door het gevoel dat ze goed doen dat elke distantie ontbreekt en ze niet meer kunnen zien hoe verschrikkelijk de gevolgen van hun handelen is. Soms is een bijna onmenselijk beleid nodig om een humanitaire ramp te voorkomen. Dat is waar Karskens voor pleit. Ik moet Karskens wel een beetje gelijk geven want dagelijks zie ik mensen in de media die er zó van overtuigd zijn dat ze de juiste weg bewandelen, dat ze alleen nog maar hún werkelijkheid kunnen zien. Om de echte werkelijkheid te zien moeten ze afstand nemen en dan nog eens goed naar het geheel kijken. Als je één mens redt dan heb je geen oog voor de tien anderen die misschien wel door jouw handelen verdrinken of de wanhoop die je elders veroorzaakt. Als dat ook nog eens je bron van inkomsten is, dan wordt het helemaal moeilijk om helder naar het probleem te kijken.

Gisteren op het journaal kwam een reddingswerker aan het woord. Op de achtergrond tientallen medewerkers die rugzakjes aan het vullen waren voor de volgende groep mensen die uit gammele bootjes gered ging worden. Vol trots vertelde de kapitein hoe hun procedure was. De immigranten kwamen aan boord en gingen in de rij staan. Vervolgens een oppervlakkige medische check en daarna de uitreiking van droge kleren (een trainingspak) plus rugzakje en daarna mochten ze een plaatsje zoeken in de boot. De boot bracht hen naar een haven in Italië om daar (maar dat vertelde de kapitein dus niet) als kansloze immigrant de komende maanden in een kamp te verdwijnen. Kansloos en uitzichtloos.

De kapitein van het reddingsschip had daar helemaal geen oog voor; hem ging het om de mens die van de verdrinkingsdood gered was. De kapitein vond het beleid van Europa inhumaan omdat geen land de illegale immigranten wilde opnemen…behalve Italië.

In zijn artikel wijst Karskens op de gigantische aanzuigende werking die het heeft als mensen het idee hebben dat ze naar Europa kunnen emigreren. Jonge Afrikaanse mannen hebben er alles voor over om hun droom (rijk worden in Europa) aan een begin van verwezenlijking te helpen. Die jonge Afrikaanse mannen moeten hun eigen land opbouwen maar ze zien snel geld voor hun geestesoog en dat verblindt meer dan de Afrikaanse zon.

Karstens pleit voor een immigratiebeleid zoals Australië dat voert. Europa zou de ‘No-Way’ politiek moeten omarmen. Dat betekent dat er geen enkele illegale immigrant Europa meer inkomt. Bootjes worden opgebracht en naar een eiland buiten Europa begeleid. Daar zorgt men ervoor dat de immigrant niet sterft. Maar de kans om Europa binnen te komen moet nihil zijn. Dat beleid zou ervoor moeten zorgen dat mensen de overtocht niet meer gaan maken. Dat ze iets van hun leven in het land van herkomst gaan maken en dat het (last but not least) een minder ontwrichtend effect heeft op de Europese bevolking.

Misschien voel ik daar wel voor. Mijn humanitaire hart doet wel pijn, als ik aan dat eiland denk waar niemand sterft…maar ook niet leeft.

Kansen voor Europa

Ik lees heel verschillende reacties op het besluit van Donald Trump om uit het klimaatverdrag van Parijs te stappen. De reacties die ik gelezen heb, gaan er niet zozeer over of Trump gelijk heeft met zijn stap, maar meer over wat het effect is. Vandaag in de Volkskrant een artikeltje van Cristel van de Ven met een interessant standpunt. Het is goed voor Europa dat Trump uit dat Akkoord stapt. Eigenlijk trekt deze auteur het veel breder. Het gaat over de algehele houding van Trump. Met zijn isolationisme geeft hij Europa de kans om naar andere wegen te zoeken. Europa heeft te lang geleund op grote en rijke oom Amerika. Nu Trump daar de scepter zwaait, valt die rijke en sterke oom weg. Daardoor zakken we ietsje door onze knieën, maar het geeft ons ook nieuwe kansen. Als Europa zich, bijvoorbeeld, bedreigd weet door buitenlandse mogendheden, dan moeten ze zichzelf daartegen wapenen. Nu leunt Europa grotendeels op de verdediging die Amerika ons biedt. Wat betreft vervuiling en de vervuiler betaalt, is Amerika altijd al een achterloper geweest. Obama was een verlichte geest in een op geld belust en een milieu-nonchalant land. Het is nu wel duidelijk dat Obama’s verlichte geest weer in de fles gestopt is. Qua milieu en milieubescherming is Amerika een volslagen onbetrouwbare partner. Altijd al. Waarom leunen we zo zwaar op Amerika?

Europa moet nu zoeken naar nieuwe partners nu Amerika ineens niet zoveel meer met ons te maken wil hebben. Ik denk dat dat een hele goede stimulans en een goede zaak is. We zouden best eens wat beter kunnen nadenken over wat voor ellende door Amerikaanse bedrijven over de wereld verspreid wordt. Winstmaximalisatie en obesitas lijken Amerikaanse exportproducten. Laten we wel wezen, bij Amerikaanse bedrijven gaat het om winst maken, winst maken en winst maken. Al die drie argumenten zijn niet persé goed voor mensen of voor het milieu.

Een andere opvatting die ik vaker en vaker hoor is dat Trump Amerika eeuwen teruggooit in de tijd en dat dat desastreuze gevolgen heeft voor de inwoners van het land. Door de steenkoolindustrie te ondersteunen val je terug op een model dat passé is. Het is oude koek; vergane glorie. Steenkool is niet meer van deze tijd. Behalve dat je er het milieu schade mee doet, zal je zien dat het ook economisch achterhaald is. Door duurzame energieopwekking te stimuleren zorg je voor innovatie en op niet zo heel lange termijn zal die duurzame energieopwekking niet alleen veel schoner zijn, maar ook veel goedkoper. Als je de technologie hebt ontwikkeld dan kan je die technologie ook weer verkopen. Door mensen in de steenkoolindustrie weer aan het graven te zetten, zorg je voor tijdelijk werk voor mensen, maar tegelijkertijd houdt je hun ontwikkeling tegen. Ze moeten zich herscholen en nieuwe wegen zoeken; de steenkoolbranche is verleden tijd. Weg ermee.

Veel bedrijven in Amerika hebben door dat de duurzame weg de weg naar de toekomst is. Dat komt vooral omdat Amerikaanse bedrijven slechts denken in termen als ‘winst maken’. Daarom zal het effect van Trumps stap beperkt zijn en de wereld slechts voor een tijdje op achterstand zetten, denk ik. Tenminste, dat hoop ik…

Maar ik ben het met Cristel van de Ven eens dat Trump heel veel in beweging heeft gezet en dat dat beslist kansen biedt aan het opkrabbelende Europa.

Einde van Europa?

Soms besef ik me hoe kort na de oorlog ik geboren ben. Veertien en een half jaar. Dat lijkt lang, maar is verschrikkelijk kort. Het trauma van de oorlog zat er toen nog goed in. Alle volwassenen die op dat moment leefden, hadden de oorlog meegemaakt. De oorlog was nog steeds het gesprek van de dag. Of er werd schreeuwend over gezwegen. Op zondagochtend gingen wij vaak op bezoek bij opa en oma van mijn vaders kant. Het was daar knus en warm. Mijn zachte oma verwende mij met een glaasje kinderbier en een koek. Ik herinner me vooral winterse zondagen. Dan bewonderde ik een berg gloeiende kolen in de kachel. Het rood van de gloed golfde over de kolen heen. Ik hoorde de volwassenen praten. Mijn opa voerde altijd het hoogste woord. Verhalen vertelde hij die zich altijd ‘voor-de-oorlog’ of ‘in-de-oorlog’ afspeelde. Mijn oren waren gespitst want aan de sfeer proefde ik dat mijn opa een oorlogsheld was. Ik begreep weinig van de verhalen. Voor-de-oorlog en in-de-oorlog bleven als zin in mijn hoofd hangen.

Ook op school werd er veel over de oorlog gesproken. Vooral over hoe we zo’n oorlog in de toekomst zouden kunnen voorkomen. Samenwerken en gezamenlijke belangen was toen het antwoord. Daarom, zo werd ons geleerd, richtte verschillende landen allerhande samenwerkingsverbanden op. Eén van die samenwerkingsverbanden groeide uit tot het Europa van nu. Een duurzaam samenwerkingsverband dat een einde moest maken aan rampzalige oorlogen die de eerste helft van de twintigste eeuw teisterden. Succesvol, want oorlogen binnen dat verenigde Europa hielden op. Bovendien legde Europa ons geen windeieren. Het bleek zeer lucratief om samen te werken. Europa werd schatrijk.

Maar de oorlog werd langzamerhand geschiedenis. Op dit moment is er nauwelijks nog iemand in leven die echt de oorlog heeft meegemaakt. De laatste oorlogshelden zijn dood of stervende. Het is niet anders. Daarmee verdwijnt ook de idealistische kant van een samenwerkend Europa. Het gevolg is dat alleen de economische argumenten overblijven. Dat is te weinig naar nu blijkt. Als er geen goede idealistische redenen zijn om bij elkaar te blijven, waarom zou je dan niet weer apart gaan? Het sentiment voedt nu vooral het idee dat we weer ‘zeggenschap over onszelf’ willen hebben. Daartegen kunnen de voorstanders van een verenigd Europa alleen maar economische voordelen inbrengen. Maar die argumenten maken niemand warm. Dat soort argumenten zijn ingewikkeld en ondoorzichtig en schijn bedriegt. Brengen we bijvoorbeeld bergen geld naar de Grieken? Of brengen we bergen geld naar de Grieken zodat de Grieken onze banken kunnen betalen. De banken weer rijk worden en ons werk geven waardoor we met zijn allen rijk worden? Complex, allemaal.

De tegenstanders van Europa hebben inmiddels ontdekt dat het vrij gemakkelijk is om Europese verdragen te dwarsbomen. Zelfs als (bijna) alle regeringen het eens zijn over een verdrag, lukt het niet om verdragen te sluiten. Het Oekraïne verdrag bijvoorbeeld. Dat zal niet doorgaan. Het CETA verdrag ook niet. Zelfs als de Waalse regering het goedkeurt, dan zal het toch niet lukken om het ingevoerd te krijgen. Via referenda zal het worden afgewezen. Europa zal nooit meer in staat zijn om een gezamenlijk verdrag af te sluiten. Dat betekent dat Europa langzamerhand aan het afsterven is. Europa gaat dood net als de mensen die de oorlog nog hebben meegemaakt.

Brexit: De ratio verliest van de emotie

Brexit is een feit. Groot-Brittannië heeft in een referendum gekozen om uit Europa te stappen. Het is nu realiteit; de schreeuwers hebben gekregen waar ze om vroegen. Een land dat altijd al matig pro-Europa was, stapt er nu definitief uit. Ik dacht een tijdje dat ik hoopte dat de Britten zwaar gestraft zouden worden. Dat de pond naar een historisch dieptepunt zou devalueren; dat de effectenbeurs van Londen volledig in zou storten, dat de niet-Engelse banken massaal Londen zouden verlaten. Maar ik denk niet zo. Het is nu een historisch feit. Het is niet anders; we moeten ermee leren leven.

Eén van de redenen om in Europa zo strak te gaan samenwerken was, dat men, met de dramatische eerste helft van de twintigste eeuw voor ogen, hoopte dat hele sterke economische banden tussen de landen de kans op een blijvende vrede groter achtte dan zonder die samenwerking. Laten we niet vergeten dat de laatste stuiptrekkingen van een onverenigd Europa een ramp waren. Zelden zo veel misdadige nationalistische politici die tegelijk aan de macht waren als in de eerste helft van de twintigste eeuw. Nationalisme heeft zelden tot iets positiefs geleid. Daarom maak ik me wel zorgen. Ineens overal nationalisme in Europa. Frankrijk voor de Fransen; Nederland voor de Nederlanders. Zelfs binnen landen zie ik weer bewegingen opkomen voor afscheiding. Ik vind niet dat het er vrolijker op wordt.

In een commentaar op een mogelijk uittreding van de Britten las ik dat dat weleens grote gevolgen kan hebben op de stabiliteit van Groot-Brittannië. De Schotten zouden erg pro-Europa zijn. Een Britse uittrede uit Europa zou het kamp van nationalistische Schotten die Groot-Brittannië willen verlaten wellicht een enorme boost kunnen geven. Zijn we blij met een uiteenvallend Groot-Brittannië?

Men wilde een betere wereld creëren. Dat was het argument waarom het uitdijende Europa toen zoveel succes had. Dat argument is helemaal niet meer koosjer. ‘Europa’ staat niet meer voor een betere wereld. Politiek/emotionele argumenten pro Europa worden weggezet als bangmakerij. Daarom zie je dat alle argumenten pro Europese samenwerking, economische argumenten zijn. ‘Een uittrede uit de EU gaat ons kapitalen kosten.’ ‘Een handelsland zoals Nederland is compleet afhankelijk van Europese samenwerking.’ Wordt er daarentegen een emotioneel politiek argument gebruikt (Een verenigd Europa heeft tientallen jaren gezorgd voor een vreedzaam Europa) dan wordt dat weggewuifd.

Economische argumenten boeien de tegenstanders niet. De tegenstander maakt eigenlijk alleen maar gebruik van politieke emotioneel geladen argumenten. Nationalistische argumenten. Daarom gaan de tegenstanders van Europa winnen. De tegenstanders hebben de argumenten in handen waarmee ze het stomme volk kunnen manipuleren. De ratio verliest van de emotie. Daarmee is maar weer gezegd dat de geldigheid van argumenten worden bepaald binnen een de historische context. Wat nu waar is hoeft dat morgen niet meer te zijn.

Hoe voelt de winterse miezerregen op de Iraakse huid?

Bijna twee jaar geleden waren Josien en ik een week in Teheran. In plaats van dagelijkse columns schreef ik toen berichtjes naar mensen over de hele wereld. Zo ook naar een vrouw in Teheran. We kletsten over ditjes en datjes. In mijn geval over…eten. Zo gaat dat met mij; altijd bezig met lekkers. Langs haar neus weg mailde Najme me dat ze graag een keer voor ons wilde koken. Dat lieten Josien en ik ons geen twee keer zeggen.

Natuurlijk is de cultuur in Nederland anders dan in Iran, maar wat ons opviel was dat het ook weer zo gewoon was allemaal. We vonden onszelf terug in een land waar iedereen goed te eten had. Minder bedelaars dan in Amsterdam. Onze indruk was dat het een welvarend land was waarin wel strenge kledingvoorschriften waren, maar waar mannen en vrouwen gezamenlijk deelnamen aan het arbeidsproces. We zagen alleen al in het hotel mannen gehoorzamen aan hun vrouwelijke, voor onze begrippen, bazige chef. Iran is een eiland van stabiliteit, vrijheid, welvaart en democratie in een oceaan van kwaadaardige regimes vol oorlog en ellende. Laten we dat even vaststellen.

We werden getrakteerd op een uitgebreid diner bij Najme thuis. Een schat van een vrouw. Alleenstaande moeder van een dochter. Ook vriend Reza was er. Een gescheiden vader, zo bleek, ook van een dochter. Wij vermoedde dat Reza Najme’s liefde was. Hoewel dat in alle toonaarden werd ontkend, dachten wij er het onze van. Reza vertelde dat hij al meerdere malen een visum had aangevraagd voor Europa, maar dat het telkens werd afgewezen. Op onze vraag waarom hij zo graag een visum wilde, vertelde hij tot onze verbazing, dat hij wilde emigreren naar Europa. Want daar was alles van goud; Europa was, in zijn ogen, het paradijs.

Met Najme correspondeerde ik later verder en ook zij vertrouwde me toe dat ze wilde emigreren. Voor haar dochter. Kennelijk gaan er geruchten over het gouden Europa rond in de Wereld. Waarom zou je huis en haard, je familie en je vrienden verlaten om ergens in een koud kikkerlandje te gaan wonen? Maar de drang lijkt zo sterk! Alle argumenten worden ervoor aangedragen. Goed, de zedenpolitie is daar irritant en vernederend en je weet nooit of je het qua kleding goed of fout doet. Maar dat kan toch niet de reden zijn om te vertrekken?

Er gaan gewoon verkeerde verhalen in de Wereld rond. Vraag is waar die vandaan komen en hoe die te bestrijden. Ik lees vandaag dat veel Irakezen na een lange, gevaarlijke en barre tocht met veel plezier weer op het vliegtuig terug stappen. Ze hadden alle bezittingen in Irak opgegeven om de reis te kunnen betalen, maar eenmaal aangekomen zien ze met een klap de werkelijkheid. Niks geen luxehotel plus een hoop zakgeld om je te vermaken. Grote sporthallen met bedden op een rijtje en eten uit de gaarkeuken. De procedure om een status te krijgen duurt eindeloos en eer je partner en kinderen over mag laten komen, zijn de kinderen al haast volwassen.

En dan…hoe voelt de winterse miezerregen op de Iraakse huid? Snel weer terug naar huis dus…en kijken hoe je je gezin veiligstelt voor het onvoorspelbare oorlogsgeweld.

Het filmfestival van Rotterdam

Eergisteren waren Josien en ik naar Rotterdam. Naar het filmfestival aldaar op uitnodiging. Naar de Colombiaanse film Oscuro Animal van Felipe Guerrero. De film wil laten zien wat oorlog met vrouwen doet. Daarvoor verfilmde Guerrero drie verhalen van vrouwen die vanuit de jungle van Colombia – waar ook daadwerkelijk een oorlog woedt – naar de stad vluchten. Zonder dialogen. Compleet geen tekst. Wel veel geluid.

Ik miste dialogen. Eigenlijk miste ik de tekst en uitleg en daardoor zat ik veel te puzzelen. Je wilt het verhaal begrijpen…tenminste zo ben ik. Als mensen helemaal niet spreken, dan valt het je vooral op dat we in het dagelijkse leven zo veel spreken en wat voor centrale rol taal speelt. De regisseur, die vooraf aan de voorstelling geïnterviewd werd, beweerde dat hij taal voor zijn film niet nodig had. Ik ben het niet met hem eens. In de film ontstonden ronduit geforceerde situaties waarbij het gek en vreemd was dat er niet gesproken werd. Daardoor waren scenes niet meer geloofwaardig. Film draait om geloofwaardigheid. Je mag kabouters, dwergen, heksen, maanmannetjes laten zien, maar het moet geloofwaardig zijn.

Vrouwen hebben het zwaar in oorlogstijd, lijkt de regisseur te willen zeggen. Als je daarvan uitgaat dan mis je vijftig procent van de waarheid. Ook mannen hebben het moeilijk. Focus je je alleen op vrouwen, dan blijft er voor de man de rol van bad guy over. Dat voegt niets toe aan de analyse van het probleem van ontmenselijking. In deze film zijn vrouwen de slachtoffers en mannen de daders. Was het hele leven maar zo simpel!

In een oorlog worden tegenstrijdige dingen van jonge mannen verwacht. Extreme en tegenstrijdige dingen. Mannen moeten doden, maar zelf overleven. Ze moeten de vijand verpletteren, maar tegelijkertijd de vijand respecteren. Dat lijkt me dus onmogelijk. Dat kan je van een mens niet vragen. Geef de soldaat een vijandbeeld en laat het daarbij. De soldaat zal er alles aan doen om zijn taak uit te voeren; de vijand doden. Daarom zal de vijand er alles aan doen om de soldaat als eerste te doden. Een soldaat kijkt altijd de dood in de ogen. Vraag de soldaat niet om de vrouwen van de vijand te respecteren. Dat gaat niet lukken. De vijand is de vijand. Neuk je de vrouw van de vijand dat hem je hem onder controle.

Als je wilt dat jonge mannen geen oorlogsmisdaden plegen, voer dan geen oorlog. Zorg voor samenwerking en harmonie. Die samenwerking en harmonie is na de tweede wereldoorlog in Europa goed gelukt! Daarom maak ik me heel veel zorgen over de sentimenten tegen Europese samenwerking van nu.

Dat filmfestival van Rotterdam was een leuk dagje uit. Oscuro Animal geeft je veel stof tot nadenken. Ik hoop dat de regisseur ook nog eens nadenkt over deze film. Vooral over zijn analyses. De film liep een beetje mank.

Als Amsterdammer ga ik steeds meer van Rotterdam houden, merk ik; samenwerking en harmonie in Nederland! (Vandaag speelt Ajax tegen Feijenoord!)