Tagarchief: biologisch

Die supermarkt van mij…

Ik weet het niet bij Albert Heijn. Ik kom er heel vaak. Op de één of andere manier weet dit bedrijf me het gevoel te geven dat ze prima kwaliteit tegen de juiste prijs leveren. Omdat ik er zo vaak kom weet ik waar alles staat, hebben ze mijn producten, en mijn vertrouwde merkjes en voel ik me er even thuis als…thuis. Soms ga ik weleens naar een andere super. Ik moet dan constateren dat ze goedkoper zijn en even goede spullen hebben en dat de meisjes er achter de kassa evengoed bloeien. Maar toch voel ik me op bezoek; te gast. Niet wat ik zoek. Ik wil tijdens het boodschappen doen niet hoeven nadenken. Mijn boodschappenlijstje vormt zich in mijn hoofd volgens de route die ik door de supermarkt loop. Als ik voor een andere weg door de supermarkt kies, dan vergeet ik van alles. Bij een andere super, waar ik te gast ben, vergeet ik alles. Behalve de lekkere dingen, want die weet ik overal te vinden.

Mijn supermarkt geeft me ook het gevoel dat ze het goed menen met de wereld. Dat is belangrijk voor mij. Hoewel…Natuurlijk ben ik begaan met de wereld, maar zonder mijn Josien had ik, denk ik, veel gedachtelozer mijn karretje gevuld. Dat mijn super het goed met de wereld meent is belangrijk voor ons. Ze verkopen producten die minder belastend zijn voor het milieu en bovendien de productkenmerken behouden. Mijn super verkoopt veel ‘Fair trade’ producten. Hou ik van. Als mensen in arme landen eerlijke prijzen krijgen voor hun producten worden arme landen minder arm. Ik werk daar graag aan mee…

Het leukste van mijn super? De spaaracties! We gaan BBQ-en in onze tuin met het met zegeltjes bij elkaar gespaarde buitenservies terwijl ik het vlees hapklaar snij met de messen die ik ook al met zegeltjes heb gespaard. Ik lijk zo tevreden! Maar ben ik dat ook. Is mijn supermarktketen zo fraai bezig? Nee dus. Dat eerste besef drong bij mij door toen koekfabrikant Peijnenburg weigerde mee te doen aan een bonusactie met hun ontbijtkoek. Mijn super legde de koek namelijk voor afbraakprijzen in de aanbieding. De korting betaalde de koekfabriek, de winst van de super bleef dezelfde. Een gekke opvatting over voordeel bieden aan je klanten… Ik had gespaard voor een gratis diner in een restaurant. Met zegeltjes. Dat betekende dat het restaurant een gratis maaltijd moest verstrekken terwijl mijn super slechts zegeltjes hoefde te geven bij 10 euro boodschappen. De messenspaaractie hield in dat de messenfabrikant tegen weggeefprijzen messen leverde en dat er daardoor zeker sprake was van valse concurrentie. Goedkope eieren, betekent dat de super de eierboeren minder betaald. Mijn supermarkt heeft in de detailwereld een ongehoorde machtspositie opgebouwd en verdient goudgeld aan het uitknijpen van anderen. Vandaag in de krant de ellende van de pannenfabrikant die ineens de helft minder pannen verkocht omdat mijn super de markt vol plempte met hoogwaardige pannen die hij ver onder de kostprijs liet dumpen door een andere pannenfabrikant. Ik weet niet of mijn super mijn super moet blijven… Ik weet niet of zoveel ongecontroleerde macht bij weinigen zo heilzaam is. Ik weet het niet.

Maar hij is me zo vertrouwd, die supermarkt van me.

Kruisbessen

We hebben voor volgend jaar een grotere moestuin genomen. Twee keer zo groot als we nu hebben. Het seizoen loopt ten einde en we maken plannen voor het volgende seizoen. We willen een heus bessenakkertje aanleggen. Dat hebben we al, maar die willen we uitbreiden. Rode en witte aalbessen en kruisbessen. Ik heb iets met aalbessen, maar zeker met kruisbessen. Kruisbessen vind je niet meer bij de supermarkt. Dat is één van de vruchtensoorten die in mijn herinnering in één keer uit de schappen van de supermarkt verdwenen is. Daal ik af naar het vroege begin van mij, en zoek ik naar mezelf samen met mijn moeder in de supermarkt, dan zie ik de doosjes kruisbessen staan. Ik was er gek op.

Op het harige vruchtje een kroontje. Dat moet je er afhalen terwijl je hem in je mond stopt. Dat harige, dat stoort niet echt; het kriebelt zachtjes je tong. In dat huidje dien je een klein gaatje te bijten. Vervolgens zuig je het velletje leeg. Zacht zoete gelei met pitjes. Laat die pitjes lekker op je tong liggen voordat je ze doorslikt. Niet lang op het velletje kauwen. Gewoon doorslikken. Andere strategie is de ongeschonden bes tussen je kiezen en dan bijten. Een zacht-zoet ontploffinkje in je mond. Lekker! In mijn kleutertijd verdwenen de bessen uit de supermarkt en uit de schappen van de meeste groentemannen en zelfs van de markt. Weg, foetsie. Kennelijk waren ze bij het grote publiek minder populair dan bij mij. Uit het zicht uit het hart; ook bij mij; ik vergat ze net zo hard.

Tijdens mijn studie vond er een heus Adriaen Coorte revival plaats. Rein Bloem, dichter en mijn docent op dat moment, besprak het gedicht ‘Louter toeval’ van zijn dichtervriend Hans Favery. Dit gedicht staat in de bundel ‘Lichtval’ waarin de dichter het werk van Coorte bezingt. Hoewel Favery vooral keek naar de kern van het werk van Coorte en die vergeleek met de kern van zijn eigen poëzie en daarbij concludeerde dat de kern gelijk blijft terwijl de verschijningsvorm van schilderij (Coorte) of gedicht (Favery) verschilt, werd ik gegrepen door de verschijningsvorm bij Coorte; De kruisbes. Eén van de mooiste schilderijen in het Rijksmuseum van Amsterdam: Een takje kruisbessen op een stenen plint. Geschilderd in 1699. Schoonheid, pure schoonheid. Alleen maar een takje kruisbessen. Zacht strijklicht maakt de bessen haast doorzichtig. De harige huid van de vruchtjes voel je op je tong kriebelen. De dorens maken krassen over je hand. Mijn docent zorgde voor de wedergeboorte van de kruisbes in mij.

coorte

Niet lang daarna ontmoette ik mijn geliefde. Tuindersdochter. Dochter van een pionier in de biologische landbouw. Hij trok zich weinig aan van een wijzigende consumentensmaak en had een kruisbessenakker vol struiken. Ietsje na de aardbeien zijn ze rijp. En dan maar plukken. Kistjes vol. Na een dag heb je bloederige handen van de dorens. De struiken moet je in de winter ook zo snoeien dat je tijdens de pluk zo min mogelijk last hebt van de dorens.

We kookten er jam (met pitjes en velletjes) en gelei (zonder pitjes en velletjes) van en we maakten filosoof om de kinderen te verwennen, maar de meeste bessen aten we zo…puur…als ze net geplukt zijn.