Hoerenramen en de Wallen

En toen liep ik met bonkend hart over de Wallen… Dus, als je geld betaalt, dan doen ze ‘het’ met je. Alleen het idee al wond me verschrikkelijk op. Ik probeerde een houding aan te nemen alsof ik ergens naar onderweg was en me die deernen achter de ramen niet veel deden. Ik was ook wel onderweg naar iets, alleen had ik een korte omweg gekozen. En hoewel mijn houding absolute onverschilligheid moest uitdrukken, lukte me dat natuurlijk helemaal niet. Ik moest wel naar binnen kijken, naar die vrouw achter het raam. En toen kruisten onze blikken elkaar en mijn hart sloeg over en ze knipoogde en mijn hart ging nog veel harder kloppen en ik was even bang dat ik erin zou blijven en zette er toen stevig de pas in. Weg! Daar vandaan. Heus, geen morele bezwaren; ik was en ben erg van: Vrijheid blijheid, maar ik vond het eng. Ik kon me niet indenken dat ik het ooit met zo’n vrouw zou doen. Een best wel hoog bedrag betalen en mezelf daarna zomaar uitkleden en mijn pielemoos laten wassen (want daar was ik inmiddels wel achter gekomen, dat ze dat deden), ik dacht het niet, hè.

Ik heb heel lang het idee gehad dat de Wallen vol verleidelijke ramen, net zo bij Amsterdam hoorden als Ajax of de Nachtwacht of het Koninklijk paleis op de Dam. Dat het helemaal niet anders kon. Ik had zo mijn bedenkingen toen Lodewijk Asscher als wethouder ramen begon op te kopen om er zich andere bedrijven in te laten vestigen. Ging dat niet een beetje ver? Was hij niet ook een deel van onze cultuur aan het slopen? Het argument dat hij gebruikte was dat het mooiste stukje van Amsterdam was overgenomen door criminelen en dat de vrouwen die er werkten minder aandacht van de overheid kregen dan de gemiddelde frikandel. Hij beweerde dat de zelfbewuste hoer die zelf voor het vak gekozen heeft, maar mondjesmaat bestaat. Dat je eigenlijk vooral heel veel leed en ellende in de wereld van prostitutie tegenkomt. Dat het vooral onfortuinlijke vrouwen zijn die een slecht functionerend land met een haperende economie en regering ontvlucht zijn. Of slavinnenhandel. Als dat zo is, dan moet ik Asscher natuurlijk wel gelijk geven.

Ik slenter nog wel eens over de Wallen. Sinds ik daar voor het eerst als puber met bonkend hart liep, is er best veel veranderd. Groepjes lollig bedoelde Engelse toeristen, zie je er vaak. Doorgaans al behoorlijk bezopen. Steevast is er één die een luier omheeft, een Pippie Langkous pruik op heeft of zich vermomd heeft als ET of Spiderman; een Engels hengstenbal, kortom. Op de Wallen zie je ze overal. En niet alleen op de Wallen…Ze irriteren me behoorlijk. (Wat dat betreft pleit ik ook voor de Brexit zodat dit soort mensen er bij de grenscontroles goed uitgefilterd kunnen worden). ’s Avonds schijnt het met die hengstenballende Engelsen op de Wallen volledig uit de hand te lopen. Ze schijnen hoeren te vernederen en te beschimpen en uit te schelden en uit te lachen. Bovendien is het voor de gemiddelde bewoner niet meer te harden van de in hun portiek pissende en schijtende en kotsende hengsteballers. Het is niet de cultuur van Amsterdam om een hoerenbuurt als toeristische attractie in stand te houden. Dan liever helemaal geen ramen meer met dames erachter. Ik kan me denk ik het meeste vinden in het alternatieve plan van onze burgemeester om alle hoerenramen te verbieden en dat hele mooie oude stukje Amsterdam weer als heel lang geleden te laten gloreren.

Hoeren achter een raam is ook compleet uit de tijd. Dan maar liever een dame via www.hoer_online.nl besteld als het toch zonodig moet. Alleen niet voor mij. Niet omdat ik er morele bezwaren tegen zou hebben of dat ik zelf graag in een één of ander hemel terecht wil komen. Nee heus niet; ik ben er veel te schijterig voor…stel je voor, het gaat mis…je bent niet de kerel die je denkt te zijn…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

code