Overspelig

Overspel? Ik heb er niets mee. Nou ja…Hoewel…misschien wat genuanceerder…fantasieën zijn er heus wel. Hoe zou het zijn om met een compleet ander opnieuw te beginnen? Hoe zou het zijn als het je nog eens overkomt dat de verliefde waas van een zeventienjarige je brein vernauwt…Hoe zou dat zijn? Maar het zal niet zomaar bij deze jongen gebeuren…deze man gaat niet zomaar een avontuur aan met een ander dan zijn eigen J. Heus niet. Ik weet het zeker; ik hou van J. We zijn samen oud geworden, we hebben kinderen gekregen en opgevoed, we hebben samen…Goed oké, laat verdere clichés maar zitten. Eigenlijk wil ik geen ander, omdat je diep in jezelf de waarheid kent; het gras dat elders groeit is weliswaar ietsje anders, maar toch over het algemeen bijna wel even groen. Logischerwijs, want laten we objectief en eerlijk zijn; mensen zijn voor negentig procent hetzelfde. Acht procent van het verschil wordt veroorzaakt door de verschillen tussen man en vrouw. Wat er dan nog over blijft…dat zijn echt de verschillen tussen ons mensen. Niets dus. Allemaal in wezen dezelfde lichamen en dezelfde geesten; We houden onszelf in stand door te eten en te drinken en te ademen en we houden onze soort in stand door te seksen en om onze kinderen te leren hoe ze zichzelf in stand moeten houden. De rest is echt bijzaak. Goed, heel veel woorden om te vertellen dat deze jongen aan het eind van de rit echt niet overspelig wordt. (zeikerd? Die laatste zinnen zijn best saai, trouwens.)

J. is op cursus en deze oudere man is alleen thuis. Als J. van huis is, dringen zich ietwat hitsige hormonen op. Hoe zit dat allemaal tegenwoordig. Mannetjes en vrouwtjes of sekspartners in andere samenstellingen, ontmoeten elkaar tegenwoordig elektronisch. Niets geen stiekeme blikken en verlegen lachjes en eindeloos om elkaar heendraaien. Tegenwoordig wordt dat voorspel overgeslagen en stoten we meteen door naar de hoofdmaaltijd. Ik lees heus wel de kranten en al zit ik zelf niet of nauwelijks op sites waar mannen vrouwen zoeken of omgekeerd of juist niet omgekeerd, ik weet heus wel wat er speelt. Dus toevalligerwijs (en dat is echt zo!!!! Ik zie je betekenisvol glimlachen zo van…jaja, toevallig…) maar toevallig kwam ik op een site waar mensen kortstondige contacten zochten. Het was wel duidelijk dat het hier grotendeels om seks ging. De onderzoeker in mij stond ogenblikkelijk op…(weer die blik in je ogen dat je me niet zomaar gelooft) en als experiment schreef ik me in met een haast vergeten e-mailadres. En toen maar bladeren op die site.

Toen zag ik d’r. Een vrouw, net even iets jonger dan ik. Met een trotse bos grijs haar. Hetzelfde opleidingsniveau als ik. Jemig…best even schrikken, want knap. Door haar foto heen zag ik haar als meisje in mijn klas op de middelbare school zitten en voelde ik een schim van mijn gene van destijds. Verlegen glimlachte ik naar d’r foto. Ik zag een leven voor me dat ik al geleefd heb. Een gelukkig leven. Het kriebelde. De knop met: ‘Een flirt sturen’ zag er zo aantrekkelijk uit. Ik drukte en voor ik het weet was het gebeurt. Tien minuten later antwoord: ‘Ik wil graag met je kennismaken; volgens mij passen we bij elkaar. Ik heet Klaartje en woon in Hilversum. Wie ben jij? Wil je een foto sturen?’ Ik wilde haar mail met een foto beantwoorden maar toen ik op de knop ‘verzenden’ drukte kreeg ik de mededeling dat dat niet kon omdat ik geen credits meer had. Die kon ik uiteraard kopen… En toen was een heel kort, geil en overspelig sprookje uit. Laten we eerlijk zijn: denk ik bij die knappe dame iets meer te vinden dan bij mijn J.? Nee, ik heb echt geen credits gekocht. Echt niet. Ik zweer het!!!

Gelijk hebben en gelijk krijgen

Ik behoor te weinig tot de mensen die niet alleen gelijk hebben, maar het ook nog krijgen. Ja, soms achteraf. ‘Nu ik er nog eens naar kijk, met alle kennis van nu, dan moet ik wel toegeven dat je een half jaar geleden gelijk had.’ Als iemand dat tegen me zegt, word ik daar niet meer gelukkig van. Natuurlijk gaat er even een zwak lichtje van zie-je-wel-zo-dom-ben-ik-niet branden. Maar dat dooft meteen weer want een half jaar geleden, toen het ertoe deed, verloor ik de slag; ik had wel gelijk, maar ik kreeg het niet, en nu zitten we met de ellende die we samen moeten oplossen.

Op mijn werk ben ik altijd samen met collega’s aan het klooien aan software. Ja, klooien. Onverbrekelijk verbonden aan software zijn bugs. Fouten. Grote fouten en kleine fouten. Software zonder fouten bestaat niet. Ontwikkelaars moeten rekening houden met te veel omstandigheden. Dat leidt onherroepelijk tot fouten. Bugs zijn lastig voor gebruikers. Gebruikers doen gewoon hun werk en doen volgens hen zelf niets fout, maar de software heeft geen rekening gehouden met wat ze doen. ‘Fout’ zegt de software in het gunstigste geval, helemaal niets zegt de software in het ergste geval. Wat veel collega’s na verloop van tijd zeggen is: ‘We moeten helemaal opnieuw beginnen en de software overnieuw bouwen en zorgen dat we de fouten die we nu gemaakt hebben vermijden. Bovendien moeten we het in een modernere taal programmeren.’ Ik vind dat vaak een heilloze weg. Mijn collega’s hebben gelijk dat de oude fouten vermeden worden (maar die hadden we in de oude software natuurlijk ook allemaal al opgelost) maar helaas, in de nieuwe software maken we weer nieuwe fouten. De software blijft even vol fouten als eerst, maar de fouten zijn anders. Meestal is de oude software stabieler dan de nieuwe.

Op mijn werk wisten de ‘overnieuw-bouwers’ een jaar geleden van me te winnen. We hadden testsoftware die haperde en waar we van alles steeds aan moesten corrigeren. Toen kwam iemand met het idee om de zooi overnieuw te bouwen in een nieuwe, modernere ontwikkeltool. We zijn een jaar verder. Geen enkel onderdeel van de nieuwgebouwde software krijgen we enigszins stabiel aan de praat… Eén van mijn collega’s gaf ruiterlijk toe dat ik een jaar geleden gelijk had… Maar we zitten wel met de gebakken peren. Ik had gelijk; geef me dan ook gelijk! …Op het juiste moment.

Heel soms gebeurt het dat ik volgens mijn opponent ongelijk heb maar dat hij mij gelijk geeft. Dat is me laatst overkomen met de parkeerdienst van Amsterdam. Ik heb een parkeervergunning voor mijn auto. Tijdelijk had ik een leenauto en ik had de parkeervergunning gewijzigd voor de leenauto. Toen kreeg ik mijn eigen auto weer terug. Op vrijdagmiddag vijf uur ’s middags. Zo snel mogelijk wijzigde ik op de website het kenteken op mijn parkeervergunning terug naar mijn eigen auto. ‘Goed gedaan, ga maar lekker slapen’, antwoordde de website van de gemeentelijke parkeerdienst. Die zondag werd er gecontroleerd en ja hoor, parkeerbon. Wat bleek, een ambtenaar moest nog ‘iets’ doen alvorens mijn wijziging geldig werd, en die ambtenaar was al met weekendverlof op vrijdagmiddag. De dienstdoende ambtenaar schreef, in antwoord op mijn beroep tegen de parkeerboete, dat ik me aan geen enkele regel had gehouden en dus ONGELIJK had, maar omdat ik nog nooit eerder zo’n ongelooflijk stomme, idiote, criminele fout had begaan, zagen ze het deze keer door de vingers. Gelijk krijgen zonder dat er toegegeven wordt dat je ook gelijk hebt, voelt veel minder lekker… Ik wil veel liever gelijk krijgen en van hun horen dat ik ook gelijk had.

Zo weet iedereen van tijd tot tijd je feestje te bederven…

Wat verbindt Giacometti met Chadwick?

Hond van Giacometti

Het is me dit jaar al eerder overkomen: Twee kunstenaars worden naast elkaar gezet omdat ze zoveel verwantschap zouden hebben, maar als ik ernaar kijk zie ik vooral de verschillen. Behalve misschien de tijd waarin ze leefden. Ik had dat gevoel bij de Gaudi tentoonstelling in Amsterdam, waar de grote Spaanse architect naast de architecten van de Amsterdamse School werd gelegd en gisteren liep ik daar weer tegenaan. Als je in de buurt van Zwolle van een korte vakantie geniet, als kunst- en cultuurliefhebber, dan moet je wel even naar het museum met de mooie bol op z’n kop. Het museum De Fundatie had zo’n beetje haar hele eigen collectie naar de kelder gebracht om een grote tentoonstelling te kunnen inrichten met een overzicht van de beeldhouwers Alberto Giacometti en Lynn Chadwick. ‘Facing Fear’ kreeg de tentoonstelling als naam mee omdat beide kunstenaars hun hoogtepunt kende tijdens de koude oorlog. Bovendien lieten beide beeldhouwers de figuratieve kunst nooit helemaal los. Het lijkt mij dat daarmee de overeenkomsten tussen de twee wel benoemd zijn.

Waar je bij Giacometti de zorgvuldig aangebrachte klompjes geboetseerde klei ziet zitten, zie je bij Chadwick aan elkaar gelast plaatstaal. Alleen dat al geeft een compleet tegengestelde sfeer. Dan is het natuurlijk bijzonder interessant om te kijken in hoeverre de tijd en de gebeurtenissen in de wereldgeschiedenis invloed hebben gehad op het ontstaan en de thematiek van de kunstwerken. Kortom kan je aan kunstwerken die in een bepaalde periode gemaakt zijn zien hoe de geschiedenis zich ontwikkelde? Giacometti en Chadwick hadden hun artistieke hoogtepunt – voor zover je daarvan kunt spreken – grofweg gezegd in de periode 1950 – 1966. 1950 is het jaar waarin Chadwick zichzelf ging zien als beeldhouwer en in 1966 overleed Giacometti. 1950 – 1966 Zou je kunnen zien als de periode van de Koude Oorlog. Hoewel…ging die oorlog niet met ups and downs door tot aan de val van de muur in 1989 of de ineenstorting en het uiteenvallen van de Sovjet-Unie in 1991? Laten we daar niet over soebatten. Maar als je beweert dat in het werk van beide kunstenaars het gevoel (Facing Fear) van de Koude Oorlog voelbaar is, dan wil ik graag zien wat de specifieke kenmerken zijn, behalve dan dat ze in een bepaalde tijd leefden en hun kunstwerken maakten. Ik zie dat gewoonweg niet. Ik zie geen angst voor de algehele ondergang van de Aarde. Ik zie een stijl van de ene kunstenaar en een stijl van de andere kunstenaar. Van de ene kunstenaar zie ik ietsje meer ontwikkeling dan van de andere. Hoe waarschijnlijk is het dat de ontwikkeling in het werk van een kunstenaar te maken heeft met de loop van de wereldgeschiedenis? Ik weet dat niet. Dat Chadwick ‘menselijker’ en ‘zachter’ is gaan beeldhouwen in een latere periode kan aan zoveel liggen. Van gebeurtenissen in zijn persoonlijke leven tot aan wendingen in de wereldgeschiedenis. Wie zal het zeggen. Ik ben niet overtuigd.

Lynn Chadwick – Model voor de Trigonen met kleine voetjes
De grote voeten van Giacometti

Maar laten we terugkeren naar de kunstwerken en kunstenaars zelf. Heb ik genoten van alles dat tentoongesteld werd? Er zaten zeker kunstwerken bij die mij aanspraken. In het werk van Giacometti zie ik weinig ontwikkeling; vanaf zijn eerste periode maakt hij dunne, uitgerekte mannetjes en vrouwtjes waarbij de vrouwelijke vormen net herkenbaar zijn. Ondanks het feit dat mensen teruggebracht zijn tot weinig meer dan een paar lijnen, zijn ze gevoelig en teder neergezet. In het begin van zijn carrière zie ik frêle figuren en aan het eind van zijn carrière ook; vrijwel geen ontwikkeling. Ontwikkeling zie ik in het werk van Chadwick wel. Hij lijkt in de loop van zijn carrière figuratiever te gaan werken en meer zachtere vormen aan te brengen hoewel zijn materiaal plaatstaal blijft. Vergelijk ik zijn vroege werken met zijn laatste werken dan is er een hemelsbreed verschil.

Hoewel ik best wat bezwaar heb tegen het onterecht bij elkaar zetten van kunstenaars (want dat vind ik) en daar dan van alles, vrij ongefundeerd, bij betrekken, vond ik het wel een leuke en interessante tentoonstelling. Er valt ook best veel te genieten. Velen met mij vonden het in ieder geval de moeite om de tocht naar het museum te maken; het was behoorlijk druk. Wat mj betreft kon het museum de toeloop maar nauwelijks aan. Toch ook leuk om weer eens in museum de Fundatie te zijn!