Tegenwind

Na wat klunzig heen en weer klikken, kwam ik op de pagina van de Margriet. Ik wist niet eens dat de Margriet nog bestond. Mijn moeder kocht hem soms, toen ik nog een klein jochie was. In de jaren zeventig werd het blad al tot paria onder de bladen verklaard. Niet door mij; ik had daar geen stem in. Door mijn moeder, dus. De Margriet was een vrouwenblad. Eigenlijk een damesblad want een sub selectie van de vrouwen heette toen dames. Mijn moeder vond het een truttig blad. Het stond wat ver van haar werkelijkheid. Ze voelde zich geen dame maar een vrouw. De Opzij was een vrouwenblad; mijn moeders tijdschrift.

Maar goed, ik kwam op de Margriet-site en daaruit blijkt dat er nog iets over is van dat blad.  (Ik voel me behoorlijk narrig. Ik heb een jaar keihard tegen de wind in gefietst en zonder aankondiging vooraf hebben de weergoden de wind in mijn gezicht uitgezet en hebben ze de wind in mijn rug op orkaankracht gezet. Dat brengt je erg uit evenwicht. Je gaat dan makkelijk op je neus, vandaar dat ik het voorzichtig aan doe. Hoe ga ik verder? Gisterenavond zitten piekeren. Vannacht erg moeilijk in slaap gekomen. Vanochtend weer piekeren. Wat sloom heen en weer klikken. Krantje lezen. Weer verder klikken en toen dus onverwacht op de Margriet pagina terecht gekomen.) Een artikeltje over wat je het beste op welke leeftijd kunt eten gezien de dan ontstane lichamelijke conditie. Kopjes: Als veertiger; Als vijftiger; als zestiger. Ik stoot natuurlijk meteen door naar mijn eigen leeftijdscategorie. Darmflora. Ik hou helemaal niet van teksten over darmflora; word ik een beetje misselijk van. Volgens de Margriet is het niet best gesteld met mijn darmflora. Werk aan de winkel. Ze raden me aan om yoghurt met poep bacteriën te gaan drinken…Maar pas op voor de suiker, want dat is niet goed voor je. Ik kijk meteen of de pagina gesponsord wordt door een poepyoghurtfabriek. Nee, daar lijkt er niet op. Aan weerzijde van de pagina allemaal artikelen die bij de Jumbo in de aanbieding zijn. Daarbij geen poepyoghurt.

Daarom maar even gelezen wat me als zestiger te wachten staat. Juist ja…meteen een stuk aangenamer voor mij. Je loopt kans om moe te worden, daarom veel vlees eten. Arme Josien. Gelukkig zijn we nog geen zestigers. Maar als zestigers hebben we veel vitamines B nodig, volgens de Margriet. Oké, mij best. Altijd beter dat de yoghurt met de je-weet-wel bacterien.

Kijken wat ik al gehad heb als veertiger…Druk, druk, druk. Volgens de Margriet. Je hebt een druk gezin en een drukke baan en je hebt tijd voor niets. Arme veertigers. Daarom moeten jullie bananen eten. Eén banaan levert veertien procent van de hoeveelheid magnesium die je dagelijks moet binnenkrijgen. Een kleine rekensom leert dat je dan zeven bananen per dag moet happen… dat is een boel. Ik heb ongezond geleefd als veertiger, dat is wel duidelijk; nauwelijks bananen gegeten. Nee, ook de bananen zijn bij de Jumbo niet in de aanbieding.

Het valt niet mee als de tegenwind even snel wegvalt als hij gekomen is. Het valt niet mee om op de been te blijven als de tegenwind ineens in wind in de rug verandert. Ik ben er erg beduusd van en ik moet heel diep nadenken. (De Margriet; wat een ouwe-truttenblad; mijn moeder had gelijk, vijfenveertig jaar geleden.)

Sweetie

Als ik mezelf zou moeten omschrijven dan is het: Gemiddeld en gematigd. Ik schaam me er haast voor. Mijn vader was extreem in alles; hij draait zich om in zijn graf. Over mij. Maar sorry pa, ik ben keurig getrouwd, heb drie kinderen gekregen die ik netjes heb grootgebracht. Als ik de volgende dag naar mijn werk ga, drink ik geen alcohol (anders trouwens ook niet zo vaak) en ga ik bijtijds naar bed. Ik ga hoogstens in gedachten vreemd. Mijn geliefde is een half jaartje jonger dan ik. Jonge vrouwen vind ik er heerlijk uitzien en soms wenste ik dat ik weer jong was, maar als ik met ze praat voel ik me meer pappa dan minnaar. Ik ben echt absoluut doorsnee. Kraak noch smaak. Ik ga het nog erger maken voor mijn  pa; ik zou het geeneens anders willen. Ik voel me helemaal gelukkig met mijn huisje, boompje en kat Ida die op mijn schoot ligt te spinnen. Ik gun ieder mijn stille geluk. Echt waar. Aan de andere kant, ik kan ook niet anders. Ik ben wie ik ben. Ik val nou eenmaal op vrouwen die ongeveer even oud zijn als ik. Ik wil nou eenmaal voldoende geld hebben zodat geen enkele zorg heb over hoe ik rond moet komen. Ik heb er geen enkele moeite voor hoeven doen om mijn jongens op nummer één te plaatsen en alles in het werk te stellen om ze het gereedschap te geven waarmee ze kunnen slagen in het leven. Het ging bij mij allemaal vanzelf. Ik hoefde er niets voor te doen. Het maakte mij gelukkig. En nog steeds.

Het kan ook heel anders. Dat besef ik ook. De voorbeelden daarvan waren altijd dichtbij. Ik heb een pa met een CV zo dik als de Dikke van Dale. Tenminste als hij zich al zijn baantjes zou kunnen herinneren, want de drank maakte zijn geheugen al aardig poreus. Beiden hoefden we geen moeite te doen om te leven zoals we leefden. In zekere zin, moest hij meer moeite doen want een zwervende alcoholische nietsnut moet zich veel vaker verantwoorden voor zijn onaangepaste gedrag dan ik, voor mijn aangepaste gedrag…als kantoorpikkie. Mijn pa heeft mij mild gemaakt, omdat ik aan den lijve ondervind dat niemand zichzelf gemaakt heeft en iedereen het moet doen met wie hij is.

Daarom heb ik zo veel gemengde gevoelens bij het Sweetie-project van Terre des Hommes. Vandaag lees ik in een artikel dat deze kinderrechten organisatie een nieuwe actie wil voeren om pedofielen te snappen. Ik heb het er echt moeilijk mee. Kinderen moeten beschermd worden tegen seksueel geweld. Kinderporno kan alleen gemaakt worden door kinderen seksueel te misbruiken. Daarom is mijn standpunt duidelijk; kinderporno kan niet en mag niet. Maar aan de andere kant hebben de daders zichzelf niet gemaakt. Niets is zo ongrijpbaar als je eigen lusten. Het is haast niet in de hand te houden. Lusten heb je, je kunt er niet voor kiezen. Mijn lusten vallen precies samen met wat de maatschappij gewenst vindt. Maar wat als dat niet zo is? Wat als je eigenlijk alleen maar opgewonden raakt van een kind? Wat als je je niets anders van een ideaal leven kunt voorstellen als het leven van Humbert Humbert naast Lolita? Wat moet je dan?

Om dit soort mensen te vangen wil Terre des Hommes een virtueel meisje van tien inzetten. Als aas. Het voelt fout en goed tegelijk. Ik weet het niet. Ik kijk altijd met angst en beven naar het journaal als een groep op bloed beluste asocialen een woning van een veroordeelde pedofiel belegeren. Ik ben erg blij dat het mij niet kan overkomen…omdat ik pappa ben in de familie Doorsnee…

sweetieplaatje

Vader op de troon

Ik voelde me een hele kerel toen ik acht jaar oud was. Mijn vader bracht ons op een dag naar het zwembad voor zwemles. Wij namen in de auto afscheid van hem en liepen het zwembad binnen. Maar toen ik in de hal van het Zuiderbad stond, ontdekte ik dat ik mijn tas vergeten was. Daarom liep ik weer terug naar de auto. Mijn vader stond daar gelukkig nog. En toen zag ik dat hij aan het huilen was. Tranen met tuiten. Mijn sterke almachtige vader met biggelende tranen. Ik wist niet dat het kon. De wereld op zijn kop. Toen hij mij zag probeerde hij zijn gehuil te verbergen, en gaf hij mij mijn tas aan. Maar mijn ogen kleefden aan zijn gezicht. Het laatste wat ik van mijn vader zag, waren zijn tranen. Hij reed weg, mijn leven uit, in zijn nieuwe auto, naar een nieuw leven. Hij keek niet meer om.

In mijn vaderloze wereld, kwam mijn vader op de troon te zitten. De huilebalk droogde zijn tranen. Op zijn troon werd hij een onverschrokken krachtpatser. Een voetbalheld die slechts door een speling van het lot niet naast Cruyff speelde. Hij werd concertpianist en componist van de mooiste muziek en bovendien een groot kunstschilder. Daar zat hij. Mijn grote, sterke, talentvolle vader. Op zijn troon. En ik aanbad hem.

Op mijn veertiende besloot ik het heft in eigen hand te nemen en ging ik op zoek. Wie als veertienjarige zoekt, die vindt hem ook. Tenminste, ik vond hem. Net uit de bajes. Stevig aan de drank. En ik zag in de loop van de jaren dat die troon waar ik hem opgezet had, eigenlijk een heel gewone keukenstoel was. Ik zag zelfs dat hij regelmatig met zijn dronken kop van die keukenstoel af donderde. Na een kort en extreem ongezond leven, overleed hij. Je mag het eigenlijk niet zo zeggen, maar wellicht was dat het beste voor alle partijen.

Gisteren was Andrea Maier te gast bij Thomas Erdbrink als zomergast. Een bijzonder innemende vrouw die waanzinnig kan vertellen over haar vak. Ze is (onder anderen) hoogleraar aan de VU in de gerontologie. Ze doet onderzoek naar het verouderingsproces van mensen en haar doel is, om mensen ouder te laten sterven. Ik heb aan haar lippen gehangen. Wat vertelde ze leuk over oude mensen en de dingen die voorbijgaan. Maar toen kwam ze op de persoon die ze zelf was. Hoe ze was opgevoed. En ze vertelde over haar vader. Een man die veel problemen had overwonnen. Een man die gek op zijn dochtertje Andrea was…Maar op een dag was het over. Over en uit. Haar vader had zich niet alleen van zijn vrouw laten scheiden, maar ook van zijn kinderen. Hij was echt weg en kwam echt niet meer terug. Zelfs nadat haar moeder op jonge leeftijd overleed werd er geen contact hersteld. Ik merkte dat ik daar boos om werd; van je kinderen kan je niet scheiden, galmde het in mijn hoofd. En terwijl ze dat vertelde zag ik mijn vader. Mijn vader die ik op een troon had gezet. Bij mij was hij er weer afgevallen, maar bij Andrea Maier zat hij er nog op. Ik zag hoe gelukkig Andrea Maier was met haar vader op de troon. Waarom zou ze zich dat laten afpakken? Waarom had ik mijn koning vader ingeruild voor een vallende ouder? Dom. Dom van me.

Een dagje uit

De ochtend was jong. Een beetje heiig. De aarde dampte. De aarde voorvoelde de warme zomerse zondag die stond te beginnen. En wij verheugden ons. Vanaf dat we wakker waren. Er kwam een heerlijke dag aan. Zomers. Picknicken. Mijn ouders in harmonie. Mijn vader was…echt mijn vader en mijn moeder was gek op mijn vader. Zo voelde het voor mij. Vooral toen ik ’s ochtends vroeg tussen mijn ouders in bed was gekropen. Mijn vader lag nog diep te slapen en ik keek naar zijn doorschijnende papieren oogleden waaronder ik zijn oog zag bewegen. En zijn geur prikkelde mijn neus; een pappa-slaap-geur. Niet direct lekker, maar wel heel erg mijn vader. Maar hij werd al snel wakker. En hij werd blij wakker. Ik geloofde dat hij gelukkig was met mij in bed. Dat geloofde ik.

We waren eerst naar Theeboom gereden. De joodse bakker die op zondag open was. Een half wit, krakend vers. De geur van dat net gebakken brood in je neus maakte een gewone zondag al tot een bijzondere zondag. Wij hadden het brood tussen ons in op de achterbank gezet. We konden daar met gemak met ons drieën zitten op die achterbank. Mijn zusje in het midden. De midden plek was niet echt fijn, want dan zat je op de stang. Alle plekken hadden zo hun problemen daar achter in die gebrekkige lelijke eend van mijn vader, maar de midden plek was het ergst. Mijn arme zusje. Maar toen kende ik weinig mededogen en koesterde ik mijn privileges.

Mijn moeder had een deken uitgespreid op de grond langs de waterkant en daarop de picknickmand gezet. Nog niet geopend want eerst gingen we zwemmen. Mijn vader niet. Mijn vader ging schilderen. We hadden een mooi uitzicht op de molen en die wilde hij schilderen. Hij had een doek op de ezel gezet en zijn spullen uitgestald. Hij kneep zijn ogen dicht en keek door zijn oogharen. Ik begreep niet waarom hij dat deed maar het zag er mooi uit. Heel mooi.

Wij hadden onze zwembroeken aangetrokken en heel voorzichtig stapten we in het water. Jongens wat was dat koud. Maar wat verschrikkelijk lekker! Vanachter zijn ezel riep mijn vader dat we kopje onder moesten gaan, want dan waren we door. En natuurlijk deden we wat mijn vader zei. En dat was erg koud, maar daarna viel het allemaal mee en was het eigenlijk alleen nog maar lekker. In het water gingen mijn broertje en ik oefenen met koppen. Hij gooide de bal naar mij en ik probeerde hem zo precies mogelijk weer naar hem toe te koppen. Mijn broer was van nature keeper. En als hij de bal te hoog gooide, sprong ik met al mijn kracht om de bal toch te raken maar het leek alsof het water mijn benen vasthield. Ik kwam nauwelijks de lucht in. Ik was niet van nature een kopper. Zo’n bal tegen mijn hoofd deed eigenlijk pijn, maar ik verbeet het. Toen we genoeg hadden van koppen, gingen we op jacht. Kijken of we insecten konden vangen en misschien wel een vis. Ik zette een snelle stap naar voren om een schaatsenrijder te pakken te krijgen en toen voelde ik een stekende pijn in mijn voet. Snel stapte ik naar achteren, maar de pijn bleef. Ik strompelde door het water naar de plek waar ik op de kant kon klimmen. Ik zag het bloed uit mijn voet stromen en ik raakte in paniek. Mijn vader kwam met grote stappen naar mij toe en trok me uit het water op de kant. Ik was op iets scherps gestapt.

Met een verband om mijn voet aten we het brood van Theeboom. Het lekkerste brood dat ik ooit gegeten heb. Vooral het korstje. Dat knapperde nog een beetje. En daarna gingen we weer terug naar de auto en naar huis en omdat ik zo gewond was geraakt mocht ik op mijn vaders schouders zitten. Dat was erg hoog.

Wat heerlijk om niets te weten en bij alles te denken dat het zo hoort…. Oh it’s such a perfect day, I’m glad I spent it with you…Oh such a perfect day You can keep me hanging on!

Als PVV-stemmer kan je geen schoolhoofd zijn

In de krant vandaag een aantal PVV-stemmers aan het woord. Opvallend hun eerste statement: Als men geweten had dat ik PVV stemde dan… waren ze outcasts. Verschoppelingen. ‘Een schoolhoofd dat PVV stemt, wordt hier niet getolereerd’, kopt de Volkskrant boven het interview met oud-schoolhoofd Jan Gouw. De man was vroeger hoofd van een school in de Mercatorbuurt in Amsterdam. In de jaren zeventig zag hij zijn school overspoeld worden met jongens en meisjes van Marokkaanse en Turkse komaf en met een islamitische achtergrond. Hij zegt dat hij toen al vele problemen constateerde maar dat iedereen wegkeek. Men wilde de problemen van de ontsporende kinderen uit die vreemde culturen niet zien. Als actiebereide, progressieve en goedwillende schoolfrik wilde hij het beste voor de kinderen die hij onderwees. Veel liep vast op onbegrip en angst om te discrimineren. De problemen waren enorm, en de overheid had er geen oren naar. En toen kwam Pim Fortuyn en daarna Geert Wilders. Nu is Jan Gouw dus van Geert Wilders. Merkwaardig.

Ik ben er inderdaad niet voor dat een schoolhoofd een PVV-stemmer is. Ik denk namelijk dat iemand die iets verder kijkt dan zijn (onder)buik dik is, niet op de PVV kan stemmen. Ik vind bovendien dat iemand die kinderen de Nederlandse normen en waarden moet aanleren geen PVV-stemmer kan zijn. Als er één politicus is die juist niet de Nederlandse normen en waarden uitdraagt, dan is het wel Geert Wilders. Niet omdat hij discrimineert en intolerant is ten opzichte van andersdenkenden (vind ik ook niet leuk), maar omdat hij een antidemocraat is. Geert Wilders gelooft niet in democratie. Was het mogelijk geweest dat een schoolhoofd lid had kunnen worden van de PVV, dan had ik er veel minder moeite mee gehad of hij voor de PVV was. Ik hou van pluriformiteit. Van de PVV kan je geen lid worden. Het programma van de PVV is dan ook niet door de PVV geschreven, maar door Geert Wilders. Het partijprogramma van de PVV wordt niet kritisch bekeken door de leden van de PVV; het is al goedgekeurd…door Geert Wilders. Over een tijdje zijn er geen verkiezingen over de kieslijst van de PVV, die lijst wordt door Geert Wilders samengesteld. Inspraak is er niet. Geert Wilders is dictatoriaal. Als hij aan de macht komt is dat niet alleen slecht nieuws voor moslims, maar voor ons allemaal. Geert Wilders houdt rekening met niemand; De PVV is Geert Wilders. De PVV wil de macht en geen democratie.

De PVV en de islam…en de socialisten die allemaal wegkijken: Als linkse sociaaldemocraat vind ik godsdienst opium voor het volk. Dat vonden mijn socialistische voorgangers en dat vind ik. Ik vind dat veel nieuwkomers geknecht worden door de kerk en ik vind dat er nog veel emancipatorisch werk te verrichten is. Socialisten kunnen eigenlijk niet slapen voordat ook de moslims zich van hun religieuze ketens hebben bevrijd. Laat je seksleven niet door de imam bepalen! Laat je geen kledingvoorschriften of eetvoorschriften opleggen! Denk zelf! Verbreek je ketenen! In de emancipatie van moslims vind ik de socialisten een teleurstellende rol spelen. Uiterlijke symbolen van de onderdrukking, als sluier en boerkini, accepteren in het kader van vrijheid-blijheid… kan niet kloppen. Mijn taak is het om mijn partij daarvan te overtuigen; want zo werkt democratie.

Als je PVV stemt, geloof je niet in democratie en niet in de Nederlandse waarden en dan is het niet verstandig als je onze kinderen helpt opvoeden. Dus nee, als PVV-stemmer kan je geen schoolhoofd zijn. Maar gelukkig is stemmen in Nederland geheim.

Geprivatiseerde wereldvrede

Het is op dit moment heel erg warm. Met deze hitte kun je van mij niet verwachten dat ik een beetje hoogdravende dingen ga doen. Ik ga niet in een zweterig theater zitten of wat dan ook. Ik kijk wel uit. De natuur, en mijn ongeremde lekkerbekken-gedrag, heeft me een fikse winterjas bezorgd die permanent om me heen zit. Juist op dit soort oververhitte dagen zit die me behoorlijk dwars. Lezen lukt alweer steeds beter, maar ik kamp nog met een behoorlijke after-vakantie dip. In de vakantie heb ik me helemaal lens gelezen. Heerlijk! En op de één of andere manier las ik allemaal heel lekkere boeken. Alsof de lekkere omstandigheden van de vakantie voor lekkere boeken zorgde. Vanaf het moment dat ik thuis ben, heb ik alleen nog maar boeken weggelegd. Maar dat gaat dus alweer wat beter, het lezen. Maar niet gisterenavond.

Gisterenavond zat ik in minimale kledij zwetend en amechtig hijgend achter mijn PC. Dan maar een filmpje. Een beetje hangen en staren. Met een waterfles op grijpafstand. Nee, geen moeilijke film; een niemendalletje. Een film die voorbij wandelt zonder iets achter te laten. Wat actie zo hier en daar, om je bij de les te houden en dan weer verdwijnt. Zo’n soort film. Ik kwam uit bij Iron Man 2. Dat kwam ook omdat ik ‘Nova Zembla’ niet echt goed kon verdragen. Hoe kouder het daar werd, des te warmer kreeg ik het. Bovendien zag ik model Doutzen Kroes voornamelijk in haar decolleté gefilmd. Ik ergerde me daaraan en dat is niet fijn op een zo hete dag. Het karakter dat Doutzen speelde was zo plat als een pannenkoek. Daar hielpen haar krullende lipjes en opgestuwde borsten helemaal niets aan.

Iron Man2 dus. Dat gaat over een geniale wapenfabrikant. Hij heeft een pak gemaakt waarin hij onkwetsbaar is voor een zeer gewelddadige omgeving.  Bovendien kan hij vliegen als een straaljager en is hij zo sterk als een tank. In dat ‘ijzeren’ pak overwint hij alles. Maar er is ook een groot probleem. ‘Iets’ bedreigt zijn hart en daarom heeft hij een ding in zijn borst gebouwd. Dat ding rekt zijn leven. Maar het is een niet aflatende strijd met de dood. Vraag me niet wat deze ‘ietsen’ en ‘dingen’ zijn. In de film hebben ze dat heus uitgelegd, maar bij mij ging het mijn ene oververhitte oor in en het andere weer uit. Is ook helemaal niet belangrijk. Wat wel belangrijk is, is dat er wereldvrede heerst en dat de IJzeren Man daarvoor heeft gezorgd. Overal heeft hij de oorlogszuchtige slechten bestreden zodat de vredelievende goeden het voor het zeggen kregen. De wereld zit echt heel simpel in elkaar!

In het verhaal gaat de fabrikant de strijd aan met de Amerikaanse overheid. De overheid wil de beschikking over het pak van de hoofdpersoon. Het is namelijk een wapen en wapens horen bij de overheid. Helemaal omdat wapens ook in verkeerde handen kunnen vallen. Maar trots roept de hoofdpersoon dat hij degene is die de wereldvrede heeft geprivatiseerd! Goh, dacht ik, zelfs wereldvrede privatiseren. Waarom? Van alles heeft men in de afgelopen jaren nutteloos geprivatiseerd: Het openbaar vervoer, energie, telecom. Waarom de wereldvrede?  Wat voor baat hebben we bij een geprivatiseerde wereldvrede? Dat dacht ik.  Maar ook meteen: Laat maar zitten. Het is veel te warm.

Geprivatiseerde wereldvrede…zitten we daar op te wachten?

Jonge Socialisten in boerkini

Ik ben minder rood getrouwd dan ik ben opgegroeid. Toen ons eerste kind geboren werd, wilde mijn liefde graag dat het gedoopt werd. Voor haar was dat belangrijk en voor mij betekende dopen niet veel meer dan in een kerk een beetje water op dat tere koppetje. Dus dat deden we. Ik ging zelfs mijn familie uitnodigen. En zo belde ik mijn rode omaatje. ‘Oma, we gaan ons kindje dopen, we zouden het leuk vinden als je erbij was…’,  begon ik. Aan de andere kant van de lijn viel het stil. Toen stamelend: ‘In een kerk..?’. Dat moest ik toegeven…in een kerk… En toen werd oma kwaad. Dacht ik dat zij ooit van haar leven een voet in de kerk zou zetten? De kerk houdt het volk dom! We hebben gestreden voor de verheffing van de arbeider en de kerk doet er alles aan om dat tegen te werken. Nooit van haar leven zou ze een stap in de kerk zetten. Mijn oma was van de oude stempel. Ze overdreef het een beetje maar had het socialistische hart op de goede plek. Ze heeft haar leven ingezet voor de verheffing van de arbeidersklasse. Ik ben daar best trots op! Ondanks haar extreme ervaringen tijdens de oorlog is ze altijd in de mens blijven geloven.

Socialisten van nu zijn anders. Eergisteren zag ik de nieuwe generatie rond de praattafel van Jeroen Pauw. De jonge socialisten. Daar werd ik somber van. De jonge socialisten geloven niet meer in de verheffing van de mens. Ze geloven niet meer dat mensen zich van hun ketenen kunnen bevrijden. Zij vinden dat mensen hun ketenen moeten koesteren. Sterker nog, jonge socialisten koesteren de ketenen van hun medemens. Niks geen verheffing. Blijf waar je bent. Ontwikkel je niet. Bevrijding? Welnee, wentel je in je onwetendheid… Dat zijn de Jonge Socialisten van tegenwoordig.

De discussie bij Jeroen Pauw ging over de boerkini. Een onding. Een symbool van vrouwenonderdrukking. Goedgepraat vanuit het geloof. Een muizerig vrouwenwezentje volledig ingepakt op dat spitse gezichtje na, zei het ook met zoveel woorden. Nee, die boerkini zit beroerd en zonder geloof was ik allang lekker volledig in mijn lekkere geile blootje de zee in gelopen, maar dat kan ik niet want… ik heb liefde voor God. Ik doe God de belofte dat ik mijn lichaam niet aan vreemden laat zien. Zo staat dat geschreven. Dat je je lichaam moet bedekken. Ik doe dat met liefde want ik hou van God…

Bevrijd je dan van je God, vrouwmens! Werp de ketenen van je af! Wordt een vrij mens. God is dood; leve de ongelovige! Dat is het woord dat ik verwachtte. Zeker van de Jonge Socialisten.

Nee hoor, integendeel. Ze lieten een filmpje zien waar je tenen van kromtrokken. Gezellig in zee zwemmen in een boerkini… De jonge socialisten hadden een boerkini aangetrokken… Boerkini… Zo’n fantastisch ding, leken ze te zeggen.

Volgende acties van de Jonge Socialisten: Hinkelen op zwarte kousen op de biblebelt? Of…peies laten groeien en wandelen door Amsterdam Slotervaart? (Dat zou trouwens erg moedig zijn!)

Ergerlijk…

Het laat-op-de-avond praatprogramma van Jeroen Pauw is weer begonnen. De Olympische spelen hebben plaatsgemaakt voor de talkshows. Ik vind dat wel fijn. Langzaam keert het gewone leven weer terug. Ook de problemen, want Pauw is eigenlijk iets te laat op de avond. Op het moment dat zijn programma begint, zou ik, als ik verstandig was, in bed moeten liggen. Ik ben niet verstandig maar wel heel erg nieuwsgierig. Gisteren aan tafel bij Jeroen Pauw drie topsporters en Hans van der Tocht.

Hans van der Tocht staat voor mij symbool voor alles wat oppervlakkig en vervelend is op de televisie. Toen ik nog maar net een leven op mezelf leefde, was Hans van der Tocht veel op de televisie. Hij presenteerde van alles. Als ik het goed heb was hij zelfs even televisieomroeper. Een beroep dat nu helemaal is uitgestorven. Maar er is dus een tijd geweest dat er aan het begin van een uitzendblok een hoofd in beeld verscheen die aankondigde wat we zouden gaan zien. Meestal een knappe dame maar soms dus ook een man. Maar echt bekend werd Hans van der Tocht door het programma ‘Rad van Fortuin’. Geen idee wat het was, want ik heb het nooit gezien; ik keek wel uit! Als wij het onderling hadden over de vervlakking van de maatschappij en de oppervlakkigheid van de televisie, dan werd Hans van der Tocht erbij gehaald, steevast.

Hoewel hij een tijd de glamourboy van de televisie was, ging het hem niet voor de wind. Wat er precies allemaal misging, geen idee, ik lees geen roddelbladen, maar ik begreep dat drank een grote rol speelde. Dan zullen vrouwen vast ook een rol hebben gespeeld, denk ik, maar ik weet het dus niet. Dertig jaar na dato zat hij gisteren weer met zijn kop op de buis. Dat liet hij zich niet afpakken. Gisterenavond zat de oud- en dik geworden Hans van der Tocht aan tafel bij Jeroen Pauw en zijn bek was niet dicht te timmeren.

(…Femke Heemskerk vertelde over hoe hard ze getraind had en hoeveel ze over had om die honderd of tweehonderd meter in het zwembad als snelste te zwemmen. Hoe dat door een verkeerde trainingstactiek volkomen misliep. Hoe zwaar dat was. Daarna vertelde Tom de Moulin hoe het is om vlak voor het belangrijkste sportevent, waar iedereen (inclusief hijzelf) ervan overtuigd was dat hij een gouden medaille zou halen, zwaar geblesseerd te raken. Hoe hij desalniettemin meedeed en ‘slechts’ een zilveren medaille won. Tenslotte Marhinde Verkerk. Ze zat er zoals ik haar nog niet kende; als een knappe, jonge vrouw. Ik kende haar alleen bloedbevlekt, uitgeput en radeloos van verdriet. Ze vertelde wat acht of negen minuten judo met je lijf doet. Hoeveel conditie je nodig hebt om dat vol te houden. En… de teleurstelling als ze je op een discutabele beslissing je droom op goud afpakken…)

Ondertussen strooide Hans van der Tocht overal misplaatste grappen, onterechte opmerkingen, ongevraagde kritiek en kwinkslagen die je tenen deden krommen. En Hans wist van geen ophouden want hij wilde aandacht. Heel erg veel aandacht. Niets anders dan al die camera’s op hem gericht. Hij wilde Pauw zijn. Laten zien dat hij er nog was. Dat hij groot en mooi en sterk was. Geestig en to-the-point. Maar in werkelijkheid zat daar Hans van der Tocht. Erg oud geworden en veel te dik. En ergerlijk. Heel erg ergerlijk. (lekker woord trouwens…ergerlijk)

Monsters herkennen

In de Bamyan vallei van Afghanistan stonden twee Boeddhabeelden.  Gebouwd in de vijfde eeuw na Christus tijdens één van de culturele bloeiperioden in de Afghaanse geschiedenis. Een tijd waarin het land, onder invloed van de zijderoute, boeddhistisch was. Immens grote Boeddhabeelden. Cultureel werelderfgoed. Dat betekent dat die beelden van iedereen op aarde zijn, maar dat de Afghanen ervoor mogen zorgen. Dat brengt verantwoordelijkheid met zich mee.

Afghanistan is een land dat al decennialang geteisterd wordt door burgeroorlogen. Eigenlijk zijn het stammenoorlogen met een vleugje religie. Mijn stelling dat nationalisme en godsdienst alleen maar ellende geeft, wordt in dit land bewezen. Met behulp van veel buitenlanders lukte het één groep om uiteindelijk zo ongeveer een beetje om te winnen. De taliban deelden een tijdje de lakens uit. Niet dat het toen vrede was, maar de Taliban beheerste het grootste deel van het land. Omdat ze ook vonden dat ze de ware religie brachten, voerden ze een ware terreurcampagne uit. Vooral jonge vrouwen moesten het ontgelden. Eigenlijk alles wat het leven zo aangenaam maakt voor de mens, vonden zij verkeerd.

De Boeddha’s in de Bamyanvallei waren hen kennelijk een doorn in het oog. Op de één of andere onbegrijpelijke manier stonden die hele grote, verschrikkelijke oude Boeddha’s tussen de Taliban en hun rotsvaste religieuze overtuiging in. Ze bliezen de beelden op. Ik was diep geschokt. De wereld was diep geschokt. Maar ook machteloos. Wat kon je daartegen doen? Ik en de wereld besefte hoe kwetsbaar iets van waarde is. Weg beelden!

Nu besef ik, dat mensen die een rotsvast vertrouwen hebben in hun eigen gelijk, dit soort vernielingen aanrichten. Nazi-Duitsland kon er, bijvoorbeeld, ook wat van! Die sloopten hele steden omdat ze er de waarde niet van zagen; omdat ze gebouwd waren door Üntermenschen. Zo uniek zijn die Taliban heus niet. Ik had even het idee dat de mensheid de vernielzucht had overwonnen. Maar nee, dus. Sterker nog, de Boeddhabeelden in de Bamyan vallei waren de opmaat naar grotere vernielzucht. Strijders van IS volgden met veel genoegen het voorbeeld van de Taliban. In Irak en Syrië sloopten ze alles wat ouder was dan hun grootmoeder en meer waard was dan een geit. Allemaal spullen die van de wereld zijn en waar ze geen enkel recht op hebben. Vernielen. Het gaat zo tegen mijn gevoel in over hoe je om moet gaan met de wereld…

Ook in Afrika godsdienstfanatici. Ook daar het vernielen van eeuwenoude cultuurschatten. In Mali werden tempels gesloopt uit naam van het geloof. Vandaag staat voor het eerst zo’n vernielzuchtig personage voor de rechter. Ik ben somber. Ik denk dat het niet veel helpt. Maar toch…ik ben blij dat hij zich moet verantwoorden. Ik kijk naar zijn portret in de krant en zie niets bijzonders aan hem. Het lijkt een man die wat jaartjes doorgeleerd heeft. Hij kijkt in de camera met veel zelfvertrouwen. Maar echt iets bijzonder, nee, dat niet. Hoe graag had ik een monster in hem herkend…

Tranen

Het waren leuke spelen; ik heb met plezier vele uren voor mijn beeldscherm gehangen. Tegenwoordig kan je elke sport zien die je wilt. De schakelaar ben jij. Heb je genoeg van kanovaren dan schakel je naar ritmische gymnastiek en heb je daar weer genoeg van dan schakel je naar het vrouwenboksen. Dat schakelen is meteen ook een nadeel, want er is altijd wel een sport die je interesseert en daardoor ben je haast niet weg te slaan voor je monitor. Je kan ook twee sporten tegelijk kijken, maar dan wordt het beeld wel erg wazig. Waren deze spelen leuker dan vorige spelen? Geen idee. Ik vind het moeilijk vergelijken. Wel heel veel Nederlandse vrouwen en vrouwenploegen. Het lijkt alsof er meer Nederlandse vrouwen en dito ploegen naar de Spelen waren afgevaardigd dan mannen.

Tenzij je goud wint, verlies je altijd op de spelen. De kans om te verliezen is gigantisch veel groter dan om te winnen. En als je verliest dan ben je teleurgesteld. Als je teleurgesteld bent dan kijk je heel stuurs, als man en stoere vrouw, of je barst in tranen uit, zoals de meeste vrouwen. Ik heb heel wat tranen gezien deze spelen.

Laat ik maar meteen bij de heftigste tranen beginnen. Marhinde Verkerk. Zelden zo’n heroïsch gevecht gezien als de judopartij tussen Marhinde Verkerk en Yalennis Castillo van Cuba. Een judopartij duurt een paar minuutjes, maar Verkerk en Castillo waren even sterk. Na die paar minuten is het lichaam op, maar omdat er nog geen winnaar was, gingen ze door. Ze rukten aan elkaar en ze trokken aan elkaar, maar geen van beide deed onder voor de ander. Van al dat duwen en trekken waren hier en daar wondjes ontstaan. Niets ernstigs, maar genoeg om bloed bevlekt en volkomen uitgeput tegen elkaar te hangen. Na acht minuten konden ze niet meer, maar nog steeds was er geen winnaar. Castillo deed een aanval. Die mislukte, maar Marhinde kreeg wel een strafje (ja, zo heet dat bij dat stoere judo). En toen was de partij afgelopen. En toen kwamen de tranen. Heel erg veel tranen. Snot en tranen. Haar uitgeputte lijf schokte. Haar stalen spieren sidderden. ‘Ik wil nog niet van de mat af’ schreeuwde ze naar de microfoon die onder haar druipende neus werd gehouden. Ik had zo met haar te doen. Wat een sportvrouw!

Herösch!!!
Herösch!!!

Een andere mooie huilster is hockeyster Maartje Paumen. Er lopen weinig mensen op de wereldbol rond die zoveel gewonnen hebben als Maartje Paumen. Wereldtitels werden aan Europese titels werden aan olympische titels geregen. Je zou haast stiekem kunnen denken dat er slechts een zilveren plak ontbrak in Maartjes prijzenkast; ze won alleen maar goud. Maar nu dus niet. En win je geen gouden plak, dan heb je verloren. Zelfs als je een zilveren plak wint. Alle Nederlandse vrouwen huilden tranen met tuiten, maar Maartje spande de kroon. Haar gezicht in een van smart vertekende grimas. Steeds een schouder zoekend van een medespeelster. Haar tranen tekenden zo verschrikkelijk af tegen de hossende grote brittaniers die zoveel slechter hadden gespeeld en alleen maar geluk hadden gehad. Arme Maartje…maar wat heb ik van haar genoten…(niet van haar tranen natuurlijk, maar van haar spel…mmm, ook van haar tranen).

Alles gewonnen...
Alles gewonnen…

Josien en ik hebben nog vaak gedacht over de centimeters die er zaten tussen de winnares en Ranomi Kromowidjojo op de vijftig meter vrije slag. Nul komma dertien seconde! Een paar centimeter dus! Ranomi, de koningin van de discrete tranen. Voor de tv liet ze zich niet kennen, maar toen ze weg liep biggelde er een grote traan langs haar fraaie gezicht. Niet voor onze ogen bestemd. Maar we zagen het toch.