Azie > Amsterdam; Luxe in de Gouden Eeeuw.

Azie > Amsterdam; Luxe in de Gouden Eeeuw.

Gezien op 27 oktober in het Rijksmuseum

In het Rijksmuseum is een tentoonstelling gewijd aan de prachtige, en toen nog onbekende, dingen die meegenomen werden uit de Oost in de Gouden Eeuw. Meteen laat de tentoonstelling ook zien wat de invloed van de nieuwe kostbaarheden uit Azië hadden op de cultuur van die dagen in de Nederlanden. De tentoonstelling is verdeeld over een aantal zalen in de Philipsvleugel. Heel toepasselijk hangt in de eerste zaal een schilderij van Hendrik Cornelisz Vroom: De terugkomst in Amsterdam van de tweede expeditie naar Oost-Indië. De eerste expeditie was mislukt, maar de tweede was een groot succes; de boten lagen beladen met specerijen in het IJ en Amsterdam liep uit om de expeditie te begroeten. Dat is het allereerste begin van de handel met het Oosten.

Vroom

In zaal 2 van de tentoonstelling ‘Azie > Amsterdam’ hangen twee stillevens tegenover elkaar waar ik veel mee heb. Ze tonen voedsel op een weergaloze manier en op beide schilderijen wordt de hoofdmoot gevormd door kaas. Het ene schilderij is het ‘Stilleven met kazen’ van Floris van Dijck het andere schilderij is het ‘Stilleven met kazen, amandelen en krakelingen’ van Clara Peeters. Beide schilderijen zijn in 1615 geschilderd en behoren tot de absolute meesterwerken uit de gouden eeuw. Wat ik er onder anderen bijzonder aan vind, is de groene kaas op beide schilderijen. Bij het schilderij van Floris Van Dijck is iedereen het erover eens dat het hier gaat om de Texelse schapenkaas. Groen gekleurd door schapenmest die bij de wrongel werd gemengd. Op het andere schilderij een zelfde soort kaas, maar van een iets andere vorm. De conservator van het Mauritshuis (want Clara Peeters’ schilderij is in bruikleen) was onzeker. Had aanvankelijk gedacht aan een Texelse schapenkaas, maar een kaasdeskundige meende aan de vorm te kunnen zien dat het om een Edammer kaas ging, groen gekleurd met kruiden. Rene Zanderink van Slow Food suggereerde dat het wellicht een kaas uit ’s Gravenzande zou kunnen zijn. Ook een schapenkaas met schapenmest en ook zeer vermaard in de 17e eeuw. Ik heb het er maar bij gelaten. Hier gaat het ook helemaal niet om de kaas, maar om het afgebeelde porselein. Dat is wat deze tentoonstelling namelijk wil laten zien; wat voor mooie en nieuwe en kostbare dingen schepen meenamen uit het oosten; uit de handel met Azië.

Floris Van Dijck Stilleven met kazen

 

De schilderijen van Peeters en Van Dijck werden gekocht door de rijke kooplieden die het dure porselein dat ze uit China haalden niet alleen in de kamer wilden hebben staan, maar ook afgebeeld wilden zien op de mooiste schilderijen. Dat Chinese porselein kon men toen in Nederland niet maken, maar wel werden er Nederlandse variaties bedacht voor de minder draagkrachtigen. Op Van Dijcks schilderij zou een schaal staan die lijkt op Chinees porselein maar wat in werkelijkheid in Nederland was geproduceerd. Het schaaltje op Peeters’ d’r schilderij wordt als echt porselein beschouwd. Veel stillevens op deze zaal met porselein. Een schilderij wat me erg aansprak was een stilleven met oesters en snoepgoed. Op de tentoonstelling vanwege de grote porseleinen kom. De koekjes en de snoepgoed zagen er uit om van te watertanden. Wel een gekke combinatie met de oesters. Gaargekookt, overigens.

Wat ik erg leuk om te zien vond was om aan de ene kant het porselein in het echt te zien en aan de andere kant hoe het in de 17e eeuw gebruikt werd. Daardoor overstijgt zo’n tentoonstelling het esthetische. Dat maakt het levendig. Op een schilderij het interieur van een koopman. Wat je ziet is kasten langs de muur en op die kasten het porselein. Ter decoratie. Er werd zeker niet van gegeten.

In diezelfde zaal ook een kistje dat (waarschijnlijk) gemaakt is door Willem Kick. Deze Willem Kick zag brood in Japanse lakdoosjes. In nagemaakte dan. Hij verzon zelf een proces om de lakdoosjes te maken en al met al zijn ze erg mooi, hoewel ze een eind afzitten van de echte Japanse lakdoosjes. Wat wel erg leuk is, is dat een Kick lakdoosje opduikt op een schilderij uit die tijd.

Een zaal is gereserveerd voor geleerden en verzamelaars. Prachtige verzamelingen van exotische schelpen liggen er. Bovendien een stilleven van Adriaen Coorte. Nu eens geen groente of fruit, maar schelpen. Rembrandt bleek ook verzamelaar (hoewel ik dat wel wist, natuurlijk). Ook van Indiase prentjes. Leuk is de afwisseling tussen de Indiase prent en wat Rembrandt ervan maakte!

Zaal 7 is helemaal gewijd aan het kostbare lakwerk dat in het bezit kwam van stadhouder Frederik Hendrik en zijn vrouw Amalia van Solms. Het lakwerk is fantastisch, maar dat was toch niet het allerleukste wat er te zien was. Er hing een mooi portret van het stadhouderlijke familie. Amalia draagt op het schilderij een kostbaar parelsnoer. Parels werden trouwen ook uit Azie meegenomen. Maar het bijzondere is, dat de bouwtekening die de juwelier heeft gemaakt van dit mooie parelsnoer er ook ligt.

Al met al een mooie tentoonstelling. Echt leuk om naar toe te gaan. De marketing voor deze tentoonstelling was trouwens weer fantastisch. Dat draagt wel het gevaar in zich dat de tentoonstelling op zich, tegenvalt.

Viespeuk

De meeste films van Roman Polanski heb ik gezien en bijna zonder uitzondering zijn ze fantastisch. Zelfs zijn slechtste film stijgt nog makkelijk boven het gemiddelde filmaanbod uit. Hij weet altijd een onverwacht point of view te kiezen in een meestal heel gewoon verhaal. Dat maakt hem zo goed. Maar Polanski brengt me ook in verwarring. Ik hou niet van mannen van boven de veertig die hun piem in een dertienjarig meisje stoppen. Hou ik echt niet van. De Poolse rechter deed deze week uitspraak: de inmiddels tweeëntachtig jarige Polanski wordt niet uitgeleverd aan de Verenigde Staten. Daardoor hoeft hij zijn straf dus niet uit te zitten. De straf op seks met minderjarigen is in de huidige VS onbarmhartig. Zo onbarmhartig dat je vragen gaat stellen over de mensenrechten in de VS…

Een paar jaar geleden las ik ‘Het Schervengericht’ van Van der Heijden. Niet zijn sterkste roman overigens. In deze roman verbeeldt Van der Heijden het leven van Polanski in voorarrest in de gevangenis. (Na het voorarrest wist Polanski naar Europa te vluchten en zijn straf te ontlopen.) Een paar scenes in die roman zijn me erg bijgebleven. Van der Heijden beschrijft hoe Polanski de cellen schoonmaakt. De vuiligheid. Vies wc-papier dat hij op moest vegen. Van der Heijden beschrijft dat zo gedetailleerd dat je er een beetje onpasselijk van wordt. Daarmee plaatst hij de geniale filmregisseur – die belangrijk is voor de hele westerse filmcultuur – tegen het decor van het laagste van het laagste. Uiteindelijk natuurlijk een retorische truc om ons rijp te maken voor de gedachte dat Polanski echt niet in de gevangenis thuishoort.

Een tweede scene die ik nog goed voor de geest kan halen is de seks met het 13-jarige meisje. Van der Heijden beschrijft dat haast als seks met een volwassen vrouw. Daarmee versluierend wat het eigenlijk betekent; seks hebben met een meisje. Breng een dag door tussen de brugpiepers op de middelbare school en je beseft wat seks met zo’n meisje betekent! Ze spelen nog met de poppen!

Aan de andere kant…toen ik een brugpiepertje was…toen zat onze muziekleraar Geert, op niet mis te verstane wijze aan achter Gonny met haar enorme boezem. Dat speelde in dezelfde tijd ongeveer als Polanski met zijn dertienjarige. Of het tussen Geert en Gonny ooit tot iets gekomen is, weet ik niet omdat ik me als een geslagen hondje van de strijd had afgekeerd… Het was de tijd dat ‘alles moest kunnen’… maar ik nog weinig tot stand bracht in de liefde…

Van der Heijden’s roman is één grote verdediging van Polanski. Een geëngageerde roman die het onrecht wil aantonen dat Polanski is aangedaan…

In 1979 kwam Polanski’s film Tess of the d’Urbervilles uit. Hoofdrol werd gespeeld door Nastassja Kinski. Ze was toen zeventien jaar en Polanski’s minares, zo werd verteld. Een film van een hoog romantisch gehalte. Het gaat over een arm boerengezin dat erachter komt dat ze waarschijnlijk uit een verarmde adellijke familie stamt. Dochter Tess wordt erop uitgestuurd om, in de hoop op een beter leven, de familierelatie te bevestigen bij de rijke familie met dezelfde achternaam. Daar wordt ze verkracht en begint haar ellendige leven dat uiteindelijk eindigt aan de galg.

Nastassja Kinski. Dochter van de geniale, maar krankzinnige, acteur Klaus Kinski. Ik was jaloers op Polanski. Wat een prachtige meid! Hij boven de veertig, zij zeventien en ik twee jaartjes ouder dan Nasstasja. Wie had er meer recht op haar? De oude viespeuk!!!